'Met een doortrapte en perverse moraal houdt geen beschaving het lang uit'

Groepen mensen voor het station in Keulen in de oudejaarsnacht. Beeld EPA

Een van de columns van Sylvain Ephimenco die me altijd is bijgebleven speelde zich af in de metro van Parijs. De gebruikelijke situatie van anonieme eenkennigheid werd plotseling doorbroken toen een groep Maghrebijnse jongens de wagon in kwam, zo vertelde Ephimenco.

Doelbewust omcirkelden ze de jonge vrouwen die alleen waren, maakten opmerkingen die alleen voor hen verstaanbaar waren maar duidelijk niet complimenteus waren bedoeld, betastten en beroofden hen. Bij het volgende station maakte de groep zich uit de voeten, een paar portemonnees, mobiele telefoons en seksuele prikkelingen rijker.

Dat stukje moet dateren van flink wat jaren her, maar de gebeurtenissen lijken als twee druppels water op wat er met oudjaar in Keulen gebeurde. Het is waarschijnlijk een van de véle herhalingen ervan. Want achter dit wangedrag lijkt een patroon te zitten. Met oudjaar speelde het zich tegelijkertijd in verschillende Duitse steden af. Het gedrag van de reizigers in de metro deed vermoeden dat het voor hen ook in Frankrijk al bijna gewoon geworden was.

Verontwaardiging
Ephimenco's verslag maakte diepe indruk op me. Niet alleen uit medelijden met de slachtoffers, verontwaardiging over het gedrag van de omstanders, en pijnlijke vraag wat ík in zo'n situatie gedaan zou hebben. Maar meer nog omdat ik geschokt was door de diepe lafheid van de gebeurtenis. Een vrouw aanvallen doe je niet: in al zijn traditionalisme is die basisregel nooit uit mijn fatsoensbesef verdwenen. Een vrouw aanvallen met meerderen doe je al helemáál niet. En haar dan seksueel vernederen en beroven... hier stokt mijn voorstellingsvermogen.

Laat ik dan maar ouderwets, laat ik daarin desnoods 'seksistisch' zijn: aan sommige gedragsregels jegens het andere geslacht torn je niet, op straffe van verlies aan zelfrespect. Hoe moet het losgeslagen volk van oudejaarsnacht terugzien op wat het heeft uitgevreten, hoe kan het zichzelf nog onder ogen komen, zo vraag ik me af? Is het mogelijk dat het dat doet zonder schaamte, misschien zelfs met voldoening of trots? Hoe ontsnapt het aan het besef van verachtelijkheid dat het verdient?

Ethnische achtergrond
In Keulen was er volgens getuigen en politie sprake van lieden met een Noordafrikaans of Arabisch uiterlijk. Sommigen hebben daar overhaast vluchtelingen en asielzoekers van gemaakt, vooralsnog zonder bewijs. Heel waarschijnlijk komt het me ook niet voor. Dit gedrag lijkt me eerder typerend voor jongeren die al langer in Duitsland wonen, misschien zelfs er geboren zijn. Maar over hun ethnische achtergrond bestaat weinig twijfel, in de beschrijving van Ephimenco zelfs helemaal geen.

En daar beginnen voor mij de raadsels. Vaak is opgemerkt dat in de Arabische cultuur schuld een minder belangrijke rol speelt dan schaamte. Dat eer erin boven alles verheven is. En dat aanzien beslist over de vraag of iemand iets voorstelt of niet.

Hoe rijm ik dat - en belangrijker: hoe rijmen zíj dat met publiek gedrag dat in zijn lafheid het absolute tegendeel is van eervol aanzien? Dat alles wat waardigheid, moed en zelfbewustzijn zou moeten zijn met de voeten treedt? Dat zelfs de meest 'vreemde' nieuwkomer in deze samenleving zou moeten vervullen met diepe schaamte - even diep als de autochtoon erdoor vervuld zou worden van schuldbesef?

Perverse moraal
Natuurlijk kun je andere waarden- en moraalsystemen afdoen als per definitie minderwaardig - maar dat is mij te gemakkelijk. Met een doortrapte en perverse moraal houdt geen beschaving het lang uit. Wat in Keulen en in Ephimenco's metro gebeurde was op geen enkele wijze en volgens geen enkel waardenpatroon te beschrijven als 'fatsoen' - tenzij als dat wat een ontspoorde en zieke subcultuur daarvoor laat doorgaan. Zelfs volgens criminele logica is dit ultieme bewijs van lafheid onmogelijk te verenigen met 'eer'.

Daarom denk ik niet dat er in Keulen, in al die andere Duitse steden of in de Parijse metro sprake was van botsende culturen. Ik denk dat het getuigt van een demoralisering waarin de criteria voor eer en fatsoen van zowel de ene als de andere cultuur vermalen zijn geraakt. Een ontregelde jeugd doolt erin rond als in een landschap na een veldslag. Alles ligt in puin, er is geen enkele oriëntatie - behalve die van de grofste instincten van lijf en groep.

Dat mag moraliserend of prekend klinken, en zo'n klaagzang over nihilisme en ontsporing is ongetwijfeld al talloze malen in de geschiedenis aangeheven. Nu, dat zij dan maar zo; ik kan er niets anders van maken. Zelfs tegenover dit soort verbijsterende eerloosheid tast ik naar uitleg, begrip en inzicht - en het resultaat levert weinig fraais op. De verwording is misschien nog alarmerender dan wij denken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden