Column

Met Kuijt verdwijnt een van de belangrijkste voetballers die ik als journalist meemaakte

Beeld Maartje Geels

Denkend aan Dirk Kuijt zie ik het Estadio José Bastos Padilha da Gávea in Rio de Janeiro. Daar trainde Oranje tijdens het WK 2014. Louis van Gaal had bedacht dat Kuijt ook een verdediger kon zijn - en natuurlijk kon hij dat zijn.

In het voorafgaande trainingskamp in Portugal had Van Gaal hem al gezegd dat hij in zijn systeem met een extra verdediger ook aan hem als vleugelverdediger dacht. Kuijt had al met de gedachte rondgelopen om Van Gaal te zeggen dat hij daar uit de voeten dacht te kunnen, zei hij me in het spelershotel in Rio.

Oranje maakte zich op voor de achtste finale tegen Mexico - het zou zijn honderdste interland worden. Ik zat alleen bij hem aan tafel. Zo opvallend, of interessant, werd het nog niet gevonden dat hij plotseling linksback stond. Er was weinig oog voor geweest dat hij in Portugal nog scherper had getraind dan normaal, zo mogelijk dan, en dat hij zich op het trainingsveld van Flamengo in Rio vol overgave als verdediger in de duels had gestort.

Hij werd gezien als de reserve die hij bij Van Gaal altijd was geweest - de reserve die nu als verdediger werd gebruikt om de partijtjes in aantal kloppend te maken. “Iedereen kende mijn rol: vooral buiten het veld mijn ervaring delen met de jonge gasten”, zei hij zelf. “Maar vanaf dag één heb ik tegen de bondscoach gezegd: je kunt deze bedoeling met me hebben, als pinchhitter toen nog, maar ik zal elke training en elke wedstrijd bij mijn club gebruiken om jou ervan te overtuigen dat ik moet spelen.”

Al na twee wedstrijden op het WK was Louis van Gaal ervan overtuigd - en Kuijt verdween niet meer uit de ploeg.

Het juiste moment

Dit moet geen ode in de klassieke zin aan Dirk Kuijt zijn. Het zou bijna een belediging zijn: nóg een keer zeggen hoe geweldig hard en onbaatzuchtig hij kon en wilde werken (en hoe goed en functioneel hij kon voetballen, vergeet dat nooit), hoe de ereterrassen van Liverpool en Fenerbahce altijd voor hem open zullen staan, en ook alle pubs en restaurants - afgezaagd en overbodig.

Dirk Kuijt stopt op het juiste moment. Nee, niet omdat hij niet meer goed genoeg zou zijn voor Feyenoord, het begrensde Feyenoord. Het mooist van alles was een gesprekje tijdens de huldiging met Hans Kraay. “Ik heb jou weleens horen roepen dat ik mijn rol had geaccepteerd”, zegt Kuijt subtiel. “Die heb ik nooit geaccepteerd.”

Kraay is merkwaardig genoeg verbaasd. Hij komt er drie keer op terug: nóóit geaccepteerd? Nee, natúúrlijk kon hij niet accepteren dat hij moest wijken voor wat, laten we reëel blijven, niet meer dan doorsnee spelers zijn.

Een ander universum

Kuijt had een dankwoord in gedachten, zondag op het veld. Maar na twee fraaie zinnen stormden de jongere spelers met hun korte spanningsboog op hem af: er moest gehost worden.

In het feestgedruis zei Eljero Elia dat hij wil vertrekken bij Feyenoord. 30 jaar, een carrière van twaalf ambachten en dertien ongelukken - 30 jaar al, en nog niet beseffen dat dit het moment niet kan zijn om zoiets te zeggen, al helemaal niet voor hem.

Hij zal het nooit zeggen, maar wat is Dirk Kuijt in zijn laatste maanden ver verwijderd geweest van sommigen die hem omringden - om niet te spreken van een ander universum, in denken en handelen. Met hem verdwijnt een van de belangrijkste voetballers die ik als journalist meemaakte - een voetballer van wie ik blijf zeggen dat het gros van onze jeugd beter naar zijn beelden kan kijken dan naar die van de toch onbereikbare Messi en Ronaldo.

Ik zal nooit meer zien, weet ik bijna zeker, wat ik in het Estadio José Bastos Padilha da Gávea zag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden