Met wat hulp meer kansen

interview | Leerlingen van de Bloemhofschool in Rotterdam-Zuid krijgen een naschools programma met judo, milieules, filosofie en koken. Voor initiatiefnemer Henk Oosterling een heel normaal vakkenpakket.

Bij toeval kwam filosoof Henk Oosterling (62) steeds weer terug in de Rotterdamse wijk Bloemhof. Hij groeide op in het nabijgelegen Feijenoord, werkte in Bloemhof op een basisschool en gaf er in de jaren zeventig taalles aan gastarbeiders. "De vaders en opa's van de kids die nu hier op school zitten."

'Hier op school' is de Bloemhofschool, een grotendeels zwarte basisschool met 340 leerlingen, midden in Rotterdam-Zuid. Het gebouw van begin vorige eeuw is ontworpen door Ad van der Steur, bekend van Boijmans van Beuningen en de Maastunnel. De Bloemhofschool ligt aan een 'onderwijsplein'. In het pand tegenover de basisschool huist de vervanger van het islamitische college Ibn Ghaldoun: de Opperd. Ook de basisscholen De Oranjeschool en De Sleutel en vmbo-vakcollege De Hef liggen rond de Putsebocht. Wie vanaf de stoeptegelvlakte de tuin van de Bloemhofschool inloopt, waant zich even ver buiten de stad.

Zittend tussen de kruiden in zijn net gebouwde tuinkas vertelt Oosterling - lange grijze paardenstaart, gedrongen lichaam en een robuuste kop - over de wijk. "Bloemhof is één van de drie slechtste wijken van Nederland. Nee, dat zie je niet op straat. Je leest het wel in de sociale index en de veiligheidsindex." Hij somt op: grote taalachterstanden, veel werkloosheid, 30 procent van de inwoners leeft onder de armoedegrens. Oosterling vindt het niet relevant hoe je die statistieken terug kunt zien aan de leerlingen en hun ouders. "Het zijn gewoon mensen die wat van hun leven willen maken. De kids hebben veel energie en veel van hen zijn ontzettend slim. Maar als zij de kans niet krijgen, komt het er nooit uit."

Om het er wél uit te krijgen, begon Oosterling in 2008 zijn Vakmanstad in de Bloemhofschool. Het is de optelsom van wat hij in zijn carrière gedaan heeft: Oosterling werkte zich op van de mulo tot het gymnasium. Daar was hij op zijn 22ste klaar. In 1996 promoveerde hij cum laude op de 'hyperkritiek van de xenofobe rede', nu is hij hoofddocent wijsbegeerte aan de Erasmus Universiteit. Vanaf zijn elfde bekwaamde Oosterling zich in Japanse krijgskunst: judo en zwaardsport kendo. Hij werd actief voor de milieubeweging en had altijd interesse voor koken en eten. Het vakkenpakket dat hij daaruit destilleerde: judo, koken, tuinieren en filosofie. Deelname is voor zijn leerlingen verplicht.

De opzet komt voort uit Oosterlings rotsvaste overtuiging: "Als je beweegt, krijg je honger. Als je honger hebt, moet je eten. Als je eet, wil je weten waar dat eten vandaan komt en hoe je het klaar kunt maken. Je gaat reflecteren. Als je nadenkt over eten, stop je er niet zomaar van alles in." Eén op de drie kinderen in Bloemhof is zwaarlijvig. Daarom wil Oosterling ze bewust maken van voeding. Elke dag krijgen alle leerlingen een gezond menu met groente, fruit en halalvlees.

Dikker
Toch werden de kinderen van de Bloemhofschool de afgelopen jaren dikker. "Die lunch zou tegen overgewicht helpen als de school een laboratorium was geweest, zonder invloeden van buitenaf." Eenmaal thuis krijgen de kinderen vaak weer zoete drankjes en zakken chips. Daarom vraagt kok en kookdocent Ralph van Meijgaard moeders te helpen bij het eetprogramma: zij serveren de lunch en ruimen na afloop weer op.

Het tweede wapen tegen zwaarlijvigheid zijn de judolessen. Waarom judo, en geen voetbal of hockey? Oosterling: "Met judo leer je de grenzen van je lichaam en elkaar intensiever kennen. Veel jongens en meisjes zouden elkaar anders nooit aanraken."

Jongens en meisjes die niet willen samenwerken, zijn bij judolerares Daisy Smit 'aan het verkeerde adres'. Vandaag leren ze een nieuwe worp. Als de een de voet naar voren zet, moet de tegenstander die met zijn voet wegduwen, zodat de opponent valt. Met op de achtergrond af en toe een dreun van iemand die op de mat neerploft, vertelt Smit over haar sport. "Judo is een verdedigingssport, geen vechtsport. Je leert samenwerken en respect voor elkaar en de leraar."

Oosterling denkt dat het door de judolessen komt, dat de kinderen op het schoolplein relaxter zijn dan vroeger. "Ze knokken en pesten niet veel. Als je leert wat je lichaam doet, ga je anders met andere lichamen om."

Ook de onderwijsresultaten worden beter. Oosterling: "Al drie jaar op rij is de gemiddelde Cito-score op de Bloemhofschool 535, tegen 527 gemiddeld op Zuid." Die 535 is even hoog als het landelijk gemiddelde. Daarmee is de top bereikt, denkt hij. "Als het hoger wordt, is dat omdat er echt dingen in de wijk veranderd zijn. Niet alleen het onderwijs." Hij houdt er al rekening mee dat de scores van de school weer gaan inzakken.

Andere scholen en de het nationaal programma dat Rotterdam-Zuid er weer bovenop moet helpen, nemen onderdelen van Vakmanstad over. Tijdens extra bijspijkeruren krijgen ook leerlingen van andere scholen op Zuid filosofie, judo en techniek. Oosterling: "Als je kijkt welke lessen daar gegeven worden, is dat grotendeels ons programma."

Waarom hebben zoveel kinderen een buitenschools programma nodig, terwijl Oosterling het als jongen uit een arm gezin wel op eigen kracht redde? "Ik ben altijd heel breed geïnteresseerd geweest. Die interesses kon ik ontwikkelen in buurthuizen. Daar kwam ik ook in aanraking met judo. Maar de buurthuizen zijn wegbezuinigd." Kinderen van arme ouders moeten het nu allemaal zelf ontdekken, zegt Oosterling. "Als je ouders geld hebben, nemen ze je mee naar Blijdorp of Nemo. Zo doe je ervaringen op en ontmoet je mensen."

In het vmbo-vakcollege om de hoek probeert Oosterling de buurthuizen van vroeger na te bootsen. De 10- tot 14-jarigen komen daar na schooltijd in aanraking met cultuur, ICT, zorg en techniek. Voor het techniekgevoel gaan de leerlingen ook langs bij bedrijven in de haven.

De volgende stap in Oosterlings 'drietrapsraket' is zijn Vakwerf. Hij ging al langs bij Rotterdam-The Hague Airport, staalbedrijf Hollandia en het Maasstad ziekenhuis, om mbo-leerlingen in Rotterdam-Zuid een stage en een netwerk te bezorgen. "Mijn doel is niet om kinderen op te leiden voor de kenniseconomie, als die al bestaat. Het gaat erom dat een kind op een plek komt waar hij op basis van zijn kwaliteiten zijn keuzes kan maken. Dat een jongen met een IQ van 80 in een werkplaats aan de slag gaat waar hij zijn ei kwijt kan."

Toch even terug naar de statistieken, de laboratoriumsetting. "Je bent vijftien jaar bezig om te kijken of deze aanpak werkt: acht jaar basisonderwijs en zeven jaar voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs. De leerling die dat doorlopen heeft en dankzij ons een baan krijgt in de techniek of zorg is dat ene exemplarische geval dat een toets is aan het gevoerde beleid. Als we daar zijn, dan hebben we 'm."

Moeders serveren op school de gezonde halal-lunch en ruimen na afloop weer op.

Judoles is een wapen tegen zwaarlijvigheid: één op de drie kinderen in de Rotterdamse wijk Bloemhof heeft daar last van.

Na de gezonde lunch op school krijgen kinderen thuis vaak weer zoete drankjes en zakken chips

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden