Misverstanden en waanwijsheden over Anne Frank en haar dagboek

Henriette Boas adviseert (Trouw, 7 oktober) om met de Herzberglezingen te stoppen, omdat er kennelijk geen sprekers gevonden kunnen worden die recht doen aan de geestelijke erfenis van de naamgever. Ik heb een beter voorstel: om een stichting Anne Franklezing in te stellen.

GERARD DE HAAS; HENRIETTE BOAS

Er is echter een voorwaarde aan verbonden: Henriette Boas mag nooit voor een Anne Frank-lezing uitgenodigd worden, want wat zij over de beroemdste schrijfster die Nederland ooit gekend heeft, aan waanwijsheden debiteert, is werkelijk bar en boos. De auteur Guus Kuijer heeft zich al eens eerder opgewonden over denigrerende opmerkingen van Annie Romein-Verschoor en anderen als zou Anne Frank een exotisch en zielig meisje geweest zijn, maar omdat dat kennelijk niet tot iedereen is doorgedrongen, doe ik het nog maar eens over.

Het eerste misverstand is dat Het Achterhuis zomaar een dagboek is dat toevallig bewaard is gebleven. Integendeel, het is een afgerond werk, bewust als monografie geschreven, en met de pretentie van een literair werk. De schrijfster heeft ingezien dat het een goed boek zou worden, omdat ze wist dat ze goed kon schrijven en omdat ze voldoende greep op de materie had om een uitgekookte compositie te realiseren, namelijk een onopvallende mengvorm van brieven, journaal en egodocumentatie. Als lezer word je onophoudelijk geraakt door de trefzekere stijl waarmee de spannendste, intiemste, beklemmendste en vervelendste gebeurtenissen en waarnemingen beschreven worden.

Het tweede misverstand is dat ze nauwelijks levenservaring had opgedaan en daarom niets interessants te melden zou hebben. Integendeel. Het fascinerende is dat Het Achterhuis een spoedcursus in identiteitsontplooiing laat zien, die niet alleen de jeugdfasen maar ook die van de volwassenheid bestrijkt.

In mijn essay over Anne Frank in 'Het vaderschap van God' (Ten Have, 1979) heb ik de bekende levenslooptheorie van de psycholoog Erik Erikson vergeleken met de in Het Achterhuis beschreven fasen en het opvallende is dat de laatste pagina's precies aansluiten bij de fase van de geestelijke rijpheid van de wijsgeworden mens zoals Erikson die beschrijft. Anne Frank moet een buitengewoon grote, radarachtige intelligentie gehad hebben waarmee ze precies de juiste combinaties maakte uit wat ze waarnam in zichzelf, bij de mensen om haar heen en in de boeken die ze las.

Het derde misverstand is dat ze op goed geluk eens de kreet geslaakt zou hebben dat ze geloofde in de goedheid van de mens, een zinsnede die vervolgens wereldberoemd is geworden. Daarom is het goed uit de laatste bladzijden van Het Achterhuis te citeren: "Het is een groot wonder, dat ik niet al mijn verwachtingen heb opgegeven, want ze lijken absurd en onuitvoerbaar. Toch houd ik ze vast, ondanks alles, omdat ik nog steeds aan de innerlijke goedheid van de mens geloof. Het is ten enenmale onmogelijk alles op te bouwen op de basis van dood, ellende en verwarring. Ik zie hoe de wereld langzaam steeds meer in een woestijn herschapen wordt, ik hoor steeds harder de aanrollende donder, die ook ons zal doden, ik voel het leed van miljoenen mensen mee en toch, als ik naar de hemel kijk, denk ik dat alles zich weer ten goede zal wenden, dat ook deze hardheid zal ophouden, dat er weer rust en vrede in de wereldorde zal komen" .

Ik begrijp absoluut niet waarom Simon Wiesenthal bij de uitreiking van de Erasmusprijs het citaat over de goedheid van de mens niet gebruikt zou mogen hebben, omdat volgens Henriette Boas alleen onwetende dwepers dat doen. Ik zou gezien de context van Het Achterhuis geen beter citaat weten te bedenken!

Tenslotte nog een opmerking over de geestelijke erfenis van Anne Frank. In zijn obsederende Zuckerman-trilogie heeft de Amerikaanse schrijver Philip Roth, die er onomwonden voor uitkomt hoezeer hij zich met Anne Frank heeft geidentificeerd, haar het zusje van Kafka genoemd, na Kafka de beroemdste joodse auteur. Roth is als een literaire Woody Allen zelf onophoudelijk op zoek naar de joodse identiteit in het bijzonder en de westerse identiteit in het algemeen. Een feit is dat Anne Frank de sociale, seksuele en geestelijke identiteitsverwarring buitengewoon beklemmend heeft beschreven, ongetwijfeld de reden waarom Het Achterhuis na 1945 zo aansloeg.

Tot nu toe is de geestelijke erfenis van Anne Frank voornamelijk vertaald als een oproep tot strijd tegen elke vorm van rassendiscriminatie en fascisme. Toch is dat welbeschouwd slechts een onderdeel van een veel breder probleem dat zij in Het Achterhuis behandelt, namelijk het probleem van de geestelijke identiteitsverwarring in de westerse beschaving. Terecht merkt Roth op dat de Praagse spookbeelden van Kafka voor Anne Frank in Amsterdam werkelijkheid geworden zijn.

De beschrijving van die werkelijheid en hoe daar als een zelfbewust individu op te reageren is de werkelijke geestelijke erfenis van Anne Frank.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden