Missiewerk wordt riskanter in Rusland

geloofsvrijheid | Het protestantisme wint terrein in Rusland. Maar nieuwe wetten tegen religieus extremisme hebben gevolgen voor de gelovigen.

De maquette oogt alleszins indrukwekkend. Hier aan de rand van Moskou, in het zicht van het monumentale Tsaritsyno-paleis, moet binnen enkele jaren de grootste protestantse kerk van Rusland verrijzen. Voor Sergej Rjachovski is het gebouwencomplex de bekroning van jarenlange inspanningen en de erkenning dat de protestanten in Rusland een prominente rol spelen, naast de dominante Russisch-orthodoxe kerk, de islam en het jodendom, die van overheidswege zijn bestempeld tot voor Rusland 'traditionele' geloofsrichtingen.

Rjachovski is Ruslands bekendste protestant. Hij is voorman van de pinksterbeweging en sinds de oprichting in 2005 lid van de Publieke Kamer, een soort schaduwparlement gevormd door in het Kremlin goedgekeurde vertegenwoordigers van de samenleving. Een hoge onderscheiding die hij voor zijn werk daar ontving, ziet Rjachovski als 'een gemeenschappelijke verdienste van de hele protestantse beweging in Rusland'.

Drie miljoen protestanten

Het protestantisme in Rusland wint terrein. Dat gebeurt in weerwil van jarenlange tegenwerking uit conservatieve orthodoxe hoek en de emigratie van veel actieve gelovigen naar landen als Duitsland, de VS en Australië. "Volgens onze berekeningen zijn er ondanks alle moeilijkheden nu ten minste anderhalf miljoen actieve protestanten in Rusland", zegt de 60-jarige Rjachovski.

Onderzoeker Roman Loenkin schat het aantal actieve en minder actieve Russische protestanten op drie miljoen. Samen met enkele collega's is hij al jaren bezig het religieuze leven in Rusland in kaart te brengen. Daaruit blijkt dat er in Rusland beduidend meer protestanten zijn dan bijvoorbeeld rooms-katholieken. "In Rusland bestaan momenteel ongeveer tienduizend protestantse organisaties, gemeenschappen en groepen", zegt Loenkin. Terwijl er zo'n driehonderd katholieke parochies zijn.

Naar schatting de helft van de protestantse organisaties in Rusland staat nergens geregistreerd. Eén reden daarvoor is de strengere controle op religieuze organisaties die sinds een aantal jaren bestaat. Maar de oorzaak is ook terug te voeren op de Sovjettijd, toen de protestantse kerken net als andere kerkgenootschappen door de communistische staat werden vervolgd. Ook nadat eind jaren tachtig de teugels werden gevierd, waren veel gelovigen er niet van overtuigd dat hun herwonnen vrijheid blijvend was. Dat was ook de primaire reden voor de exodus van gelovigen uit de Sovjet-Unie.

Strafkamp

"Mijn vader, die predikant was, werd gearresteerd in 1949", vertelt Rjachovski. "Hij kreeg als 'vijand van het volk' tien jaar strafkamp voor wat ze noemden 'religieuze agitatie'. Dat was onder Stalin, maar later is hij nogmaals gearresteerd onder Chroesjtsjov in 1960 en onder Brezjnev in 1971. Hij is drie keer veroordeeld omwille van zijn geloof."

Zulke ervaringen zetten de leden van alle religieuze stromingen aan tot voorzichtigheid. Na de Tweede Wereldoorlog, toen Stalin de kerken meer bewegingsvrijheid gaf, was er in Moskou welgeteld één officieel gedoogde protestantse kerk waar diensten werden gehouden. "Dat was de baptistenkerk", weet Rjachovski. "Er waren ook maar heel weinig Russisch-orthodoxe kerken. Zelf was ik tot 1990 lid en later predikant van de ondergrondse pinkstergemeente. Ik ben daar opgegroeid, heb er de weg doorlopen van diaken tot bisschop. De kerkdiensten vonden plaats bij mensen thuis, in bossen, op afgelegen plaatsen. De KGB hield ons heel scherp in de gaten, dus wij leerden te overleven."

Aan de periferie van het Sovjetimperium, ver weg van het machtscentrum Moskou, was in die tijd de bewegingsvrijheid aanmerkelijk groter. "De atheïstische campagne van de overheid was het hardst in het hart van Rusland", legt Roman Loenkin uit. "In het westen van Oekraïne was in de Sovjettijd zelfs sprake van een explosieve groei van de evangelische beweging, van charismatische en pinksterkerken. Ook in de Baltische staten genoten de kerken meer vrijheid dan in de Russische Sovjetrepubliek."

Omdat gelovigen van alle gezindten in hetzelfde schuitje zaten, groeiden er in die tijd nauwe oecumenische banden, vertelt Rjachovski. "We waren in die verre Sovjetjaren goed bevriend met de geestelijkheid en de parochianen van de Russisch-orthodoxe kerk. We werden immers allemaal vervolgd. Onze priesters en predikanten zaten samen in de kampen en de gevangenissen. We gingen samen ter communie, we baden en doopten samen. Het was een tijd van een bijzondere verbondenheid."

Ook na de ineenstorting van het communistische systeem was er nog een korte periode waarin protestantse predikanten en Russisch-orthodoxe priesters zij aan zij door het land gingen om bijbels te verspreiden. "Predikanten benadrukken nog steeds dat het begin van de jaren negentig de meest vrije periode was", zegt Loenkin. "Het was een tijd van dialoog en er was van de kant van Russisch-orthodoxe priesters geen terughoudendheid om met andere gelovigen om te gaan. Maar dat is later allemaal veranderd."

Billy Graham in Moskou

Na tientallen jaren van atheïstische campagnes beleefde de voormalige Sovjet-Unie in de jaren negentig een religieuze boom. Wonderdokters en gebedsgenezers trokken volle zalen, er was grote belangstelling voor oosterse religies. De Amerikaanse tv-predikant Billy Graham wist in Moskou stadions te vullen. De protestantse kerken zaten sterk in de lift. Ze huurden gebedsruimtes of hielden simpelweg diensten in de open lucht.

Michail Tjoetikov herinnert zich die tijd goed. Hij is sinds 2004 predikant van de goedlopende evangelische kerk Geloof en Leven in Kazan, waar hij in zijn jongerenwerk wordt geassisteerd door de Nederlanders Arjen en Ester den Admirant. "Ik ben in 1991 bekeerd", zegt Tjoetikov. "Er kwamen toen veel mensen naar de kerk, de kerken schoten als paddestoelen uit de grond, tweehonderd, driehonderd, vijfhonderd leden, dat waren normale cijfers. Dat is nu wel voorbij, nu telt een gemiddelde kerk denk ik niet meer dan honderd leden. Grotere kerken zijn zeldzaam."

Tjoetikov werkte eerder regelmatig met drugsverslaafden en alcoholisten, die op hun beurt de kerk hebben verrijkt, zegt hij. "In de eerste jaren van mijn functie als predikant werd onze kerk gevuld door mensen die een periode van geestelijk herstel doormaakten. Dat was een enorme zegen voor de gemeenschap, want zij leerden ons zuiver te zijn, open en eerlijk in onze onderlinge verhoudingen. En hun hang naar het evangelie, naar God, inspireerden heel sterk. Daarna zijn wij nieuwe kerken gaan stichten."

Juist die sociale betrokkenheid van veel protestantse kerken is volgens Loenkin cruciaal voor de huidige groei van de protestantse beweging in Rusland. "Je ziet dat ook in andere landen. Kerken als de pinkstergemeente bieden mensen een oplossing voor concrete sociale problemen. Ze bieden tijdens hun diensten een ontmoeting met de levende God, zonder tussenpersonen. Het gevoel van een persoonlijke God is heel sterk. Behalve dat is er een sterke emotionele beleving van saamhorigheid van mensen binnen de gemeenschap, iets dat de Russisch-orthodoxe kerk in de jaren negentig en de eerste tien jaar van deze eeuw niet kon bieden."

Toch roepen protestanten bij een deel van de Russische bevolking argwaan op. "Een gevolg van de Sovjetpropaganda", zegt Rjachovski. "Die brandmerkte alle protestanten als spionnen van het Westen, als dragers van een voor Russen wezensvreemde traditie, cultuur en religie. Onzin, want ik ben zelf een Rus. Mijn vader is geboren op het platteland in Lipetsk, hij had nog nooit een levende Amerikaan gezien, wist niet eens waar Amerika lag. Maar hij is veroordeeld als een Amerikaanse religieuze spion. Helaas is dat sjabloon in de hoofden van veel mensen gebleven."

Vanaf het eind van de jaren negentig maakt de religieuze wildgroei plaats voor hernieuwde toenadering tussen de confessies. Er kwam een overkoepelende organisatie waartoe vrijwel alle protestantse kerken toetraden. De contacten met de orthodoxe kerk werden verder aangehaald en zijn vooral de laatste jaren zienderogen verbeterd. Op het hoogste niveau dan, want zowel Rjachovski als Loekin benadrukken dat de onderlinge contacten tussen orthodoxen en protestanten in de regio's veel te wensen overlaten.

"Ergens tot het eind van het eerste decennium van deze eeuw negeerde de Russisch-orthodoxe kerk de Russische protestantse kerken volkomen", zegt Loenkin. "Er is veel veranderd met het aantreden van patriarch Kirill, toen metropoliet Illarion de afdeling externe betrekkingen onder zijn hoede kreeg." Illarion, in deze functie de opvolger van Kirill, streeft volgens de wetenschapper naar een volwaardige dialoog tussen de Russische kerken. "Hij handelt naar Europees voorbeeld."

Religieus extremisme

De Russische protestanten en ook vertegenwoordigers van andere kleinere religieuze stromingen hebben niettemin reden tot zorg. Afgelopen zomer aangenomen wetswijzigingen die beogen terrorisme en religieus extremisme tegen te gaan, hebben directe gevolgen voor het functioneren van protestantse en andere kleinere kerken in Rusland. De drijvende kracht achter dit pakket maatregelen is Irina Jarovaja, een prominent lid van de Kremlinpartij Verenigd Rusland. De nieuwe wetgeving legt missiewerk aan banden, verbiedt het houden van religieuze bijeenkomsten buiten kerkgebouwen, zoals in huiselijke kring, en eist dat missionarissen zich kunnen legitimeren.

Volgens de protestantse kerken zijn de nieuwe regels in strijd met de grondwet en ze willen die daarom voorleggen aan het Constitutioneel Hof. Net zomin als moslim- of joodse organisaties zijn zij geconsulteerd bij de voorbereiding van de wetsontwerpen, die gelovigen die niet tot de Russisch-orthodoxe kerk behoren potentieel verdacht maakt en ruimte schept voor willekeur.

Op grond van de nieuwe wet zijn al diverse gelovigen opgepakt en tot boetes veroordeeld. Rjachovski schampert van 'chaotische pogingen de wet toe te passen waar dat onmogelijk is'. Zo werden twee Amerikanen opgepakt die een protestantse kerkdienst bijwoonden in de provincie Kaloega. In Sint Petersburg is een priester van een afgesplitste orthodoxe kerk aangehouden en eveneens beboet, nadat hij voor een joods gezelschap een lezing had gehouden over het christendom en volgens de rechter zijn gehoor trachtte te bekeren.

In Orjol is een Amerikaanse missionaris uit de pinksterbeweging opgepakt en in hoger beroep veroordeeld tot een boete van veertigduizend roebel (550 euro) voor het organiseren van een bijbelstudiegroep. Een 26-jarige inwoonster van de stad had aangifte gedaan, na het zien van een folder. "Het was mijn burgerplicht, ik kon niet zwijgen en heb de folder naar de politie gebracht", zei ze tegen de rechter. Het geeft aan dat, de groei van protestants Rusland ten spijt, missiewerk in Rusland weer steeds riskanter wordt.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden