Minder pasklare antwoorden dan vroeger in kinderboeken

De auteur is recensente van jeugd- en kinderboeken.

Wat kinderen willen en fantaseren lijkt norm geworden en de boekenouders gaan daarin soms absurd ver mee. Op die manier komen kinderen geen stap vooruit in hun ontwikkeling, vindt mevrouw Janse de Jonge.

Helemaal bont maakt de moeder van Roosmarijn het in 'Gebakken moeder met spek' van Lydia Rood (Rubriek Kinderboeken 17 maart), die "op bijna masochistische wijze meegaat met de kannibalistische fantasieen van haar kind" en Roosmarijn realistisch uitlegt hoe ze geslacht en gebakken zou moeten worden. (Waarna Roosmarijn maar op haar voornemen terugkomt en gebakken peren met spek maakt. Inderdaad een onsmakelijk verhaal, dat afbreuk doet aan de rest van de bundel waarin bij Roosmarijns ouders het meegaan in de fantasie van hun kind en het grenzen stellen wel in evenwicht zijn).

Literair gehalte

De tendens die mevrouw Janse de Jonge signaleert, is niet alleen van de laatste tijd maar is er al vanaf het begin van de jaren tachtig. Als reactie op het moralisme in kinderboeken van de jaren zeventig ontstond daarna inderdaad een sterk verhoogde waardering voor het literaire gehalte van kinderboeken en een taboe op moralisme. De instelling van de Libris Woutertje Pieterse Prijs in 1987 is er een gevolg van en heeft beslist bijgedragen aan de 'emancipatie' van een deel van de kinderboeken van vorming tot literatuur.

Dat heeft trouwens ook jeugdliteratuur opgeleverd waarin het besef van goed en kwaad wel degelijk een rol speelde. Alleen implicieter dan in de jaren zeventig, meer vanuit de dynamiek van het verhaal en minder van buitenaf opgelegd. 'De eikelvreters' van Els Pelgrom is daar een prachtig voorbeeld van.

Mevrouw Janse de Jonge generaliseert echter wel als ze schrijft dat momenteel goedheid en nobel gedrag weinig gewaardeerd worden in de jeugdliteratuur, en dat oudere mensen er over het algemeen slecht van afkomen. Het komt voor, maar het is geen regel. De tijd dat volwassenen als karikaturen werden afgeschilderd die je als kind maar beter niet serieus kon nemen, is grotendeels achter de rug. Steeds meer worden bijvoorbeeld ouders afgebeeld als kameraad van het kind, in plaats van als tegenstander, al komen ook daar weer extremen in voor, zoals ouders die kinderlijker zijn dan hun kinderen.

En nobel gedrag, edele figuren? Je ziet tegenwoordig inderdaad minder positieve personages in (goede) kinderboeken en meer innerlijke strijd. Michiel uit 'Oorlogswinter' van Jan Terlouw (1972) is bijvoorbeeld enorm veel nobeler dan de Zuidafrikaanse Selwyn uit 'Geen tijgers in Afrika' van Norman Silver, dat twintig jaar later verscheen. En toch komt de gewetensvorming bij Silver net zo nadrukkelijk aan de orde als bij Terlouw. Alleen zit het kwaad bij Michiel buiten hemzelf en bij Selwyn binnen hemzelf. De oorlog tussen goed en kwaad is naar binnen geslagen.

Meer ternds

De laatste jaren is de jeugdliteratuur steeds diverser geworden. Er is niet een trend, de literaire, maar er zijn er meer - zij het niet allemaal even spraakmakend - en ze overlappen elkaar. Overal dringt de samenleving in de jeugdliteratuur door: Derde wereld, milieu, (anti)racisme, zoals mevrouw Janse de Jonge constateert, maar ook New Age, incest, de dood, verslavingen, homoseksualiteit. Er groeit een literatuur voor adolescenten, dat wil zeggen voor wie Thea Beckman achter de rug heeft (Voigt, Chambers, Mahy) en steeds meer volwassenen lezen jeugdliteratuur.

Voor minder overtuigde boekenwurmen worden series detectives en crimi's uitgegeven, en boeken over hobby's als paardrijden en ballet.

In de meeste van deze boeken speelt het morele een duidelijke rol. Waardenvrije literatuur bestaat inderdaad niet. Er worden echter wel minder pasklare antwoorden gegeven dan twintig, dertig jaar geleden. Mevrouw Janse de Jonge denkt dat vooral jonge kinderen zulke antwoorden - misschien niet zozeer pasklaar, maar wel duidelijk - toch nodig hebben, omdat het kind dat te vroeg zelf een gedragskeuze moet maken in een wirwar van invloeden vanzelf de mentaliteit krijgt van 'gooi het maar in m'n pet'.

Maar behalve de vraag of jeugdliteratuur die positieve gedragsvoorbeelden geeft interessant is, is het ook de vraag of het pedagogisch werkt. Een negatief voorbeeld kan ook een positieve, gezonde reactie bij het kind uitlokken. ( "Getver, wat grof!" , zei een tienjarige na het lezen van 'Gebakken moeder met spek'). Literatuur die vragen oproept blijft je langer bij dan literatuur die antwoorden geeft, net zoals sterke beelden langer beklijven dan zwakke. Dat geldt ook voor kinderen.

Socrates

Wel is het belangrijk dat kinderen die boeken in handen krijgen die bij hun eigen vragen en ontwikkelingsfase aansluiten. En vooral dat er alerte volwassenen in de buurt zijn die de tijd nemen om erover te kunnen praten en de kinderen als een soort Socrates begeleiden in hun meningsvorming.

Dan maar een beetje minder carriere.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden