Met een polsbandje slachtoffer en redder verbinden na reanimatie

Het polsbandje.Beeld Hart4all

Wie in Utrecht een hartstilstand krijgt en wordt gereanimeerd, of wie een ander helpt door te reanimeren krijgt vanaf nu een polsbandje mee. Via de code op het bandje kunnen burgerhulpverleners en (familie van) het slachtoffer met elkaar in contact komen.

De polsbandjes van Hart4all zijn een idee van Bettina Heefer (54). “Nadat mijn moeder tien jaar geleden een hartinfarct kreeg besloot ik een EHBO- en een AED-cursus te volgen. Daar sprak ik medecursisten die iemand hebben gereanimeerd en nooit meer iets van de patiënt hebben gehoord. Ze zaten met zoveel vragen, of wie ze hadden geholpen nog leefde bijvoorbeeld.” Ze vond dat ‘te gek voor woorden’ en is daarom Hart4all gestart. 

Het Utrechtse ambulancepersoneel heeft nu een kistje in de wagen staan met vijf polsbandjes met eenzelfde unieke code. Bij een reanimatie krijgt het slachtoffer een bandje, de andere vier worden uitgedeeld aan betrokken burgerhulpverleners of familieleden. “Vier is bijna altijd genoeg en zo niet, dan kan een foto worden gemaakt van de code”, zegt Heefer. 

Contact leggen mag, maar hoeft niet. “Wie wil, kan op onze site inloggen en de code van het polsbandje invoeren. Als er een match is brengen wij deze mensen met elkaar in contact”, zegt Heefer. “Negentig procent van de burgerhulpverleners logt meteen na het incident in, omdat ze graag willen weten hoe het met het slachtoffer gaat. In 30 procent van de gevallen is er een match met familie van het slachtoffer. In 25 procent van de gevallen is er later een match met het slachtoffer zelf.”

Moeilijk

Jaarlijks krijgen zo’n 17.000 mensen een hartstilstand buiten het ziekenhuis. Volgens Heefer wordt vaak onderschat hoe moeilijk het is om iemand die ‘als het ware dood is’ in leven te houden. “Slachtoffers die een hartstilstand overleven, gebruiken de contactoptie vaak om hun redders te bedanken. Nabestaanden hebben veel vragen: wat er gebeurde voordat vader van de fiets viel?  En wie geen behoefte heeft aan contact kan het polsbandje gewoon weggooien.”

Utrecht is niet de eerste regio waar de de polsbandjes worden uitgedeeld. Dat gebeurt ook al in Gelderland Midden, Rotterdam Rijnmond, UMCG Ambulancezorg en ambulancedienst Brabant Midden-West-Noord. Er zijn sinds de oprichting op 1 februari 2013 ruim 200 matches geweest tussen burgerhulpverleners en (familie van) patiënten. “Er zijn ook 450 matches tussen burgerhulpverleners onderling.”

Over de privacybescherming zegt Heefer: “Wij weten niets over de hulpverleners of de slachtoffers. Niet of het een man of een vrouw is en ook niet of zij het hebben overleefd. Wie inlogt kan een e-mail achterlaten en wij zorgen dan dat die e-mail bij het slachtoffer of zijn of haar familie terechtkomt. Wat zij ermee doen, is aan hen.”

Heefer hoopt dat meer gebieden zullen volgen. “Iedereen heeft recht op deze vorm van  nazorg. Het is een simpele manier om veel vragen te kunnen wegnemen. Ik had stiekem gehoopt dat er al een landelijke dekking zou zijn.”

Lees ook:
12.000 extra AED’s scheelt jaarlijks honderden mensenlevens

Het aantal defibrillatoren in Nederland is de afgelopen twaalf maanden met 45 procent toegenomen, maar regionaal zijn de verschillen groot en de vier grote steden lopen achter.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden