Miljardairs met politieke aspiraties

Vastgoedmagnaat en miljardair Donald Trump wil meedingen naar de Republikeinse kandidatuur voor het Amerikaanse presidentschap. Ook in 1992 en 1996 aasde een puissant rijke ondernemer op een plek in het Witte Huis.

Het is geen wet van Meden en Perzen, maar normaal gesproken maakt een zittende Amerikaanse president grote kans op herverkiezing. Het is niet onwaarschijnlijk dat het George Bush senior in 1992 ook was gelukt, als de eigenzinnige miljardair hem niet tot een tweefrontenoorlog had gedwongen.

De Democraat Bill Clinton won uiteindelijk met 43 procent van de stemmen. Bush kreeg 37,4 procent, het laagste percentage voor een Republikein sinds 1936. Dat had te maken met de haperende economie en de onder zijn verantwoordelijkheid ingevoerde nieuwe belastingen, terwijl hij vier jaar eerder het tegendeel had beloofd: "Read my lips: no new taxes". Maar zeker zo fnuikend was de deelname van een derde, onafhankelijke kandidaat bij de presidentsverkiezingen. De eigenzinnige miljardair Ross Perot won 18,9 procent van de stemmen. De meeste daarvan waren afkomstig van kiezers die normaal gesproken de voorkeur hadden gegeven aan een Republikein.

De kleine Texaan Perot, geboren in 1930, had zijn fortuin in eerste instantie vergaard in de automatisering. Na zijn tijd bij de marine kwam hij in 1957 in dienst bij IBM, waar hij al snel indruk maakte door zijn prestaties. Het lukte hem bijvoorbeeld om in twee weken tijd het verkoopquotum voor een jaar te halen. In 1962 richtte hij zijn eigen bedrijf, Electronic Data Systems, op. Na een moeizame start werd die onderneming een succes. In 1984 kon Perot, die inmiddels ook speculeerde op de beurs, zijn meerderheidsbelang voor 2,4 miljard dollar verkopen.

Begin jaren negentig begon Perot zich meer en meer politiek te manifesteren, onder meer door te lobbyen tegen de Amerikaanse deelname aan de Eerste Golfoorlog. Tijdens zijn kandidatuur als onafhankelijk kandidaat in 1992 (Perot betaalde de campagne uit eigen zak) deed hij vooral zijn best om over te komen als de selfmade man van buiten die de gevestigde politieke orde kwam opschudden. Hij pleitte voor het wegwerken van het begrotingstekort en het tekort op de handelsbalans. Met elektronische middelen moest de kiezer ook een meer directe invloed krijgen op de democratie. Zelfs de Grondwet was niet heilig. Die mocht wat Perot betreft grondig worden herzien, omdat hij dateerde uit lang vervlogen tijden.

De onafhankelijke kandidaat, volgens velen een populist en een man die geen tegenspraak duldde, ging zelfs even aan de leiding in de opiniepeilingen. Dat maakte dat hij ook mocht meedoen aan de tv-debatten tussen Clinton en Bush.

In 1995 richtte Perot de Reform Party op. Geen voorschot op een deelname aan nieuwe verkiezingen, verzekerde hij, eerder een poging om een politiek thuis te bieden aan al die Amerikanen die zich niet vertegenwoordigd voelden door Democraten of Republikeinen.

Toch werd Perot wel degelijk de presidentskandidaat van de Reform Party voor de verkiezingen in 1996. Zijn campagne werd nu ook medegefinancierd met geld van derden. Democraten en Republikeinen waren nog altijd zo beducht voor hem dat ze bedongen dat Perot niet mee mocht doen aan de tv-debatten van Clinton en zijn tegenstrever Bob Dole. Perots populariteit was sowieso tanende. Maar bij de verkiezingen haalde hij toch nog 8 procent van de stemmen.

De Reform Party bleef daarna bestaan, maar maakte zelden de indruk een stabiele politieke beweging te zijn. Perot, die niet voor een derde keer presidentskandidaat zou worden, vocht intern een machtsstrijd uit met ex-worstelaar Jesse 'the Body' Ventura. Die wilde pas in 2004 een gooi doen naar het presidentschap. Ondertussen diende zich een bonte stoet andere kandidaten voor de verkiezingen van 2000 aan. De natuurkundige John Hagelin, aanhanger van de Maharishi Yogi, wilde graag. Ook Donald Trump, nu kandidaat voor de Republikeinen, toonde belangstelling. Hij zette zich af tegen een andere kanshebber, de rechtse commentator Pat Buchanan. Ja, gaf Trump toe, hij was een conservatief man. Maar het kon heel veel conservatiever: "Buchanan is Atilla de Hun."

Toch werd Buchanan, voormalig adviseur van presidenten als Nixon, Ford en Reagan en de man die in 1996 de race om de Republikeinse kandidatuur verloor van Bob Dole, de man van de Reform Party voor 2000. Hij kwam niet in de buurt van de uitslagen van Perot in 1992 en 1996 en kreeg slechts 0,4 procent van de bij de presidentsverkiezingen uitgebrachte stemmen. Wat niet hielp: Perot gaf vier dagen voor de stembusgang een interview aan CNN, waarbij hij de kijkers adviseerde op de Republikein George W. Bush te stemmen. Ook in 2008 en 2012 gaf Perot, die zich verder weer richtte op zijn zakelijke activiteiten, de voorkeur aan een Republikein. Beide keren was Mitt Romney zijn favoriet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden