Minder vaak het werk neergelegd, toch staakten in 2018 nog 34.000 werknemers

Beeld Louman & Friso

Het leek erop een recordjaar te worden: werknemers in de metaalindustrie, het onderwijs en het streekvervoer legden in 2018 – en ook nog begin dit jaar – veelvuldig het werk neer voor een beter loon, betere arbeidsomstandigheden en/of minder werkdruk. Alleen was 2017 moeilijk te verslaan voor de vakbonden, want dat was een absoluut topjaar wat stakingen betreft.

Vaak is het één sector die voor uitschieters zorgt. In 2017 was dat het basisonderwijs. Ontevreden leraren zorgden voor een enorme piek in stakingsdagen. Zij legden in 2017 met zoveel mensen zo vaak het werk neer – er werken meer dan 100.000 mensen in het basisonderwijs – dat er in 2018 bijna niet overheen gestaakt kon worden.

Evengoed staakten werknemers in 2018 wel 28 keer. Daar waren zo’n 34.000 werknemers bij betrokken en er gingen er 239.000 arbeidsdagen verloren. In 2017 werd er 32 keer gestaakt, het grootste aantal stakingen van de afgelopen dertig jaar. Er gingen 306.000 arbeidsdagen verloren, het grootste aantal van de afgelopen twintig jaar. Maar ook in 2018 was er grote onvrede bij de vakbonden over de lage lonen. Staken lijkt dan te helpen, want in 2018 waren de cao-lonen het meest gestegen sinds negen jaar.

Gemiddeld bedroeg vorig jaar de loonstijging 2,2 procent. Per sector zijn er wel grote verschillen. De lonen bij de overheid en in het onderwijs stegen met gemiddeld 2,9 procent het meest. Eindelijk hogere lonen dus, alhoewel de inflatie in 2018 ook 2,2 procent was, en er dus nauwelijks tot geen koopkrachtverbetering was voor werknemers.

Onderwijspersoneel

De vraag om een hoger loon gaat dit jaar dan ook onverstoorbaar door. Met name in het onderwijs is veel onvrede over het salaris, bleek eerder uit de nationale enquête arbeidsomstandigheden van CBS en TNO. 36 procent van het pedagogisch personeel is ontevreden over het loon. Ook in de zorg en de dienstverlening vinden mensen dat ze te weinig betaald krijgen. Managers zijn het meest tevreden over hun salaris, 83 procent is (heel) tevreden.

Managers zul je dan ook niet snel het werk zien neerleggen. In 2018 gingen de meeste arbeidsdagen verloren in de industrie, meldt het CBS. Zo’n 54.000 dagen en dat zijn er 44.000 meer dan in 2017. Maar ook in 2018 was de meest omvangrijke staking toch weer in het onderwijs. 

Bouw

Er werd niet gestaakt in de bouw, en dat scheelt enorm in de statistieken. Het grootste stakingsjaar sinds de Tweede Wereldoorlog stamt uit 1995 toen bouwvakkers massaal het werk neerlegden, boos over de afschaffing van de vut. In 2002 staakten de bouwvakkers weer, toen met name omdat de werkgevers de reiskostenvergoedingen wilden versoberen. Er is toen een recordperiode van 26 dagen achtereen gestaakt.

Lees ook:

De vakbeweging kondigt nog heel veel stakingen aan. 

Het kabinet krijgt nog meer stakingen op zijn bord als het de AOW-leeftijd niet bevriest op 66 jaar voor vijf jaar, zegt FNV-vicevoorzitter Tuur Elzinga. “We blijven stakingen organiseren totdat minister Koolmees van sociale zaken over de brug komt.”

Het onderwijs wil geen pleisters plakken

Leraren gaan opnieuw staken, voor de zoveelste keer, en nu in het héle onderwijs. Voor minder werkdruk, beter onderwijs en miljarden euro’s extra. 

In de metaalsector is een cao ver weg en dus volgt de ene stakingsdag na de andere.

De vakbonden voeren al sinds het voorjaar acties voor een betere cao voor 150.000 werknemers in de metaalsector. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden