Mies Bouhuys: jammer dat verhalen vertellen in onbruik is geraakt

En het geschiedde in diezelve dagen, dat er een gebod uitging van den keizer Augustus, dat de gehele wereld beschreven zou worden. (Lukas 2, vers 1)Zo begint het kerstverhaal. Maar er zijn ook zoveel andere mooie vertellingen voor bij de boom. Mies Bouhuys, dichteres en schrijfster van vooral boeken en toneelstukken voor kinderen, houdt van verhalen.

Ze 'sprong' er dan ook meteen op in, toen de Vara haar twee jaar geleden vroeg juryvoorzitter te worden voor de kerstvertelwedstrijd die de omroep uitzendt op de radio.

Als kind uit een protestants onderwijzersgezin hoorde Mies Bouhuys Elk jaar het verhaal van Maria en Jozef die naar Bethlehem moesten en daar geen onderdak konden vinden. Maar ze hoorde ook andere kerstvertellingen. “Dan kwam de kalkoen op tafel en zei mijn moeder: Ik weet nog . . '

De schrijfster herinnert zich zo'n verhaal tijdens het kerstdiner: “Mijn moeder woonde vroeger aan de Brouwersgracht, waar vaak kleine turfschepen lagen. De bewoners van deze pieremegoggels waren ontzettend arm. En als het Kerstmis was, schoten ze meeuwen uit de lucht om toch wat vlees voor het 'diner' te hebben. Ze roosterden de vogels boven een klein vuurtje. Maar zodra de omwonenden de rook bemerkten, schakelden ze de koperen helmen in, die onmiddelijk uitrukten om de vuurtjes te blussen.”

Bouhuys vindt de eigen toon in verhalen belangrijk. Als juryvoorzitter van de Vara-verteldwedstrijd kiest ze het liefst voor vertellingen die recht uit het hart komen. Het maakt haar niets uit, als de vertellers ze stuntelig brengen. Dit jaar zit ze in de jury met Adriaan van Dis en met Maria Heiden, de boekenrecensent van het wekelijkse radioprogramma De Woensdageditie.

De driekoppige jury beoordeelt op de avond van Tweede Kerstdag elf van de ongeveer 250 verhalen die sinds half november zijn ingezonden. De programmamakers hebben de voorselectie gedaan. De verhalen moeten op een cassettebandje zijn ingesproken en mogen maximaal zeven minuten duren.

Om de vertellers “een duwtje te geven” hebben ze een eerste (of laatste) zin opgekregen: 'Met Kerst werd het duidelijk'. De bedenkers van de tien beste verhalen spreken hun creatie in op een echte radioband en zijn op Tweede Kerstdag in de studio om de uitslag af te wachten. De verhalen worden afgewisseld met liefdesaria's uit opera's.

De eerste keer dat Mies Bouhuys jureerde, met kerst 1991, sprong een verhaal er enorm uit. “Het was van een student van een jaar of vier, vijfentwintig. Hij vertelde over een onderwijzer die een aantal keren was ingevallen op zijn school. De smalle, bleke man drukte meteen zijn stempel op het schoolleven, wanneer hij een paar dagen inviel en doorbrak het anders zo saaie onderwijs met levendige lessen.

Als hij bijvoorbeeld biologie doceerde, nam hij een echt plantje mee. Toen de invalkracht stierf aan tuberculose, was dat dan ook een grote klap voor de jongen.''

Mies Bouhuys vond dat een prachtig verhaal: “Ik heb gezegd dat hij absoluut door moest gaan met schrijven. Ik kan me ook niet voorstellen dat hij het niet zou doen. Maar ik heb nog niets gehoord over een publikatie. Hij zei dat hij eerst zijn studie wou afmaken.”

De winnares van vorig jaar is inmiddels vaste medewerkster van een plaatelijke krant. Ze heeft ook een aantal verhalen naar Mies Bouhuys gestuurd en advies gevraagd voor het vinden van een uitgever.

“Er zijn heel veel mensen die hun verhaal kwijt willen”, zegt de schrijfster. “Gisteren kreeg ik nog een brief van een vrouw die meedoen aan de radiowedstrijd te omslachtig vond, maar die mij toch haar levensverhaal wilde vertellen.”

Volgens Bouhuys komt het tegenwoordig veel te weinig van vertellen. Mensen zijn druk bezig of kijken televisie. Ook kinderen komen nauwelijks aan verhalen toe. Bezigheden als lezen of luisteren worden opgeofferd aan computerspelletjes. De schrijfster, die vaak op basisscholen komt, vertelt dat veel kinderen, voordat ze 's ochtends naar school gaan, al een of twee films hebben gezien. “Dat zijn dan de videofilms die de ouders de avond daarvoor hebben gehuurd.”

“Vroeger, zo'n vijftig of zestig jaar geleden, was vertellen het enige wat je 's avonds deed. Zo hield je elkaar bezig. Mijn oma vertelde bijvoorbeeld over de Franse tijd en zij had die verhalen weer van haar grootmoeder. In Zuid-Amerika, een werelddeel waar ik veel kom vanwege mijn studie Spaans, gebeurt dat nog steeds. Grootouders nemen een groot deel van de opvoeding van de kleinkinderen voor hun rekening en verhalen spelen daarbij een grote rol.”

“Ik ben enorm voor het verhalen door mensen. Het is belangrijk dat mensen elkaar vertellen over wat het leven de moeite waard maakt om geleefd te worden”, zegt Bouhuys.

Zelf heeft ze ook zo'n verhaal over een heel gewoon, maar zeer waardevol mens: “De eerste kerst na de hongerwinter was ik in een cafe in Amsterdam-Oost. Een man kwam binnen met een heel klein versierd kerstboompje in een tonnetje. Het viel me op dat hij ontzettend somber keek. Het boompje was voor zijn kleinzoontje dat in de hongerwinter was gestorven en nu op de Oosterbegraafplaats lag. Een jaar eerder hadden ze het mannetje begraven; ze hadden het kistje bij gebrek aan ander transport op een ladder moeten vervoeren.

De opa wilde nu het kerstboompje op het graf van zijn kleinzoon zetten, maar de hekken van de begraafplaats waren al dicht. Toen ik later weer langs reed, bleek hij het boompje aan het hek te hebben gebonden.''

Mies Bouhuys kijkt alweer uit naar de vertelwedstrijd. Ze vindt het niet jammer dat ze de kerst niet bij vrienden of familie kan doorbrengen. “Sinds mijn man gestorven is, vier ik de kerstdagen niet meer graag thuis. Te veel herinneringen. Ik ben altijd blij dat het weer voorbij is.”

De schrijfster is erg benieuwd wat de elf deelnemers hebben gedaan met de beginzin 'Met Kerst werd het duidelijk.' Zelf heeft ze niet toegegeven aan de neiging om ook een verhaal bij de zin te gaan bedenken. “Dat moet je niet doen. De deelnemers aan de vertelwedstrijd kunnen zoveel kanten op gaan.”

Ze zullen vast wel weer mooie verhalen hebben bedacht. Maar hoe mooi ze op Tweede Kerstdag zullen zijn, dat wordt pas met de kerst duidelijk...

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden