Met een rolkoffertje naar school

Eén op de vijf leerlingen woont niet bij beide ouders. Een zaak van ouders en kinderen, maar ook van de school. Wie nodig je uit voor het oudergesprek?

Stel je Sterre (9) voor. Elke woensdag komt ze met een rolkoffertje met pyjama, schone kleren en gymspullen naar school. De ouders van Sterre zijn uit elkaar, maar zorgen wel samen voor haar: ze co-ouderen. Op woensdag wordt Sterre door haar moeder naar school gebracht en door haar vader opgehaald. Omdat de exen geen zin hebben elkaar tegen het lijf te lopen krijgt Sterre haar koffertje mee.

Een week later gaat het andersom, dan brengt vader Sterre en de koffer en haalt moeder haar op. Bijna een kwart van de kinderen van gescheiden ouders pendelt inmiddels op en neer tussen twee huizen. De basisschool wordt steeds vaker als wisselplaats gebruikt, zegt Corrie Haverkort van Nieuw Gezin Nederland, een stichting voor stiefgezinnen.

Dat gaat niet altijd van een leien dakje. Want waar moet die koffer op school de hele dag staan? Onder de kapstok waar andere kinderen er een knuffelbeest uit kunnen trekken om te plagen? "Ouders beseffen niet dat een kind op zo'n dag even nergens woont", zegt Haverkort.

Een rugzak of koffer met al je spulletjes onder de kapstok kan een onrustig en onveilig gevoel geven, waardoor een kind met zijn hoofd niet bij de les is. "Jonge kinderen vergeten soms ook dat ze 's middags naar papa gaan die een half uur rijden verderop woont. Die maken dan per ongeluk toch een speelafspraakje voor de woensdagmiddag en raken in war."

Niet alle juffen en meesters weten hoeveel impact een scheiding heeft op een kind, laat staan dat ze weten hoe ze ermee moeten omgaan, zegt Haverkort. Daarom schreef ze met scheidingsonderzoeker Ed Spruijt van de Universiteit Utrecht het boek 'Kinderen uit nieuwe gezinnen. Handboek voor school en begeleiding', dat vandaag verschijnt.

Uit onderzoek van Spruijt blijkt dat twintig procent van de Nederlandse kinderen tussen de tien en vijftien jaar in een 'nieuw gezin' woont. Nieuwe gezinnen: een parapluterm voor eenoudergezinnen, stiefgezinnen, samengestelde gezinnen, co-oudergezinnen en roze gezinnen.

In een gemiddelde basisschoolklas van dertig leerlingen gaat het om zes kinderen. Dat zijn er meer dan leerkrachten beseffen, zegt Spruijt. De vorming van zo'n nieuw gezin heeft veel impact op kinderen. "Een scheiding is niet één, twee, drie voorbij en voor een nieuw gezin functioneert ben je een paar jaar verder. Dat is een stressvolle periode waarin kinderen zich minder goed kunnen concentreren en slechtere cijfers halen."

Of ze willen of niet, scholen moeten iets met die kennis, aldus Spruijt. "Je kunt scheiden nu eenmaal niet verbieden, zoals je auto-ongelukken ook niet kunt verbieden. Het gebeurt. Het enige dat je als school kunt doen, is het zo veilig mogelijk maken voor de leerling. Veel scholen denken: we zien het wel even. Als het een groot probleem wordt, doen we er wat aan. Maar scheiden ís een groot probleem."

Het zou helpen als scholen behalve een rouwprotocol - voor als een ouder overlijdt - ook een scheidingsprotocol zouden opstellen, vinden Spruijt en Haverkort. Daarin leggen school en ouders vast wat de thuissituatie is en hoe ze gaan communiceren. Welke ouder ontvangt bijvoorbeeld brieven over de ouderavond? En wie komt er naar dat tienminutengesprek?

Maar dat zijn de praktische zaken. Het zou kinderen ook helpen als juf in de klas meer praat over soorten gezinnen. Zeker nu nieuwe gezinnen in aantal toenemen. "Dan wordt het gewoner dat kinderen in verschillende huizen wonen. En dat is wat kinderen willen: gewoon zijn."

Dat beseft leerkracht Els Edelbroek terdege, al gaat het er in de klas zelden over. Ze staat voor de klas in groep vijf van de Franciscusschool in Woerden. Zeven van de 32 leerlingen hebben gescheiden ouders, eentje heeft twee moeders.

Waarom wordt er in de klas toch weinig over die verschillende thuissituaties gepraat? Het schoolrooster zit 'bomvol', zegt Edelbroek, maar kinderen vinden het ook lastig om erover te praten. "Ze doen alles om niet op te vallen. Bovendien zijn ze loyaal aan hun ouders: ze zullen niet snel vertellen dat er thuis iets aan de hand is, omdat ze dan het gevoel hebben dat ze hun ouders afvallen."

Ze weten dat ze kunnen aankloppen bij de juf, maar ze doen dat eigenlijk nooit. "Dat gebeurt pas als er echt een probleem is. Zo had mijn collega in groep acht vorig jaar een jongetje in de klas dat zijn kinderkamer moest afstaan omdat de nieuwe vriendin van zijn vader een baby kreeg. Dat jongetje voelde zich aan de kant gezet. Het zat hem zo hoog, dat hij erover vertelde."

Niet alle leerlingen ondervinden problemen van een scheiding, zegt Edelbroek. Vorig jaar had ze een leerling in de klas met co-ouders en dat ging prima. "Dat meisje wilde de tafels van vermenigvuldiging beter leren en toen we dat bespraken zei ze: bij papa kan ik op de computer oefenen en bij mama met kaartjes. Het hoorde bij haar routine."

Bij de klas van Edelbroek staan er geen koffers op de gang voor de wekelijkse wissel. De kinderen en ouders wonen dicht in de buurt, zegt ze. "Ze kunnen makkelijk even iets ophalen in het andere huis. Als een ouder bijvoorbeeld in Breda zou wonen, zou het lastiger zijn."

Of ze een ouder met verhuisplannen daarop zou aanspreken, weet ze niet goed. "Dat is een groot dilemma. We zijn daarin terughoudend. Je krijgt snel de reactie dat je je er niet mee moet bemoeien. Zodra het over opvoeding gaat, is het lastig om met ouders te communiceren. Dat geldt overigens ook voor ouders die samen zijn. Het gebeurt wel eens dat een kind vermoeid oogt in de klas. Dan vraag je je af hoe laat hij naar bed gaat. Maar ouders zijn niet altijd gediend van die vraag. Ze voelen zich snel aangevallen."

De gezinssituatie bespreekt Edelbroek alleen als ze ziet dat er echt iets aan de hand is. "Als een ouder het niet wil horen, houdt het op." Zo kreeg de leerkracht van de jongen die zijn slaapkamer moest afstaan, nul op rekest bij diens vader, vertelt Edelbroek. "Mijn collega wilde met hem bespreken of hij zich bewust was van de impact op zijn zoon en of het niet verstandig was de jongen uit te leggen dat het niets met hem te maken had. Maar de vader had zoiets van: waar bemoei je je mee?"

Edelbroek begrijpt dat ook wel. Uit eigen ervaring weet ze dat het vormen van een nieuw gezin een ingewikkelde aangelegenheid is. Twaalf jaar geleden werd ze stiefmoeder van vier kinderen die haar man uit een vorige relatie meebracht. "In het begin ligt de manier waarop je met de scheiding en je kinderen omgaat te gevoelig, dan zie je alles als een aanval. Nieuwe gezinnen moeten een nieuwe hiërarchie samenstellen. Ouders willen wanhopig dat het gaat lukken, maar voor kinderen is het niet makkelijk. Emoties laaien snel op."

Ook ouders hebben niet altijd door wat een scheiding voor invloed heeft op hun kind, erkent Haverkort. "Laatst sprak ik nog een vader die zei: 'Wat heeft de school nou met onze gezinnen te maken?'" Ouders willen het graag goed doen, maar weten niet altijd hoe dat moet. "Ze hebben best behoefte aan wat pedagogische sturing en waarderen het als de leerkracht zich bekommert om hun kind." Maar tegelijkertijd moet de juf zich niet al te veel met de thuissituatie bemoeien.

Tips voor leraren
Spruijt: "Het is lastig voor leraren. Kinderen, maar ook ouders, willen het er niet altijd over hebben. Je moet dat heel goed aftasten. Maar je hoeft het als leerkracht niet volmaakt te doen. Alle kleine beetjes helpen."

'Kinderen uit nieuwe gezinnen. Handboek voor school en begeleiding.' Corrie Haverkort en Ed Spruijt. Uitgeverij LannooCampus. 308 bladzijdes. ISBN: 9789401401852. Prijs: 29,99 euro. Op 6 november is in Driebergen een congres over nieuwe gezinnen.

Spreek positief over nieuwe gezinnen en maak geen denigrerende opmerkingen over stiefouders. Pols zorgvuldig of een leerling wil praten over problemen thuis. Word niet boos wanneer een leerling uit een nieuw gezin gymspullen of een boek is vergeten, ook al is dat onhandig.Communiceer duidelijk met de ouders en maak heldere afspraken over de leerling.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden