Column

Missie tegen IS kan de coalitie breken

"Het was daarom terecht dat SP-fractieleider Roemer de vraag opwierp of bombarderen wel effectief is in de strijd tegen IS. Sterker nog, hij voerde aan dat deze aanpak zelfs contraproductief kan uitpakken, omdat ervaringen leren dat bommen een solidariserend en mobiliserend effect hebben." Beeld anp

HANS GOSLINGA   De politieke steun voor een militaire missie is in het Nederlandse parlement zelden zo breed geweest als nu voor de missie tegen de terreurbeweging Islamitische Staat. Maar minstens zo groot, al zegt niet iedereen het hardop, is ook de twijfel over de effectiviteit van 'het indammen van het barbaarse kwaad' door middel van bombardementen.

Die twijfel blijkt misschien nog wel het sterkst uit het veel gehoorde imperatief 'dat niets doen geen optie is'. Dat lijkt vooral op een bezwering van de publieke emoties die het ongekende geweld van IS oproept. Tegelijk klinkt er een zekere onmacht in door. Van een weloverwogen politieke strategie om dit deel van het Midden-Oosten veilig te maken is in elk geval geen sprake, als dat al in de macht van de westerse wereld ligt.

VVD-fractieleider Zijlstra zei donderdagavond in het Kamerdebat dat hij nooit eerder zo sterk de noodzaak voelde met een missie in te stemmen als nu. Tegelijk was hij realistisch over het doel. "De missie zal niet eindigen met de witte vlag die door de vijand wordt gehesen." Het gaat vooral om het verzwakken van IS, het indammen van het kwaad en het voorkomen van terreurdaden binnen onze eigen grenzen.

Het parlement deelt in grote lijnen deze benadering, ook vanwege het krachtige politieke signaal dat de democratische westerse wereld hiermee afgeeft, maar de politici liepen te gemakkelijk weg van de vraag naar de effectiviteit van bombardementen. In politieke zin mag niets doen geen optie zijn, voor het moreel van de militairen en het thuisfront is het wel degelijk van betekenis dat een operatie kans van slagen heeft en uitzicht biedt op verbetering.

Geslepen wapen
Von Clausewitz, de vader van de moderne krijgskunde, schreef twee eeuwen terug dat de fysieke krachten in een oorlog zich bijna nooit anders voordoen dan als het houten heft, terwijl de morele krachten 'het edele metaal, het eigenlijke, blinkend geslepen wapen zijn'. Om dat wapen scherp te houden, mag van de besluitvormers worden verwacht dat zij verder kijken dan hun neus lang is. Het drama-Srebrenica is in dit opzicht een harde les voor Nederland geweest.

Het was daarom terecht dat SP-fractieleider Roemer de vraag opwierp of bombarderen wel effectief is in de strijd tegen IS. Sterker nog, hij voerde aan dat deze aanpak zelfs contraproductief kan uitpakken, omdat ervaringen leren dat bommen een solidariserend en mobiliserend effect hebben, in dit geval dus IS in de kaart spelen. Deze overwegingen brachten de SP ertoe de missie af te wijzen, daarmee voor de zoveelste keer haar excentrische positie in het krachtenveld bevestigend en haar kansen op deelname aan een volgend kabinet verkleinend.

Van de Amerikaanse politicus Tip O'Neill uit de vorige eeuw is de uitspraak 'all politics is local'. Hoe cynisch ook, dat geldt ook, misschien wel bij uitstek, in deze kwesties, niet alleen in de VS, ook in Nederland. Hoewel de SP zich daaraan niet stoort, zijn de marges voor Nederland als Navo-lid en trouw bondgenoot van de VS op dit vlak smal, maar voor de partijen in de hoofdstroom net breed genoeg om voluit politiek te bedrijven.

Regeringswil
De afgelopen twaalf jaar, vanaf de val van het tweede kabinet-Kok over Srebrenica, bleken controverses over missies verscheidene keren aanleiding voor een breuk of bijna-breuk in een coalitie en daarmee de opmaat voor nieuwe combinaties. De toenmalige D66-fractieleider Dittrich gaf in 2005 zelfs openlijk in de Kamer toe, dat het verzet van zijn fractie tegen de missie in Uruzgan niet inhoudelijk was gemotiveerd, maar tot doel had de PvdA te paaien en zo de val van Balkenende II naderbij te brengen. In die fase wilde de PvdA vanuit de oppositie door steun aan de missie juist weer van haar regeringswil blijk geven.

In het debat van deze week viel het op dat het CDA als een klassieke oppositiepartij de beuk zette in de latente breuklijn in het kabinet, het besluit om de missie tot Irak te beperken en voor het optreden van de Amerikanen boven Syrië slechts begrip te tonen. Een duidelijk compromis tussen de precieze PvdA, die een stevig volkenrechtelijk mandaat noodzakelijk acht, en een rekkelijke VVD. Met zijn robuuste opstelling de Amerikanen te volgen zette Buma de liberalen onder druk en leek zo voor te sorteren op hernieuwde samenwerking.

Tot een breuk hoeft het niet te komen. De opstelling van PvdA-fractieleider Samsom laat een opening voor een interventie in Syrië op humanitaire gronden. Buma heeft de kwestie wel op scherp gezet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden