Militairen varen wel bij eigen nazorg

door George Marlet

Militairen moeten na terugkeer van hun missie in Uruzgan nog een half jaar ’nadienen’. Dat is beter voor het verwerken van de ervaringen, vindt de leiding.

Na een beschieting door talibanstrijders moet YPR-chauffeur Roy Schoemaker zijn onderbeen missen. Hij was gisteren één van de 1400 militairen die in het Gelredome in Arnhem de herinneringsmedaille vredesoperaties kregen opgespeld.

De A-compagnie van de Taskforce Uruzgan heeft het tussen augustus en november flink voor haar kiezen gehad. Hinderlagen, beschietingen, bermbommen – het is allemaal wel één of meer keren voorgevallen. Het vierde peloton liep in korte tijd zelfs twee keer in een hinderlaag.

Tijdens de uitzending hebben de vaak jonge militairen al veel gepraat over hun ingrijpende ervaringen. Korporaal André Knol: „De eerste hinderlaag was begin september, vrij vroeg in de uitzending. Daardoor raakten we er zowat over uitgepraat.” Defensie kent voor de opvang een heel systeem van debriefing, groepsgesprekken en een gesprek met een psycholoog.

Stilzwijgend blijkt daaraan een nieuwe, informele vorm van nazorg te zijn toegevoegd. Militairen worden vóór hun uitzending contractueel verplicht om na terugkeer een half jaar lang bij hun eenheid te blijven. „Nuldelijns gezondheidszorg noemen we dat. Jongens kunnen in hun eigen club hun verhaal het beste kwijt”, zegt compagniescommandant Ron Dresen. Van verschillende jongens had hij na terugkeer in de gaten dat het niet goed met hen ging. „Dan melden ze zich ineens ziek, wat ze anders nooit zijn.”

Normaal gesproken waaieren militairen na terugkeer uit naar andere eenheden of verlaten ze de dienst. De landmacht is nu van deze praktijk afgestapt. Niet alleen blijven de eenheden in stand, ze gaan ook samen op oefening. De complete Battle group die vorig jaar in Uruzgan was, gaat in maart op oefening in Noorwegen. Luitenant-kolonel Piet van der Sar: „Daarmee schep je een kader om ervaringen te laten opborrelen, bij wijze van spreken ’s avonds bij het kampvuur. Dat is de beste nazorg die je kunt hebben. Als je samen zulke intensieve ervaringen hebt, heb je onder elkaar maar een half woord nodig.”

Militairen kunnen tijdens en na een uitzending terugvallen op het sociaal-medisch team, met daarin onder meer een psycholoog en geestelijk verzorger. Niet iedereen is enthousiast over deze opvang. Een leidinggevende klaagt in het vakbondsblad OpLinie dat ’die gesprekken te weinig diepgang hebben’. Psychologen gaan niet mee op patrouille ’en juist dan word je geconfronteerd met nare situaties’.

Commandanten houden professionele opvang wel achter de hand, maar geven er in eerste instantie de voorkeur aan om ’lotgenoten’ bij elkaar te zetten zodat ze hun ervaringen kunnen delen. Peter Marx, commandant van het vierde peloton: „Halverwege de uitzending hebben we er een psycholoog bij gevraagd. We zijn geen profs en wilden bevestiging dat de onderlinge opvang goed was. Dat bleek zo te zijn.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden