Met fluoride het beste gebit van Europa

Witte tanden zijn al eeuwen onderdeel van het schoonheidsideaal. Maar pas honderd jaar geleden drong het tandenpoetsen echt door.

Rond 1800 deed Napoleon al zijn best zijn mond schoon te houden door tandpoeders met koraal en opium erin te gebruiken. Hij poetste zijn tanden met een prachtige zilveren borstel met paardenhaar, waarin zijn persoonlijke monogram geslagen was. Deze tandenborstel is nu te zien als onderdeel van de tentoonstelling ’Say cheese! De kracht van de mond’ in het Leidse Museum Boerhaave. De expositie wordt georganiseerd ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van het Ivoren Kruis, de Nederlandse vereniging voor mondverzorging.

„Sinds de tijd van Napoleon is er veel veranderd”, vertelt conservator Bart Grob. „In de 18de en 19de eeuw waren witte tanden al onderdeel van het schoonheidsideaal. Maar tandenborstels en mondwater waren alleen beschikbaar voor de rijkeren.”

Zo gebruikte Koningin Victoria van Engeland rond 1850 een prachtige parelmoeren set tandenstokers, aan de bovenkant versierd met een gouden kroontje, die ook in Museum Boerhaave te zien is. Voor de niet-koninklijke rijken bestonden er minder luxueuze setjes, met tandenborstels, tandenstokers en tandpoeders met de meest uiteenlopende ingrediënten als opium, azijn, rozenextract en verkoold brood.

Toch duurde het tot in de 20ste eeuw voor het echt doordrong dat schone tanden niet alleen mooi zijn, maar dat goede mondverzorging ook belangrijk is voor de algehele gezondheid en dat het vooral draait om het bestrijden van bacteriën. „De status van het Nederlands gebit was tot na de Tweede Wereldoorlog erbarmelijk”, zegt Grob. „Het Ivoren Kruis heeft zich met voorlichtingscampagnes hard gemaakt voor een betere mondhygiëne en is erin geslaagd echt een gedragsverandering teweeg te brengen. Dat is bijzonder.”

De grote omslag in de status van ons gebit kwam uiteindelijk met de introductie van fluoride in tandpasta. Deze stof zorgt ervoor dat tanden en kiezen minder kwetsbaar zijn voor zuuraanvallen van bacteriën. Grob: „Nu hebben wij Nederlanders het beste gebit van Europa, misschien wel van de hele wereld.”

Er valt veel te ontdekken bij ’Say cheese!’. De tentoonstelling neemt u ver mee terug in de tijd naar de oude Egyptenaren, maar ook het nieuwste van het nieuwste op het gebied van tandheelkunde is vertegenwoordigd: een simulator waarmee studenten aan het Academisch Centrum Tandheelkunde in Amsterdam les krijgen en waar die opleiding internationaal hoge ogen mee gooit. Met een 3D-bril op kan de bezoeker zelf ook het boren van een kies oefenen. De simulator is levensecht: op het moment dat de boor de virtuele kies raakt voel je de tegenstand van het bot.

„Met ’Say cheese!’ willen we een ode aan de mond brengen”, zegt Grob. „We brengen alle aspecten van de mond en mondverzorging in beeld. Van het oudste narcosemasker van Europa tot tandpastareclames en van een film over ritueel tandentrekken bij een Afrikaanse stam tot spotprenten over de tandarts.”

Voor kinderen en jongeren valt genoeg te beleven. Met spelletjes, filmpjes, een speurtocht en een kisscorner, waar ze alles te weten komen over zoenen, hoeft niemand zich te vervelen. En wie durft, kan een speciale tandplakfoto laten maken. Daarop is te zien of het gebit in goede staat verkeerd of dat er beter moet worden gepoetst.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden