Minder dan de schaduw van een vlieg

Sylvia Kristel (Utrecht, 1952) is actrice en beeldend kunstenaar. In 1972 debuteerde zij in de film Niet Voor De Poezen. Internationale bekendheid kreeg Kristel door haar rol in de erotische film Emmanuelle (gevolgd door Emmanuelle II, III, IV, V, VI en VII). Dit najaar is zij te zien in de verfilming van Willem Elschots roman Lijmen/Het been. Haar schilderijen worden tentoongesteld bij Rob Malasch/Galerie Serieuze Zaken te Amsterdam.

Arjan Visser

1. Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben

,,Ik geloof in een abstracte almachtige, niet in iemand aan wie ik een baard zou kunnen plakken. Ik heb wel een tijdje in zo'n God geloofd, maar daar kwam op de kleuterschool al een einde aan. Op een dag zat ik in de zandbak. De bedoeling was dat je je daarin vermaakte, maar ik ben nooit zo dol op zand geweest en was ook liever lui dan moe. Ik zag een kuil die al door een ander kind was gegraven en stak mijn hoofd erin. Langzaam zakte ik naar beneden, tot uiteindelijk alleen mijn benen nog uit de kuil staken. Ik kreeg steeds minder lucht en ineens kwam de gedachte in mij op dat ik dood zou gaan. En als je doodgaat - zo was mij geleerd - dan kwam je bij God, bij de engeltjes in de hemel. Trompetgeschal, grote blijheid, 'Laat de kinderen tot mij komen'. Hatsekidee, ik zat op de eerste rij! Tot ik plotseling, door een grotere jongen, aan mijn voeten uit die put werd gesleurd. Iedereen was vreselijk geschrokken. Ik werd naar mijn moeder gebracht die zei: 'Je had dóód kunnen gaan!' Waarop ik antwoordde: 'Zo erg is dat toch niet? Ik was bijna bij de engeltjes.' 'Wát?' riep mijn moeder, 'die bestaan helemaal niet!' Op dat moment verdween mijn kinderlijk geloof en heb ik God gelijk gesteld aan Sinterklaas. Ik ben een agnost, denk ik. Ik weet het ook niet hoor - het is allemaal zo verwarrend. Ik heb mij in ieder geval redelijk aan de regels gehouden, ook al waren het niet altijd de regels van de kerk.''

2. Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is

,,Vooral in Zuid-Amerika werd ik verafgood. Ik herinner me dat ik Brazilië werd binnengehaald door een militaire blaaskapel. Het gaf mij het gevoel de koningin te zijn. Ik vond het erg leuk, gleed moeiteloos in die rol. Gewoon, een grote hoed met een enorme ganzeveer opzetten en glimlachen. Veel glimlachen, dat hoort erbij. Iedereen vond het een eer om met mij op de foto te mogen. Ik wist heus wel dat ik the flavour of the week was; dat ik mijn succes aan Emmanuelle te danken had. Ze dachten dat ik Emmanuelle was. Ik heb weleens gezegd: 'Gelooft u dan ook dat John Wayne in zijn vrije tijd mensen neerschiet?'. Maar ze wilden niet luisteren. Emmanuelle was een fenomeen. Alleen al voor het in bezit hebben van die film, zijn er in Rusland mensen de gevangenis ingegaan. Het was niet te bevatten; beyond my control. Ik heb geprobeerd om een zo normaal mogelijk privé-leven te leiden. Mijn zusje, mijn zoon en mijn moeder gingen vaak mee op lokatie. Het was een familieleven zonder al te veel decadentie; mijn zusje kookte gewone Hollandse pot. Bij hen kon ik zijn wie ik werkelijk was. Maar zodra ik alleen op stap ging, was ik de Godin van het Witte Doek. Drank, cocaine: een groot feest. Tot ik op een zeker moment, na een feestje met de Rolling Stones, in de gaten kreeg hoe vervelend dit leventje eigenlijk was. Hoe weinig het allemaal voorstelde. Er zijn geen goden op aarde. Er zijn alleen maar mensen die zich god wanen.''

3. Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken

,,Vloeken, daar hou ik niet van. Als ik met een hamer op mijn duim sla, zou het kunnen gebeuren dat er een vloek ontsnapt, maar daar zal ik mij dan wel onmiddellijk voor verontschuldigen omdat ik er niet op uit ben om iemand onnodig te kwetsen. Dat heb ik nooit willen doen. Toen Emmanuelle werd uitgebracht, kreeg ik brieven van verontwaardigde mensen die beweerden dat de film godslasterlijk was. Daar begreep ik niets van. Emmanuelle stond voor gratie, voor elegantie. Dat kan toch niet fout zijn? Ik ben door iedereen opgejaagd: katholieken, feministen, noem maar op. Er zijn natuurlijk altijd mensen die vinden dat zo'n film niet door de beugel kan. En het enige waar ik aan dacht, toen ik die film maakte, was: mooi, zo'n gratis vakantie in Thailand! Ik was ervan overtuigd dat Emmanuelle nooit in een 'serieuze' bioscoop vertoond zou worden. Nee, ik heb mij nooit bezwaard gevoeld, wat denk jij nou? Dat ik mij bij elke stap die ik in dit leven zet, afvraag: hoe zal de mensheid hier op reageren?''

4. Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen

,,Als ik bij mijn oma in Hilversum logeerde, ging ik mee naar de Zwarte Kousenkerk. Het waren lieve mensen, maar wel heel streng. Er werd op zondag ook bijna niet gesproken. Uit de bijbel lezen mocht wel, maar niet hardop. Je mocht wel een spelletje spelen, zo lang je maar geen herrie maakte. Rust. Mijn moeder zei altijd: 'Zondags werk is niet sterk.' Dat zit er bij mij nog steeds een beetje in: je moet één dag per week uitrusten. De balans opmaken, kijken hoe de zaken erbij staan. Een ideale dag voor lichte werkjes. Ik doe op zo'n dag ademhalingsoefeningen en ik mediteer. Dat is echt heerlijk: je hoeft aan niets te denken. Het enige wat je zegt is af en toe een keertje: 'Ohmmmm'.''

5. Eer uw vader en uw moeder

,,Mijn ouders hadden zelden tijd voor ons. Mijn vader ging altijd op jacht en mijn moeder had het veel te druk met het runnen van haar hotel. Mijn zusje, mijn broertje en ik moesten vaak, zomaar midden in een schooljaar, onze koffers pakken. Dan werden we voor een half jaar bij familie in Brabant gedumpt. We mochten ook wel eens mee naar zo'n jachtpartij, maar dat betekende vooral bij het haardvuur wachten tot onze ouders straalbezopen waren. En dan wist je nooit waar je die nacht zou slapen, dus dat was ook geen succes. Vandaar dat mijn zusje en ik er een eigen gezin op nahielden. Marianne was kind aan huis bij een vriendin en ik koos voor de kostschool. Daar werd beter op mij gelet dan thuis. En mijn broer lag gewoon altijd op bed - hij kwam er alleen uit om naar school te gaan. Na de scheiding van mijn ouders veranderde er veel in huis. Mijn moeder zei kordaat: 'Van nu af aan vormen wij een gezin' en daar zaten we dan: heel onwennig met z'n vieren aan tafel. Voor mij is het een mooie herinnering. We vormden voor het eerst een eenheid en mijn moeder vond de kracht om, na een zeer luxueus leven zonder zorgen, een huishouden met zeer weinig geld draaiende te houden. Mijn moeder was goed in one-liners. Ik kon met al mijn vragen bij haar terecht, ook toen ze ouder werd en intrek in het bejaardenhuis nam. Vaak bleef ik bij haar logeren, lag weer uren bij haar op de bank. Maar toen heeft haar geest het begeven. Ze verhuisde naar een andere instelling en werd recalcitrant. Ze is incontinent en doet verschillende therapieën. Bij haar logeren kan niet meer; dat zou haar schema's alleen maar in de war gooien. We kunnen nu ook niet meer praten zoals vroeger. Als ik nu bij haar binnenkom vraag ik eerst: 'Wie ben ik?' Als ze het even niet meer weet, neem ik haar mee naar de spiegel en zeg: 'Kijk nou eens goed!' en dan schiet het haar weer te binnen. Ze heeft nu haar ritme weer gevonden en laat zich alle zorg weer welgevallen. Mijn moeder is 76, maar ze lijkt steeds jonger te worden; een ondeugend kind.''

,,Mijn vader is gestorven toen ik nog in Los Angeles woonde. Zijn tweede vrouw had zijn dood voor ons geheim willen houden. Toen mijn schoonzusje ineens door iemand werd gecondoleerd, heeft ze mij onmiddellijk opgebeld. Maar toen was hij al begraven. Ik heb hem een leven lang gemist. Ik heb mijn best gedaan om een relatie op te bouwen, maar hij was contactgestoord. Hij kon het mij ook alleen maar huilend vertellen: 'Ik kán het niet. Ik kan geen vader voor jullie zijn.' En toch bleef ik er naar verlangen - ik aanbad die man. Ik herinner me nog goed dat ik op een dag - terwijl ik in de kerk hadden moeten zitten - naar Cineac was gegaan en daar, op het Polygoonjournaal, hoorde aankondigen: 'John Kristel, Nederlands Kampioen Kleiduivenschieten!' Ik was zó trots op hem, hij was als een soort god voor mij. Ik heb, meestal onder invloed, ook wel een paar mooie momenten met hem gedeeld, maar veel stelde het niet voor. Hij verdween uit beeld. Er is later nog wel één verzoening geweest. Hij was bezorgd over mijn moeder en voelde zich schuldig. Maar ik heb hem nooit iets verweten. Pas na zijn dood besefte ik dat hij de waarheid had gesproken: hij kón niet voor ons zorgen. Ik heb het onmogelijke verlangd. Je kunt uit een citroen geen melk persen.''

6. Gij zult niet doodslaan

,,Er is geen sprake van dat ik ooit een mens zal doden. Of het moet zijn om iemand uit zijn of haar lijden te verlossen... Ik weet het niet. Dit gebod is er zodanig ingestampt dat ik zelf zo'n soort beslissing niet snel zal nemen. Maar sommige mensen kunnen het leven gewoon niet verdragen. Mijn buurman is pas nog van het dak gestapt. Ik heb ook wel eens op het dak gestaan, maar toen zat ik midden in een psychose. Ik had dagen niet geslapen, had te veel gebruikt. Ik was niet van plan om mezelf te doden, het was een roep om aandacht. Ja, dat lijkt inderdaad een rode draad in mijn leven. Je zou toch zeggen dat zoiets minder wordt hè? Maar nee. Ik heb er zelfs mijn beroep van gemaakt: Sylvia Kristel, aandachttrekker & fratsenmaker.''

7. Gij zult niet echtbreken

,,Ooit was ik verloofd met Jan Morrien, een neefje van Adriaan. Het was al voorbij tussen ons toen ik in Amsterdam ging wonen. Ik had al één film gemaakt en Jan begreep dat het goed voor mijn carrière zou zijn als ik ging verhuizen. Het was Elly Claus, Hugo's vrouw die mij op de woonruimte attendeerde. Toen ik bij hem aanbelde bleek niet Elly, maar Ellen Jens daar te wonen. Na een half jaar kregen Hugo en ik een relatie. Kort daarna kwam Arthur, onze zoon. Het was middenin een drukke tijd waarin ik de ene film na de andere opnam. Ik was nauwelijks thuis. Op een gegeven moment was Hugo het zat, denk ik. Ik weet niet meer precies hoe het eindigde, maar het was wel een schok. Hij is me na een tijdje weer gaan opzoeken en we zien elkaar nog regelmatig. Zes maanden na Hugo kwam Ian McShane, een Engelse acteur. Die relatie heeft vijf jaar geduurd. Daarna ben ik voor de eerste keer getrouwd. Met Allan Turner, een leuke vlotte geest die bekken kon trekken als Groucho Marx. Ons huwelijk liep na vijf maanden op de klippen. Volgens Allen waren we te snel getrouwd. Misschien was dat wel zo. Na een behoorlijke lading alcohol en cocaine zei Turner: 'Als de hele familie in het vliegtuig past, vliegen we naar Las Vegas om te trouwen.' Dat lukte. Iedereen was in een uitbundige stemming, behalve Allan. Ik was wel een beetje blij, maar ik dacht ook: wat moet dit worden? Het hele gezelschap ging naar het casino en ik zat daar, alleen, op dat enorme bed, in een suite die hij voor achttien man had afgehuurd - dus van een huwelijksnacht kon toch geen sprake zijn. Ik denk vooral dat het mis ging toen ik van de cocaine afwilde; ik vond het wel een goed moment om een nieuwe start te maken. Maar bij Allan ging dat niet zo snel. Hij heeft de scheiding aangevraagd en ik ben teruggegaan naar Europa. Het heeft me drie jaar gekost om over mijn verlies heen te komen. En toen kwam Philippe Blot. Twee weken na de bruiloft kreeg ik al mijn twijfels, maar ja: zo snel wilde ik er ook niet mee ophouden. Vooral op het financiele vlak liep het helemaal mis, die man heeft mij enorme bedragen door de neus geboord. Na vijf jaar ben ik gescheiden. Ik heb nu sinds acht jaar een relatie. Of dit de ware is? Voor dit moment in ieder geval wel. Het klinkt misschien cru, maar soms heb je niet meer tijd van iemand nodig. Je beleeft een paar mooie jaren samen en daarna stap je weer op. Dat kan toch?''

8. Gij zult niet stelen

,,Sommige mensen geloven dat ik vaak bestolen ben, maar dat moet je toch per geval bekijken. Als er misbruik van mij is gemaakt, heb ik dat ook aan mijn eigen nalatigheid te danken. Zo is de schuld die ik nu nog heb ontstaan. Ik dacht dat ik destijds tekende voor een zakelijke investering in een film die mijn toenmalige echtgenoot Philippe Blot zou gaan maken, maar het bleek een persoonlijke lening te zijn waar ik garant voor stond. De film flopte, Blot is van de aardbodem verdwenen en ik heb voortdurend schuldeisers op de stoep. Ik zit nu ook in een rare overgang: van een sterrenbestaan is helemaal geen sprake meer, maar als ik voor het blad Talkies één dag de kleren van Frans Molenaar draag, wek ik toch een andere indruk. En tijdens mijn tentoonstelling in Antwerpen werd er onmiddellijk beslag gelegd op mijn schilderijen. Daarom woon ik nu ook in Nederland. Ik wil gesaneerd worden. Dat lijkt me wel wat: een schone lei. Geen ingewikkelde constructies meer waardoor ik minder belasting hoef te betalen of iets dergelijks. Ik ben veel te oud voor die onzin. Bovendien zal ik waarschijnlijk nooit meer over grote kapitalen beschikken die zich daarvoor lenen. Ik heb ze wel gehad. Hoe heet dat ook al weer? Zo gewonnen, zo geronnen. Ik ben alles kwijtgeraakt, maar ik heb er wel van genoten. Ik mis die luxe ook nauwelijks. Alhoewel... ik zou wel wat vaker bij de kapper willen zitten. Ik kan zelf ook wel wat, maar toch: het zit anders.''

9. Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste

,,Liegen vind ik zo'n griezelig woord. Ik ben er niet erg bedreven in. En het geeft ook zo veel ongemak want je moet alle leugentjes die je in de loop der tijd bij elkaar hebt verzonnen nog onthouden ook. Veel te verwarrend allemaal. Daarom zeg ik: de waarheid boven alles.''

10. Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is

,,Ik heb het sterrendom begeerd. Als je eenmaal de studio's van Hollywood van binnen hebt gezien, weet je dat het niets voorstelt, maar bon... Het begon op de dag waarop mijn moeder in Avro's Televizier een advertentie zag staan. Meisjes gevraagd om mee te doen aan de Miss TV Europa verkiezingen, hoofdprijs een Mercedes Benz. Ahaa! Die auto moest coûte que coûte gewonnen worden en dat lukte nog ook. Daarna heb ik hoog van de toren geblazen en tegen iedereen gezegd dat ik filmster zou worden. Als je in Nederland zoiets roept, word je heel hard uitgelachen. En dat is maar goed ook. Want des te harder ze lachten, des te meer raakte ik er van overtuigd dat mijn plan niet mócht mislukken. Daarna was het een kwestie van intuitie, op de hoogte blijven van creatieve stromingen en schietgebedjes doen. Steeds lukte het mij weer een rolletje te krijgen; allemaal overwinninkjes die mij uiteindelijk brachten waar ik wilde zijn. Ik ben tevreden met mijn leven. Zo had ik het mij min of meer voorgesteld. Ik heb gespeeld met de kaarten die mij werden gedeeld. Ik heb een redelijk gelukkige hand gehad, omdat ook het 'ongeluk' van een rusteloze jeugd in mijn vak van pas is gekomen. Dit heb ik ervan gemaakt: artiest. Ik acteer en ik schilder. Ik zou best erkend willen worden als een Groot Schilder, maar ik weet wel wat de academici hier over te zeggen hebben: 'Alwéér een ster die in haar vrije tijd een beetje op het doek gaat kladderen!' Weten zij veel dat ik het altijd al in me heb gehad? Maar als ik nu, door hoongelach gedwongen, een reguliere baan zou moeten zoeken, ben ik daar ook niet te beroerd voor hoor. Ik ben niet op zoek naar eeuwige roem, ik ben al blij als ik het jaar 2000 haal. De eeuwigheid, wat is dat nou? Het is nog niet eens zo heel lang geleden dat de laatste mammoet hier werd gesignaleerd. Ik ben een minuscuul onderdeeltje van een oneindig geheel. Minder dan de schaduw van een vlieg.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden