Mode van palmleer en tweedehands jasjes

Het streven naar duurzaamheid biedt kansen om op een nieuwe manier met materialen om te gaan. Vier ontwerpers praten over hun unieke jasjes, jurken en schoenen.

Natalie de Koning - I am Nold

'Recyclen en duurzaamheid staan centraal in mijn ontwerpen. In mijn afstudeershow van de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht in 2011 gebruikte ik restleer, stof die geverfd was met thee en kunststof van een bedrijf waar bewust wordt omgegaan met energie en materiaal.

De ontwerpen waren een kritische knipoog naar ons consumentenpatroon. De outfits waren gebaseerd op de vorm van diamant en hadden een luxueuze uitstraling. Maar de knopen en pailletten waren van plastic. De collectie heette 'authentes', waarmee ik wilde zeggen dat mensen als echt willen overkomen door zich te omringen met luxe, maar dat die identiteit nogal nep is.

Vorig jaar liep ik stage bij duurzame-modeontwerpster Elsien Gringhuis en zette ik mijn eigen label op, I am Nold. Nold is een samentrekking van new en old. Ik maak iets nieuws van iets ouds. Ik gebruik tafelkleden voor een tas, oude gordijnstof voor een blouse, een bedsprei voor een jas en leer van een bankstel voor een portemonnee. Als ik nieuwe materialen gebruik, zijn die altijd ecologisch of fairtrade.

Voor een project van de Nederlandse ambassade in Brussel vorig jaar maakte ik drie outfits rond het thema 'oude ambachten, nieuwe technieken'. Om inspiratie op te doen, ging ik mee met een inboedelruimer in de Utrechtse wijk Ondiep. Het huis was van een overleden man die daar 80 jaar had gewoond. Het was alsof zijn hele levensverhaal aan me voorbijtrok. Ik heb stukken gordijnstof en tapijt gebruikt in mijn ontwerpen, maar ook de plastic nepplanten. De klassieke stijl en traditionele vormen uit de fotoalbums inspireerden me bij het ontwerpen van het totaalplaatje van kleding en schoenen.

Het kleuren van de stoffen deed ik op een ouderwetse manier. Voor het lichte beige legde ik de stof thuis te weken in een teil met sterke vruchtenthee. Voor de andere kleuren ging ik naar verfmolen De Kat op de Zaanse Schans. Dat is de enige overgebleven verfmolen ter wereld die nog in bedrijf is. Voor mijn ontwerpen gebruikten we meekrapwortel en cachou, de hars van de acaciaboom. Ik geloof in slow fashion. De modellen bij mijn show tijdens de Berlin fashion week liepen veel langzamer dan bij andere shows."

De ontwerpen van Nathalie de Koning zijn te bestellen via de website www.iamnold.com

Carel van Laere - Unique Pieces

'Elk kledingstuk dat ik maak is uniek en met de hand gemaakt. Ik combineer verschillende materialen uit oude kledingstukken en verwerk die tot iets nieuws. Dat doe ik inmiddels tien jaar.

Daarvoor had ik twee jaar een eigen label maar dat ging mis omdat ik met de verkeerde mensen werkte. Ik was toen net in Italië en zat op een bepaald moment aan de grond. Op een tweedehands markt kocht ik een klassiek kleermakersjasje waar ik de voering en het binnenwerk uit haalde, zodat er een licht model over bleef. Daar heb ik m'n eigen draai aan gegeven met stiksels en afwerking. Dat jasje werd een enorme hit. Onderzoeksteams van Calvin Klein en Vivienne Westwood kochten mijn ontwerpen en pikten de stikseltrend op. Steven Tyler van Aerosmith en Marco Borsato hebben een jasje van mij in de kast hangen.

Met het hergebruiken van bestaande kledingstukken toon ik respect voor de vele uren arbeid die erin hebben gezeten. In een goed in elkaar gezet kleermakersjasje zit 50 tot 60 uur werk. Als ik het uit elkaar haal en tot een nieuw kledingstuk bewerk, ben ik anderhalve dag bezig. Ik beperk me meestal tot bovenkleding voor mannen, voor vrouwenjasjes en broeken heb je patronen nodig en kan je niet zo makkelijk verschillende materialen gebruiken.

Het is best lastig om genoeg goede basisstukken te vinden. Gelukkig hebben de tweedehands kledingmarkten in Milaan een groot aanbod van kwalitatief hoogstaande kleding. In Nederland is dat niet meer te vinden. Tot voor kort struinde ik elke zondagochtend alle markten af, maar inmiddels heb ik ook wat andere adresjes.

Van een chique leerlooierij buiten Milaan koop ik de resten op en voor mijn huidige collectie met wol ga ik naar het stadje Prato. Dat is een stoffenwalhalla, een gigantische loods met stapels truien die op kleur gesorteerd zijn en waar je per kilo betaalt. Behalve truien en vesten maak ik ook jasjes en shirts. De jasjes smeer ik dik in met siliconenpasta, zodat de naden verdwijnen en het geheel past als een handschoen. De witte shirts leg ik op de putdeksels op straat om ze te stempelen met blokken verf. De putdeksels in Milaan fascineren mij al jaren, met de naam van de stad of het logo er groot op. Heel mooi. Die shirts zijn erg populair. Misschien dat ik die wereldwijd kan gaan produceren.'

De kleding van Carel van Laere is momenteel alleen te koop in warenhuis Barney's in Tokio. De exclusievere kledingstukken worden verkocht via zijn website www.carelvanlaere.com

Tjeerd Veenhoven - Palm Leather

'De eerste keer dat ik verwerkte palmbladeren zag, was in de wegwerpbordjes van het Hema-merk Return to Sender. Het materiaal fascineerde me. Ik ging naar India en vroeg bij de fabriek die ik bezocht of ze me wat palmbladeren konden opsturen.

Wonderbaarlijk genoeg kwamen die dingen aan en kon ik beginnen met ontwerpen. Als ze nat zijn, krijgen palmbladeren hun originele vorm terug, dan zijn ze buigzaam en relatief sterk. De truc was om ze permanent in die staat te krijgen. Dat is gelukt door ze in te smeren met verschillende plantaardige vetten die als restproduct van de voedselindustrie niet meer geschikt zijn voor consumptie.

De conserveringsmiddelen waren een grotere uitdaging, die moeten voorkomen dat er schimmels of beestjes in het blad komen. Conserveringsmiddelen variëren van citroenzuur tot zware chemicaliën. Ik wilde het zo natuurlijk mogelijk houden en zit dus meer aan de citroenzuurkant.

Palmleer is niet zo'n goede vervanging van leer als bijvoorbeeld skaileer maar dat is niet erg. We hebben nu een hotelslipper op de markt voor eenmalig gebruik. Die is biologisch afbreekbaar. Als ontwerper ben ik niet vies van synthetische materialen, als ze tenminste op een zinvolle manier worden benut. Hotelslippers worden vaak maar één keer gedragen. Dan is het zonde om daar plastic voor te gebruiken.

Voor de productie van palmleer hebben we een fabriekje opgezet in India. Daarnaast zetten we in Bangalore een lab op, waarin veertig studenten toepassingen van palmleer gaan onderzoeken. Werken met een patent vind ik niet meer van deze tijd, bovendien is onze techniek zo simpel dat je die in een middag in het lab kunt ontcijferen.

Ik heb geen probleem met het delen van kennis maar houd wel graag zicht op wie die kennis toepast. Ik steun lokale ondernemers die een palmleerfabriekje willen opzetten. Ik leen ze geld en geef ze een afnamegarantie. Zelf houd ik daar een bescheiden rendement van twee tot vijf procent aan over. Maar wat belangrijker is: door te werken met kleine fabriekjes heb ik weinig omkijken naar de productie en hebben lokale ondernemers de kans een eigen bedrijfje op te zetten."

De ontwerpen van palmleer zijn te zien op www.tjeerdveenhoven.com.

Mingus Vogel - Superkoeien

'Twee jaar geleden liepen medeoprichter Jorg van de Ven en ik stage in Kenia bij een afvalverwerking- en recyclingbedrijf. Dat bedrijf was bezig onafhankelijk te worden van ontwikkelingshulpgeld. Wij hebben een businessplan voor hen geschreven, zodat werknemers ten minste elke maand salaris kregen uitbetaald en de doorloop van personeel kleiner werd.

Tijdens onze stage kwamen we tot het inzicht dat een 'echt' bedrijf veel duurzamer is dan een ontwikkelingsbedrijf. Daarnaast vonden we de schoenen van de lokale bevolking heel gaaf. We besloten die naar Nederland te importeren. Het leer van de schoenen is van Keniaanse koeien en veel minder bewerkt dan gangbaar leer. We gebruiken de vacht van de dieren, met de haren er nog aan. Dat heeft als voordeel dat de schoenen niet zo snel vies worden. Als er troep op komt, kan je ze makkelijk schoonmaken met water.

Daarbij sparen we de zwavel en kalk uit die nodig zijn om de haren van de vacht te halen. Voor het looiproces proberen we minder chemicaliën te gebruiken. Voordat we de schoenen naar Nederland konden importeren, moesten ze wel wat beter worden afgewerkt. Er moest een betere voering in en sterkere vetergaten. De lokale fabriek voldeed gelukkig al aan onze eisen.

De werknemers hebben vaste werktijden en vakantiedagen en worden bovengemiddeld betaald. We hebben overwogen hun een percentage van de verkoop te geven maar dat was niet haalbaar. Bovendien wilden we dat geld liever investeren in het transparant krijgen van de keten. We weten van circa een kwart van de koeien waar ze vandaan komen. Dat willen we van elke koe weten, om te kunnen garanderen dat ze goed zijn behandeld.

Om de stoffen die vrijkomen bij het leerlooien op een milieuvriendelijke manier te verwerken, hebben we ons licht opgestoken bij Ecco Tannery Dongen. Zij hebben een verwerkingssysteem opgezet om de chemicaliën uit het water te halen en om te zetten in biogas. Het duurt nog wel even voordat we die kennis in Kenia kunnen toepassen, maar we zijn ermee bezig."

De schoenen van koeienhuid zijn te koop op www.superkoeien.nl en in winkels in Amsterdam, Den Haag en Dordrecht. De prijs varieert van 129,95 euro tot 159,95 euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden