Monddood maken doet u zo

Jongste trend onder Afrikaanse machthebbers: het aannemen van vernuftige wetten die het maatschappelijk middenveld knevelen. De Verenigde Naties stelden uit zorg een speciale rapporteur aan. 'De ruimte voor mondigheid krimpt met de dag.'

Wat er met hem kan gebeuren als hij nu teruggaat naar Rwanda? "Van alles. Ik kan bedreigd worden of nog veel erger. Collega's van me zijn al gemarteld en gevlucht naar Oeganda." Laurent Munyandilikirwa (58) kijkt verrassend opgewekt bij deze macabere opsomming. Hij krabt wat aan zijn grijze slapen. Het is een poging om de sfeer een beetje luchtig te houden. Vooral ook voor hemzelf.

De Rwandese advocaat en mensenrechtenactivist zit vast in Den Haag. Hier kwam hij ruim drie maanden geleden in het kader van Shelter City van Justitia et Pax. Een programma dat bedreigde mensenrechtenverdedigers tijdelijk onderdak biedt en de mogelijkheid hun werk voort te zetten in een veilige omgeving. Mun-yandilikirwa zet zich met zijn advocatenpraktijk in de Rwandese hoofdstad Kigali al decennia in voor mensenrechten en was tot voor kort voorzitter van de Rwandese mensenrechtenliga Liprodhor. Volgens Amnesty International en Human Rights Watch (HRW) "een van de laatste effectieve mensenrechtenorganisaties in Rwanda. Zo niet de laatste."

De jurist pleitte namens Liprodhor voor eerlijke verkiezingen, humane omstandigheden in gevangenissen en een eerlijke procesgang. Liprodhor maakte daarin geen onderscheid in religie of etniciteit - een beladen onderwerp in Rwanda, waar twintig jaar geleden een genocide plaatsvond waarbij een miljoen Tutsi's en gematigde Hutu's omkwamen.

Maar een jaar geleden werd hij plots uit zijn voorzitterschap ontheven. "Het gebeurde tijdens een illegale zitting waar ik en andere kritische leden niet van op de hoogte waren", vertelt hij vanuit het kantoor van Justitia et Pax in Den Haag. "De politie wist er wel van; die bewaakte de bijeenkomst. Voor het transport van leden van buiten de stad is door derden betaald. Het is duidelijk dat de overheid hier de hand in had." Navraag bij de Rwandese autoriteiten door HRW leverde niks op: wij bemoeien ons niet met interne beslissingen van organisaties, was het antwoord.

Zorgelijke trend

Munyandilikirwa is volgens een speciaal rapporteur van de Verenigde Naties, de Keniaan Maina Kiai, het levende voorbeeld van een zorgelijke trend in Afrikaanse landen; het knevelen van kritische burgers via zogeheten CSO-wetten. Deze wetten gericht op 'civil society organizations' (burgerorganisaties) zijn ontworpen om het maatschappelijk middenveld te monitoren en te onderdrukken. Door een slimme combinatie van regels die betrekking hebben op het registratieproces, de financiering, toegang tot informatie en het recht op bijeenkomst, kunnen deze maatschappelijke organisaties vaak geen kant meer op.

VN-rapporteur Kiai zegt vanuit Nairobi dat in tal van Afrikaanse landen de laatste jaren veel angst is voor het maatschappelijk middenveld. "Mensen die uit principe kritiek leveren, zijn veel enger dan oppositiepolitici. Hun kan altijd verweten worden dat ze uit zijn op macht. Maar sinds de Arabische Lente worden steeds meer regimes zenuwachtig als grote groepen burgers bij elkaar komen. Zeker als ze de straat opgaan. Tegenkrachten zonder politieke belangen zijn moeilijker te bestrijden. Dus wordt het burgers al moeilijk gemaakt überhaupt samen te komen. De ruimte voor mondigheid krimpt met de dag, daarom is mijn functie in het leven geroepen." Jurist en activist Kiai is sinds 2011 de eerste VN-rapporteur voor 'de vrijheid van vreedzame vergadering en vereniging'.

Om de CSO-wetten te rechtvaardigen gebruiken de regimes vaak een nationaal bindende factor. In het geval van Rwanda is dat de genocide. "De vrees voor een nieuwe genocide mag niet worden gebruikt om fundamentele vrijheden te belemmeren", schreef Kiai vorige maand in een kritisch rapport over Rwanda. "Hoewel ik de enorme vooruitgang van Rwanda op het gebied van infrastructuur, instituties, stabiliteit en veiligheid erken, maak ik me zorgen om het bestaan van een wettelijk kader dat dissidenten het zwijgen oplegt."

Gidsland in deze trend is Ethiopië. Het land associëren we hier nog ten onrechte met honger en hulpacties. Maar op het continent wordt Ethiopië vaak als lichtend voorbeeld aangehaald. Vanwege het rijke verleden: het is als enige Afrikaanse land nooit gekoloniseerd. En vanwege het heden: het is één van de snelst groeiende economieën op het continent en laat zich nog altijd weinig door het Westen vertellen, bijvoorbeeld over mensenrechten. Een populaire houding op een continent dat opnieuw bevangen is van het panafrikanisme.

Afrikaanse leiders zoals de Rwandese president Paul Kagame, ook wars van westerse bemoeienis en bewonderaar van Ethiopië, keken daarom met interesse naar hoe wijlen premier Meles Zenawi - na zijn dood in 2012 opgevolgd door Hailemariam Desalegn - het maatschappelijke middenveld wist te knevelen met de antiterrorismewet uit 2009. In Somalië is Ethiopië betrokken bij de vechtmissie van de Afrikaanse Unie tegen de islamitische terreurgroep Al-Shabaab. Ethiopië heeft nog geen vergeldingsaanslagen op eigen bodem gehad zoals Kenia, dat ook deelneemt aan de missie in Somalië. Toch gebruikt het regime terreurdreiging en nationale veiligheid om kritische stemmen te doen verstommen.

Ook die van journalisten, bloggers - sinds april zitten zes jonge bloggers vast wegens 'aanzetten tot chaos en destabilisering met buitenlands geld' - en gemarginaliseerde etnische groepen. Zo eist de Oromo, de grootste etnische groep, meer politieke invloed in hun regio. In mei leidde dat tot studentenprotesten waarbij tientallen jongeren de dood vonden.

Anti-homowet

Ook Yoweri Museveni, al 28 jaar aan de macht in Oeganda, heeft goed naar het Ethiopische model gekeken. Als er in zijn land meer dan drie mensen samenkomen om 'politieke zaken te bespreken' moet de politie daar toestemming voor geven. De beruchte anti-homowet die dit jaar is aangenomen wordt door kenners dan ook gezien als de zoveelste manier om allerlei mensenrechtenorganisaties, die zich naast homo-emancipatie ook met bijvoorbeeld voorlichting over democratie of vrouwenrechten bezighouden, te knevelen.

Salva Kiir, sinds drie jaar leider van Afrika's jongste staat Zuid-Soedan, moet de nieuwe CSO-wet nog ondertekenen. De huidige crisis in het land zorgt voor vertraging. Maar mensenrechtenactivisten en kritische journalisten trekken al langer aan de bel omdat ze geen vrijheid hebben.

Opvallend: Ethiopië, Rwanda, Oeganda en Zuid-Soedan zijn donor darlings. Ondanks hun belabberde mensenrechtenstatus, ontvangen ze veel geld en hulp uit het Westen. Ook uit Nederland. Kiai vindt het dan ook betreurenswaardig dat steeds meer westerse landen kiezen voor een 'resultaatgerichte aanpak' bij ontwikkelingssamenwerking. "Ze geven het geld graag aan verlichte dictators die het geld efficiënt besteden en de corruptie laag houden." Al gaat dat voor Zuid-Soedan en Oeganda, waar corruptie welig tiert, echt niet op.

De lijst van landen die met wetten maatschappelijke en burgerorganisaties willen gaan muilkorven is langer: de VN-rapporteur weet dat "Zambia en Nigeria erover denken". Ook in Kenia, Congo en Burundi zouden ze op de ontwerptafel liggen. Kiai benadrukt dat deze wetten geen typisch Afrikaans fenomeen zijn - hij wijst op Azerbeidzjan, Pakistan en Jemen met soortgelijke wetten. Toch is volgens hem de Arabische Lente in Noord-Afrika een kantelmoment geweest voor leiders bezuiden de Sahara.

"Onder machthebbers ontstond er veel angst voor wat burgerbewegingen om de hoek voor elkaar kunnen krijgen", verklaart Kiai. "Maar door vreedzame burgerinitiatieven te muilkorven halen zij zich een veel groter probleem op de hals. Het nut van het maatschappelijk middenveld is dat klachten of grieven van burgers op transparante wijze de machthebbers bereiken. Maar als je alle wegen afsnijdt en iedereen muilkorft, wenden burgers zich tot extremere platforms. Kijk naar Egypte. De Moslimbroederschap had nooit zo groot kunnen worden als Moebarak ruimte had geboden aan gematigde oppositie. De machthebbers beseffen niet dat ze juist een enorm veiligheidsprobleem creëren door burgers monddood te maken."

Sinds Rwandees Munyandilikirwa in Nederland verblijft, is er in Rwanda een toename van arrestaties en verdwijningen. De populaire zanger Kizito Mihigo en radiojournalist Cassien Ntamuhanga zijn bijvoorbeeld opgepakt. Onlangs hebben de Verenigde Staten, een bevriende natie, grote zorgen geuit en het belang van vrijheid van meningsuiting in Rwanda benadrukt. Een dag later zei President Kagame dat zijn land doorgaat met het "arresteren en zelfs ter plaatse neerschieten van mensen die de nationale veiligheid van het land in gevaar willen brengen".

Munyandilikirwa vecht de overname van het bestuur van Liprodho via de rechter aan. Maar zijn veiligheid is ondertussen onzekerder geworden. Hij heeft bedreigingen ontvangen. Zijn aanvankelijk verblijf van drie maanden in Nederland is met nog eens drie maanden verlengd. "Maar daarna moet ik echt terug. Ik wil ook weer naar mijn gezin en mijn kantoor. Je kunt veel met een telefoon en een laptop. Maar mijn leven is daar."

Hoe werkt het per land?

Ethiopië richt zich op de geldstromen en telecommunicatie van maatschappelijke organisaties. Niet meer dan tien procent mag buitenlands geld zijn. En de geheime dienst beschikt over geavanceerde apparatuur uit Europa en China om dissidente geluiden in binnen- en buitenland op te sporen, meldde Human Rights Watch in maart. Deze week nog werd bekend dat oppositieleider Andargachew Tsige, die naar Groot-Brittannië was uitgeweken, is opgepakt in Jemen en uitgeleverd aan Ethiopië. Hij is in 2009, het jaar dat de antiterrorismewet ingevoerd werd, met een grote groep andere dissidenten en kritische journalisten bij verstek veroordeeld tot de doodstraf.

Stok waar het regime mee kan slaan: terreurdreiging.

Rwanda maakt het registratieproces voor ngo's ingewikkeld en eist melding van algemene vergaderingen. "Een bedrijf registreren kan in zes uur, maar de registratie van een ngo kan wel zes maanden in beslag nemen", becommentarieert VN-rapporteur Kiai. "Allemaal tijd die organisaties niet kunnen besteden aan onrecht aankaarten. De procedure is vaak ook nog eens kostbaar." De Rwandese wet zegt ook dat algemene vergaderingen 30 dagen van tevoren bij de autoriteiten gemeld moeten worden. Er staan flinke straffen op 'illegale' bijeenkomsten.

Stok waar het regime mee kan slaan: genocidedreiging.

Oeganda hanteert eveneens een ingewikkeld registratieproces, dat ook nog eens elk jaar opnieuw moet. Ook eist de overheid zeggenschap in de datum en de plaats waar burgerorganisaties samenkomen. Ook moeten organisaties eerst toestemming van de autoriteiten krijgen voordat ze 'direct contact maken met burgers'. Buitenlands geld dient gestort te worden op de Bank van Oeganda.

Stok waarmee het regime kan slaan: aanwakkeren van instabiliteit (vaag begrip, waar ook het 'promoten van homoseksualiteit' onder valt).

Debattenreeks over repressie in Amsterdam

Het Ministerie van buitenlandse zaken, het Breed Mensenrechten Overleg (BMO) en Spui25 organiseren in Amsterdam een serie debatavonden over repressie van mensenrechtenverdedigers. Deel 1 op 11 september is een introductie en kijkt naar de gevolgen van 9/11. De nieuwe mensenrechtenverdediger van het Shelter City initiatief, de Pakistaanse Kamal Khan, zal spreken. Info: www.justitiaetpax.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden