Mijn moeder vond 'homo' een scheldwoord

Archieffoto van een bezoeker van het To Russia with Love-concert op het Museumplein. Het concert was een protestactie tegen het homobeleid in Rusland. Beeld anp

HASNA EL MAROUDI In mijn puberjaren waagde ik het weleens om het woord 'homo' te laten vallen aan de eettafel. Tot grote ontsteltenis van mijn moeder, die zich dan genoodzaakt voelde haar grote teen diep in mijn voet te boren om duidelijk te maken dat we in ons huis geen vieze woorden gebruiken. Mocht ik het in mijn hoofd halen om het woord te gebruiken in het bijzijn van gasten, dan kneep mijn lieve moeke me ongezien doch zeer venijnig in mijn dijbeen.

Binnen de Marokkaanse gemeenschap geldt voor alles het credo: zolang je er niet over praat, bestaat het niet. En dat geldt des te meer voor homoseksualiteit. Jaren later - mijn moeders homofobie had inmiddels plaatsgemaakt voor 'zolang mijn eigen kinderen niet homoseksueel zijn, vind ik alles prima' - vertelde ik haar over een collega wier vriendin het net had uitgemaakt.

De twee moesten, na zeven jaar samen, nu beiden halsoverkop op zoek naar een nieuwe woning. Mijn moeder begreep er niets van. "Waren zij meer dan gewoon vriendinnen?" vroeg ze zachtjes. Ze had de twee ontmoet en kon het zich niet voorstellen. "Kunnen vrouwen dan ook... Je hebt daar toch een man voor nodig?" zei ze schuchter.

Seksuele voorlichting
Met haar vraag gaf ze mijn zus en mij carte blanche om in detail te treden over een wereld waarvan zij het bestaan niet kende. We vertelden haar over homo's, lesbiennes en biseksuelen. Over hoe mannen met elkaar vrijen en over hoe vrouwen dat doen. Over ontmoetingsplaatsen, transgenders, travestieten en wat al meer. En over hoe sommige idioten vroeger geloofden dat elektrotherapie homoseksualiteit kan genezen. Gaandeweg toverden we een middag muntthee drinken om in een middag seksuele voorlichting. Ik heb mijn moeder nooit verlegen gezien, maar die dag kleurden haar wangen roder dan rood.

Er vond niet direct een kentering plaats bij mijn ma, daar moest ze te veel nieuwe informatie voor verwerken. Wel leerde ze dat er meer is in de wereld dan ze ooit voor ogen had gehad. Dat er - ook onder haar kennissen en vrienden - geheimen zullen zijn die nooit uit de kast getoverd zullen worden, simpelweg vanwege het hardnekkige oordeel van de massa dat homoseksualiteit een ziekte is. Het is niet te ontkennen dat homofobie (of erger: homohaat) binnen de Marokkaanse gemeenschap vaker voorkomt dan de acceptatie van homofilie. Breken met zulke ingeprente 'waarheden' is niet makkelijk. Toch is ze inmiddels zover. "Allah heeft ze zo gemaakt, dan zal het wel goed zijn", gelooft ze nu.

Hoopvol
Ze gaat inmiddels richting de 70 jaar. Dat een vrouw die jaren geleden als semi-analfabeet naar Nederland kwam een dergelijke ontwikkeling kan maken, is prachtig.

Ook hoopvol is het dat dit jaar voor het eerst een Joods-Marokkaanse boot meevoer met de Canal Parade in Amsterdam, met daarop een aantal prominente Nederlanders met Marokkaanse roots. PvdA-Kamerlid Khadija Arib, D66-gemeenteraadslid Salima Belhaj en oud-politici Samira Bouchibti en Naïma Azough dansten te midden van de LHBT'ers en gaven een duidelijk signaal: wie of wat je ook bent, je mag er zijn. De eerste stappen zijn gezet, nu kan de rest volgen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden