Metaal-cao richt blik al op toekomst

Loonmatiging bedrijfsleven ver weg Eerste stappen naar langer doorwerken

Het cao-akkoord in de kleinmetaal dat gisternacht werd gesloten, is er een voorbode van dat van bevriezing van lonen in het bedrijfsleven geen sprake zal zijn. De afgesproken structurele loonsverhoging van 4,45 procent over 25 maanden wijkt ver af van de door het kabinet gewenste loonmatiging.

De cao Metaal en Techniek geldt voor zo'n 320.000 werknemers in 30.000 metaal- en elektrotechnische bedrijven. Het is als grootste cao traditioneel de leidraad voor onderhandelingen in de grootmetaal en andere bedrijfstakken. Het akkoord laat zien dat sectoren waar alweer tekorten aan vaklieden dreigen, niet ontkomen aan loonstijgingen.

Volgens vakbondsbestuurder Jan Berghuis van FNV Bondgenoten, die spreekt van een 'mooi resultaat', gaan vaklieden met een gemiddeld brutoloon van 2500 euro er per maand 100 euro op vooruit. De loonsverhoging, in vier etappes, zal in de praktijk vooral verlies aan koopkracht voorkomen. De inflatie ligt in Nederland nu al op twee procent. De verwachting is dat die verder oploopt. Dat vooruitzicht levert al kritiek op in de achterban van de vakbonden, die het akkoord nog moet goedkeuren.

De cao bevat wel afspraken die schot kunnen brengen in een aantal lastige kwesties die op het bord liggen van de sociale partners en het kabinet. Zo geeft de metaaltechniek specifiek aandacht aan oudere werknemers en maakt het de eerste stappen naar langer doorwerken. De bedrijven zetten in op leeftijdsbewust personeelsbeleid en voeren een workability index in. Die test, naar Fins model, geeft een indicatie hoe een werknemer fit en gezond aan het werk kan blijven. Preventie van ziekteverzuim en scholing krijgen meer aandacht.

Hoewel de vakbonden in de cao expliciet hun handen vrijhouden wat betreft de resultaten van het grote pensioenakkoord, worden al ontzie-maatregelen voor ouderen afgebouwd. Het betreft onder meer de regeling rond overwerk voor 55-plussers. Deze zou nu een belemmering vormen om ouderen in dienst te nemen. De opbouw van seniorendagen wordt vanaf 61 jaar bevroren. Dat betekent dat werknemers, die overigens op hun 62ste met vroegpensioen kunnen, negen extra vrije dagen mislopen tot hun 65ste.

CNV-bestuurder Marco Hietkamp tekent daarbij aan dat de regelingen door een nationaal pensioenakkoord drastisch kunnen wijzigen, bijvoorbeeld door invoering van deeltijdpensioen.

Hietkamp, die tevreden is over 'deze blik vooruit' in de cao, roemt ook de afspraken rond werkgelegenheid. Zo beloven de werkgevers vijfhonderd oudere werklozen (45-plus) aan de slag te helpen en komt er een project voor jonggehandicapten met een Wajong-uitkering. Den Haag wil dat sociale partners hiervan meer werk maken, nu er moet worden bezuinigd op de overheidsuitgaven voor reïntegratie. Juist omdat onder de cao veel kleinere bedrijven vallen, kan deze praktische aanpak als voorbeeld dienen voor het hele midden- en kleinbedrijf.

Aanvankelijk lagen de werkgevers en vakbonden in de kleinmetaal op 'ramkoers'. Dat ze elkaar toch nog snel gevonden hebben, is volgens hem de keuze voor kwalitatieve afspraken. "Gaan we ouderwets de messen slijpen, was de vraag, of bouwen we iets op naar de toekomst. Dat laatste is het geworden."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden