Column

Met het verdwijnen van het Dictee gaat een stukje beschaving ten onder

Sylvain Ephimenco Beeld Trouw
Sylvain EphimencoBeeld Trouw

In mijn schoolherinneringen was de hemel onveranderd van zink en had de regen de smaak van levertranen als er weer gedicteerd moest worden. Daar liep meester Jouhano als een sluipmoordenaar tussen de schoolbankjes, spookachtig traag in zijn lange grijze stofjas.

Gisteren werd bekend dat na 26 jaar de publieke omroep stopt met het uitzenden van het Groot Dictee der Nederlandse Taal. Gek genoeg sprong ik geen gat in de lucht. En Geliefde zeker niet, die traditiegetrouw ieder jaar, met de pen in de aanslag, de moeizame dictie van Philip Freriks in een slinger van woorden op haar velletje papier neerzette. Nostalgie? Het is meer dan dat. Met het verdwijnen van de Olympische Spelen voor de zittende elites, gaat ook een stukje beschaving ten onder. Een tijdperk van hoffelijkheid en consideratie voor het verrukkelijke onbeduidende, de spelling en het woordenritme. Een voltooid verleden tijd van schuifelen met een vaderlijke blik tussen al die gebogen hoofden.

‘Archaïsch’, noemde een medewerker van de NTR-euthanasieploeg het Dictee dat zonder egards moest worden getermineerd. En zonder verdoving, natuurlijk. In ieder geval zonder een laatste feestelijke editie. Wat blieft en geadoreerd wordt, eindigt in dit land vroeg of laat altijd als dumpproduct op de mesthoop van de geschiedenis. Het archaïsche moet plaatsmaken voor de hinkende moderniteit, zonder orthografische richtpunten en eerbied voor het geschreven erfgoed. Maak plaats voor de ongecorrigeerde bagger van de sociale netwerken! De opgefokte semantiek van de losgeslagen fora waar beledigen met hamerslagen geschied en waar je met een woordenschat van 20 uitgespuugde stuks, jezelf een gearriveerde literator waant. Kortom de krochten waar rancune, vulgariteit en onverdraagzaamheid welig tieren.

Dicteeloze reaguurders

En terwijl ik me gisteren hoofdschuddend langs de begrafenisstoet van het Groot Dictee wurmde, viel ik in de verstopte toiletpot van de dicteeloze reaguurders. Het was de reactieruimte van een internetsite waar twee van mijn laatste columns met mijn portret erbij werden uitgestald. Het verbaasde me hoe vaak om mijn lelijke hoofd werd gevraagd. Maak hem broodloos! Maak hem monddood! Hier een potpourri. Metin Aslan: ‘Ik vind Ephimenco een naar mannetje. Hij straalt negativiteit uit, zowel met zijn blik als met zijn teksten’. Dorothee Driessen: ‘Een baantje bij dat rellerige NSB blaadje de Telegraaf is hem op het lijf geschreven, toch?’ Paul Hensels: ‘Ik ben je haatzaaien strontzat Ephimenco. Je ziekelijke obsessie en gedram wordt wekelijks walgelijker’. Richard Polle: ‘Wat een ongeïnformeerd gelul. Kan die ijdeltuit eens met pensioen alsjeblieft?’ Bea van Mesdag: ‘Hij word steeds meer een zure oude man’.

Nee, dit stond niet op GeenStijl of Joop.nl. Het was maar een kleine oogst op de Facebook-pagina van mijn eigen Trouw. Reaguurders die mijn eigen huis omtoverden als annex van de ‘beerput van smakeloosheid’ waar het Trouw-commentaar nog onlangs het over had. Ach, waar is toch die goeie, ouwe archaïsche tijd gebleven?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden