Met megastal blijft duurzame veehouderij weg

Sinds staatssecretaris Bleker zijn visie op de veehouderij presenteerde, is er weer veel te doen geweest over de wenselijkheid van megastallen in ons kikkerlandje. Het Trouw-commentaar (28 november) concludeert dat de duurzaamheid er niet op vooruit gaat, maar dat dierenwelzijn in megastallen geen probleem is.

Blekers legitimering van megastallen is onjuist: hij suggereert dat groei van de vleesproductie nodig is om de wereld te voeden. Het wereldvoedselvraagstuk is evenwel vooral een armoede- en verdelingsvraagstuk. Mensen leiden geen honger doordat er geen voedsel is of gebrek aan mogelijkheden om voedsel te verbouwen, maar door gebrek aan middelen om hiervan gebruik te maken.

Megastallen worden niet diervriendelijker. Bij nieuw- en verbouw moeten álle pluimvee- en varkensstallen hoe dan ook aan nieuwe EU welzijnseisen voldoen. Die nemen enkele uitwassen weg, maar minder slecht maakt nog geen plus, het welzijn is daarmee absoluut niet goed te noemen. Megastalboeren investeren bovendien juist zo min mogelijk in welzijn. Ze kiezen immers voor groter om de kostprijs te drukken.

Dan nog wat ogenschijnlijke voordeeltjes. Zo kan de hygiëne in een megastal in theorie wel beter zijn, maar als er een besmettelijke ziekte uitbreekt, treft het heel veel dieren die 'geruimd' worden. Of het fabeltje rond beperkte transportbewegingen, dat misschien opgaat omdat je in een megastal zowel fokt als mest en daar kilometers spaart, maar dat compleet teniet wordt gedaan door de lange-afstandstransporten kriskras door Europa richting slachthuizen.

De veehouderij in Nederland moet uit de race stappen van het concurreren op kostprijs. Ze moet zich richten op produceren en vermarkten van vlees waarbij een hoog dierenwelzijn uitgangspunt is. De Dierenbescherming helpt hierbij met het Beter Leven kenmerk. Grote retailers, multinationals en de vleesverwerkende industrie zien de meerwaarde. Inmiddels hebben zo'n tien miljoen dieren een aantoonbaar beter leven. Dit is de toekomst. Als het aan de Dierenbescherming ligt wordt die nooit ingevuld met megastallen.

In het 'visiestuk' van Bleker wordt totaal niet helder wat er nu onder verduurzaming moet worden verstaan. Verduurzaming moet volgens de staatssecretaris aan het bedrijfsleven overgelaten worden en maatschappelijke organisaties moeten maar met het bedrijfsleven samenwerken. Maar bij het bedrijfsleven prevaleert al gauw het kortetermijnbelang en juíst zwakke waarden als dierenwelzijn delven dan voor je het weet het onderspit. Er is een stevige, onafhankelijke regisseur annex scheidsrechter nodig, in dit geval de rijksoverheid, die de verschillende maatschappelijke belangen en een zorgvuldige afweging daarvan bewaakt.

Het is wel degelijk de rijksoverheid die een duidelijke bovengrens aan bouwblok en stalomvang van veehouderijbedrijven moet stellen. Gebeurt dit niet, dan krijgen we in 2020 niet de, ook door de staatssecretaris gewenste, duurzamere veehouderij. Dan krijgen we een tweedeling in de veehouderij: een deel ontwikkelt zich in de gewenste duurzame richting; en daarnaast is er dan een steeds kapitaalintensiever en steeds industriëler deel van de veehouderij dat we nu juist niet willen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden