Minister wil loonsverhoging voor leraren gedeeltelijk bij ambtenaren halen

Van onze onderwijsredactie AMSTERDAM - Op een algehele loonsverhoging van tien procent hoeven leraren niet te rekenen. Minister Ritzen maakte dat vorige week meteen duidelijk, nadat het Leidse onderzoeksbureau Research voor beleid de salarisachterstand van het onderwijs had berekend.

De minister heeft geen behoefte de uitkomst te betwisten en vindt dat het rapport overtuigend aantoont dat er salarisachterstanden zijn. "Er moet een geloofwaardig antwoord op komen. Ik zal daarvoor met staatssecretaris Wallage mijn nek uitsteken de komende tijd. Wij zullen grote inspanningen leveren om aan het benodigde geld te komen."

Of hij zal streven naar het 'vinden' van de hele 1,3 tot 1,6 miljard die de Leidse onderzoekers genoemd hebben, laat hij voorlopig in het midden. In principe denkt de bewindsman aan drie financieringsbronnen: de algemene middelen, de onderwijsbegroting en - verrassend - het budget voor de arbeidsvoorwaarden van alle overheidsdienaren.

Hij gaat dus proberen ambtenaren te laten meebetalen aan het verkleinen van de salarisachterstand van leraren. Hij zal een beroep doen op de onderwijsbonden, opdat die hun collega's van de ambtenarenbonden warmkrijgen voor dit plan.

Moeten agenten vrijwillig inleveren voor de leraren? Ritzen: "Nee, het voorbeeld van de politie zou ik liever niet als eerste willen gebruiken. Maar ik zie wel extra ruimte in het arbeidsvoorwaardenoverleg dat Binnenlandse zaken voert voor alle ambtenaren. We kunnen geen laadje met geld opentrekken. De algemene middelen zijn te beperkt voor het gehele bedrag waaraan wij denken, de onderwijsbegroting eveneens. Bijna alles wat je daar weghaalt, kan ten koste gaan van de kwaliteit van het onderwijs."

Voor een algehele loonsverbetering ontbreken volgens de minister de middelen. Bovendien ziet hij in het rapport hiervoor te weinig aanleiding, aangezien steeds met gemiddelden is gewerkt. En gemiddelden komen zoals bekend altijd tot stand door het op een hoop gooien van uitschieters naar boven en naar beneden. De bewindsman vindt dat elke salarisverbetering ook de kwaliteit van het onderwijs ten goede moet komen. De concrete uitwerking van deze gedachte wil hij in overleg met de onderwijsbonden vaststellen. "In dit beeld past in ieder geval dat de leraren die de zwaarste inspanningen leveren het eerst in aanmerking komen om hun loonachterstand kwijt te raken."

Een hoger salaris voor leraren in vakken waaraan een tekort bestaat, zoals economie en wiskunde, behoort volgens hem ook tot de mogelijkheden. "Maar dat zal slechts een klein onderdeel zijn."

De Leidse onderzoekers stellen in hun rapport dat hun bevindingen geen blauwdruk voor een herziening van de salarisstructuur opleveren. Maar bijstelling van het stelsel - bekend onder de naam Hos - dat in 1985 tot stand kwam, achten zij wel noodzakelijk.

Zij herinneren aan eerdere vergelijkingen, zoals die uit 1979. Toen, voor het Hos-akkoord dus, hadden de leraren nog een gemiddelde voorsprong van drie procent op ambtenaren.

Al in 1985 bleek dat die voorsprong was veranderd in een achterstand van zes procent. In zijn tijd heeft minister Deetman zich altijd verzet tegen aantasting van het Hos-akkoord, dat hij met de onderwijsbonden had gesloten. Jonge docenten, die soms honderden guldens minder verdienen dan hun collega's die al voor 1985 in dienst waren, hield hij steevast voor dat het Hos-akkoord hen ook bescherming bood. Zo lang niet over een verbetering gesproken werd, kon volgens hem tenminste geen verslechtering plaatsvinden.

Het akkoord vrijwaarde de leraren volgens Deetman voor politieke grepen in de salariskas. Zowel de toenmalige bewindsman als de onderwijsbonden waren daar beducht voor, denkend aan de korting die de vroegere minister Pais begin jaren tachtig doorvoerde, met steun van de Tweede Kamer.

Om zijn begroting dicht te krijgen kortte Pais op de salarissen van allen die via de onderwijsbegroting betaald worden, dus behalve leraren ook niet-onderwijzend personeel.

Tot op heden zien al deze mensen maandelijks op hun salarisstrook het restant van deze inhouding terug onder de naam 'wiso-korting'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden