Met haar maak ik gelukkig wel ruzie

Stel je komt oog in oog met God te staan en je mag hem één vraag stellen: wat vraag je dan? Vierde aflevering van een serie. Vandaag: Peter Faber, acteur.

'Mijn vraag aan God zou zijn: waarom heeft u in dat topproduct mens geen innerlijke rem ingebouwd? Een rem op zijn killing power. Op zijn neiging om anderen te vernietigen.” Kent u die killing power?

”En of ik die ken. Op school had ik de reputatie de sterkste van de klas te zijn maar ik wist wel beter. Er waren jongens die sterker waren dan ik, maar als het op vechten aankwam won ik altijd. Omdat ik met mijn vuisten vol op het gezicht timmerde. Dan was het meteen afgelopen. Ik had totaal geen rem.”

Hoe zat dat bij uw ouders?

”Thuis leefde ik tussen twee mensen die enorm veel ruzie maakten. Dat begon over iets onbenulligs als een gebakken visje en eindigde met een juskom die tegen de muren werd gegooid. Of mijn moeder begon mijn vader te sarren waarop hij explodeerde. Dan gingen de laatjes uit het dressoir en de vazen aan diggelen. In de tijd dat we net katholiek waren geworden vloog een pas aangeschaft Heilig-hartbeeld zonder pardon het raam uit. Het escaleerde om niets tussen die mensen. Het was geen water en vuur maar lont en vuur. Thuis was voor mij een bijzonder onveilige plek.”

Voelde u zich even onveilig bij uw vader als bij uw moeder?

”Tot mijn zevende was mijn vader mijn held. Bij hem voor op de fiets, samen vissen. Ik aanbad hem en hij mij. De ommekeer kwam zo rond mijn zevende. Toen sloeg hij mij voor het eerst. Bij mijn moeder bleef ik al vroeg uit de buurt. Ze was perfectionistisch op het dwangmatige af. Ik moest de draadjes van het kleed kammen en het koper poetsen, maar als het niet naar haar zin was begon ze te slaan en met spullen te gooien. Idem dito wanneer ze mij m'n catechismus overhoorde en ik een verkeerd antwoord gaf.” keer mee naar de kerstnacht en dat vond ze prachtig. En een aalmoezenier van de scheepswerf zorgde ervoor dat mijn vader werk kreeg en mijn moeder maandelijks een rollade. Dat was de reden dat ze katholiek werden. Van de ene dag op de andere stond ik tussen mijn aartsvijanden. Eerst hoorde ik bij de communisten, vocht ik tegen die roomse papen. Nu was ik ingelijfd bij het andere kamp. Moest ik ineens biechten met de klas. In zo'n rechtopstaande kist aan een persoon aan de andere kant van het luikje mijn zonden vertellen. Toen ik nog bij de communisten hoorde haalden we de offerblokken leeg en deden we paardevijgen in het wijwater. Daar kende ik de paters van en zij mij. Dus de eerste keer dat ik achter dat luikje verscheen, was de ontvangst weinig hartelijk. 'Biecht je zonden op zondaar', klonk het, maar ik zei geen woord. Politie, paters, alle volwassenen waren voor mij even onveilig als mijn ouders.”

Waar kwam die plotselinge bekering tot het katholicisme vandaan?

”De buren namen mijn moeder een Hoe hadden uw ouders elkaar ontmoet?

”Mijn vader was, twee jaar oud, weggegeven aan een pleeggezin. Hij was een nakomertje in een boerengezin met een ziekelijke moeder die niet voor hem kon zorgen. Op een gegeven moment trokken zijn pleegouders als gastarbeiders vanuit Friesland naar Noord-Duitsland om op het land te gaan werken. Mijn vader werd een halve Duiser, sprak vloeiend de taal. Hij kreeg een bakkerswijk in Hamburg. Toen brak de oorlog uit. Mijn moeder kwam uit een Duits nazigezin. Bij het ontbijt moest ze de Hitlergroet brengen. Dat verdomde ze. Ze was een recalcitrant typetje, liep van huis weg en dook onder in Hamburg bij een 'goede' slager. Mijn vader bezorgde brood in die slagerij. Zij ontdekte dat hij een Nederlander was en hoopte door met hem te trouwen een nieuwe start te maken in een ander land. Ze heeft een huwelijk met mijn vader afgedwongen door zwanger te worden van mij.

Ik was haar sprong naar de vrijheid. Een sprong die voor haar als Duitse in het naoorlogse Nederland misschien minder prettig uitpakte dan gehoopt. Ze voelde zich schuldig over alles wat haar landgenoten hier hadden aangericht. De dagen rond 4 en 5 mei durfde ze niet naar buiten. Ze schaamde zich, had een enorm minderwaardigheidscomplex. Ze wilde het liefst onzichtbaar zijn.

Totaal onverwacht, op mijn dertiende, werd ze daadwerkelijk onzichtbaar. Verdween ze uit mijn leven. Ik kwam uit school en op tafel lag een briefje. 'Ik ben met Tini - dat was mijn zusje - naar Duitsland.' Mijn vader kwam thuis van de avonddienst, las dat briefje en ging zonder een woord naar bed. De volgende dag kwam ook de tegelzetter die bij ons klusjes opknapte niet meer opdagen dus het verband was gauw gelegd. Mijn vader en ik hebben er nooit meer over gesproken. We namen onze intrek in een kosthuis. Van een gezinsleven was geen sprake maar dat was daarvoor eigenlijk ook al niet. Het was een voortzetting van de status quo van geen contact.

Ik heb mijn moeder pas jaren later weer ontmoet. Toen ik naam maakte met een rol in de film 'Max Havelaar' kwam ze me weer op het spoor. Op dat moment zijn we voor het eerst in gesprek geraakt. Ze vertelde dat mijn vader vaak vreemdging. Dat was ook de oorzaak van die voor mij onbegrijpelijke ruzies die mij zo'n gevoel van onveiligheid hadden gegeven.”

Wanneer is dat gevoel overgegaan?

”Toen ik bij mijn vader wegging, bleek de wereld erg mee te vallen. Niemand die me nog sloeg, niemand die aan mijn hoofd zat te zeiken.

En ik ontdekte het acteren. Mijn kapper gaf me een advertentie uit een huis-aan-huisblaadje waarin spelers werden gevraagd voor 'Een midzomernachtsdroom'. 'Dat moet jij gaan doen' zei hij. Ik dacht dat hij gek geworden was. Bij toneel op school mocht ik alleen de boekjes klaarleggen en verder had ik mijn bek te houden. Toneel was voor de weke types, de kinderen met de witte gezichtjes. Maar ik ben er toch naar toegegaan en werd aangenomen. Een openbaring. Ik kwam in een andere wereld. Een ongevaarlijke, veilige wereld.”

Vol aantrekkelijke vrouwen. U bent vier keer getrouwd.

”Tja, die vier huwelijken. Om te beginnen was iemand die mij aardig vond en liefde gaf al meteen de koningin. Daar deed ik alles voor. Als gevoelens van onbehaaglijkheid opspeelden, negeerde ik ze. Tot er een moment kwam dat ze niet meer te negeren wáren. Maar omdat ik geen ruzie kon maken schakelde ik meteen over op mijn killing power. Dan ging het meubilair eraan en was het over en uit. Verbrak ik heel drastisch de band zonder zelf precies te snappen waarom. Inmiddels ben ik met Suzanne getrouwd. Een prachtige, fantastische vrouw met wie ik voor het eerst ook enorm ruzie kan maken. Dat voorkomt een hoop ellende.”

Uit uw vier huwelijken heeft u vijf kinderen. Bent u in de loop der jaren veranderd in het vaderschap?

”Ik hield zielsveel van mijn eerste kind - nu 38 - maar ik kon niet leven met zijn moeder en raakte daardoor ook hem kwijt. Ik heb dat gat niet kunnen overbruggen maar er misschien ook te weinig voor gedaan. Uit mijn tweede huwelijk heb ik twee zoons. De scheiding was gruwelijk, maar hun moeder deed de deur niet voor me dicht. We gingen samen op vakantie, ik was de man die kwam en weer vertrok, een soort zeeman. Mijn derde vrouw en ik hebben een ouderschapsregeling over onze dochter van tien. En voor mijn jongste zoon van twee probeer ik een echte vader te zijn. Ik heb meer en meer geleerd mijn trouw te bewaken.”

Even terug naar uw vraag, wat denkt u dat God zou antwoorden?

”Hij zou zeggen: 'Peter, ik heb je het leven gegeven. Die hele rijke toverdoos met ontzagwekkende mogelijkheden. Zie maar dat je die rem zelf inbouwt. Het is aan jou.'”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden