Missie was een maatje te groot voor Nederland

Uruzgan heeft Nederland zijn kabinet gekost. De PvdA is de boosdoener, want die zou af willen van haar draaikont-imago. Maar was het aanvaarden van deze missie niet te ambitieus voor Nederland?

Haroon Parvani

In 2006 richtte de genie-eenheden van het Nederlandse leger in Uruzgan Kamp Holland in. Wat weinigen zich nog herinneren, is dat diezelfde genie twee jaar eerder de haringen van de militaire tenten in Baghlan de grond in heeft geslagen, voor het PRT (provinciale reconstructie team) het noorden van Afghanistan. Militairen praten met weemoed en blijdschap over hun successen daar. In het zuiden liep de missie vanaf het begin mank.

Niet vanwege het bommengevaar maar door de overschatting van zichzelf en onderschatting van de vijand en de situatie in het zuiden. Nederland moest jonglerend de drie ballen van wederopbouw, veiligheid en bescherming van zichzelf in de lucht houden.

Een wederopbouwmissie in een onveilig gebied was de opdracht. Maar daarvoor moest Nederland het hoofd breken over de vraag wat eerst komt: wederopbouw of veiligheid. Een dilemma diende zich aan. Want zolang er geen veiligheid was, kon de wederopbouw niet van start gaan. Maar zonder wederopbouw, zou er ook geen veiligheid komen.

De vraag die nu als een woestijnstorm door onze hoofden raast is: welk zand heeft de Nederlandse politiek verblind om ondanks dit onbeantwoorde dilemma toch troepen vanuit het rustige noorden naar Uruzgan, het onveilige zuiden te sturen?

De wereldpolitiek wordt bepaald door emoties, met name vernedering, angst en hoop, doceert de Franse hoogleraar internationale betrekkingen Dominique Moïsi. Zo kampt Nederland als kleine militaire macht voortdurend met de angst om als minderwaardig te worden aangezien binnen de Navo. Dit gevoel van angst, gevoed door het minderwaardigheidscomplex, heeft de Nederlandse politiek aangezet tot het accepteren van deze onmogelijke opgave: de missie-Uruzgan. Was het benoemen van Jaap de Hoop Scheffer als hoofd van Navo geen ’aai over de bol’ van dit kleine landje?

Moïsi zegt dat de emoties onze gedachten en handelingen sturen. Bij die emoties zoeken en vinden we woorden, argumenten, beelden, wat al niet. Dat doen we schijnbaar om ons gelijk aan te tonen, maar in feite ter aankleding van de ingeving waardoor we bevangen zijn.

De Nederlandse politiek is momenteel bevangen door een gevoel van vernedering in Uruzgan. Noch op het gebied van wederopbouw noch op het militaire vlak zijn de doelen bereikt die men voor ogen had. Het argument afspraak is afspraak voor het beëindigen van een missie die zo veranderlijk is als het Nederlandse herfstweer, klinkt even ridicuul als een brandweerman tijdens het bestrijden van een vuurzee zou zeggen: de mazzel, ik moet weg want het is vijf uur!

Wonderbaarlijk heeft de Nederlandse politiek toch ondanks de donkere wolken van argwaan het licht gezien. De politiek heeft ingezien dat het niet langer op deze wijze verder kan. Het was aanvankelijk een wederopbouwmissie die gaande weg in een vechtmissie veranderde.

Nederlanders hebben eerder bewezen dat ze geen vechtnatie vormen, bijvoorbeeld in Srebrenica. Maar Afghanistan is groot, kies een andere windrichting en doe waar je goed in bent: bouwen en verbouwen. Bouw wegen, bruggen, scholen en ziekenhuizen voor Afghanen en leer hen hoe ze zelf moeten bouwen. Geef hen alternatieve gewassen en doceer hen hoe ze zelf kunnen zaaien.

Westerse mogendheden zullen niet tot in de eeuwigheid in de regio blijven. Afghanen moeten het op een gegeven moment zelf doen. En dat kunnen ze zeker wel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden