'Met dit boek leerde ik over mezelf te schrijven'

Max van Rooy, journalist en schrijver

"Mijn rechterbeen werd geamputeerd op een maandagmiddag in september vorig jaar. Een vraatzuchtige tumor had een gat in het bot geknaagd, mijn been moest eraf tot ruim halverwege het bovenbeen. 'Snijtijd negentig minuten', hoorde ik de chirurg zeggen bij het reserveren van de operatiekamer.

Zes hoofdstukken had ik op dat moment af van de biografie van mijn grootvader, de architect Berlage. Praktisch gezien kon ik daar onmogelijk mee doorgaan. Om te kunnen schrijven moet ik in mijn werkkamer zijn. Ik wil een boek kunnen pakken als ik het nodig heb - een biografie schrijf je niet in een ziekenhuisbed of een revalidatiecentrum. Maar ik wilde wel blijven schrijven en ik wilde iets moois maken.

Ik moest dus iets nieuws verzinnen. En dat werd me in de schoot geworpen door mijn zoontjes, een tweeling van zeven. Ze bezochten me in het ziekenhuis en namen zelfgemaakte tekeningen mee: van jubelende mannetjes, handjes in de lucht, op één been. Hun werkjes ontroerden me diep. Zo zagen zij me kennelijk: als een zeerover-kapitein met een houten poot. Casper en Sebastiaan moesten weten wat hun vader was overkomen, besloot ik. En dus begon ik te schrijven, twee dagen na de amputatie. Ik beschreef de sensaties die ik voelde in mijn 'spookbeen'. Opgewekt moest het boek worden, vrolijk, geschreven vanuit nieuwsgierigheid naar mijzelf.

In de eerste plaats schreef ik voor mijn zoons, maar in het revalidatiecentrum kreeg ik veel tijd om na te denken. Herinneringen zagen, meer dan voorheen, de kans om zich naar boven te werken. Zo daalde ik gaandeweg af in mijn eigen verleden. Automatisch ging ook mijn ontmoeting met Anita - mijn vrouw, de moeder van mijn zoons - deel uitmaken van het verhaal. Ook kon ik iets kwijt over mijn liefde voor kunst en architectuur.

Steeds meer kreeg ook de geschiedenis van Hedwig, mijn eerste vrouw, een plek in het verhaal. Nooit eerder had ik over Hedwigs ziekte geschreven, dat lukte niet. Nu is haar verhaal - Hedwig werd jong dement en kwam terecht in een verpleegtehuis - een boek geworden ín het boek over het verlies van mijn been.

Langzamerhand legde ik een archief aan in mijn hoofd; praktischer dan het archief in mijn werkkamer. En ik merkte, terwijl ik bezig was, dat ik het kon: ik kon over mezelf schrijven! In de veertig jaar dat ik schrijf, heb ik nooit één stuk over of vanuit mezelf geschreven, het gíng niet. Bij de krant had ik collega's die het deden, maar hun verhalen vond ik zelden goed. Dat het mij ineens wel lukte, kan ik alleen verklaren uit het verlies van mijn been. De amputatie is een soort shocktherapie geweest. Het maakte dat ik de natuurlijke gêne verloor die ik had om over mezelf te schrijven. Een wonder.

Leve het been - ik weet zelf niet of ik mijn spookbeen of mijn 'goede been' bedoel. Het heeft me geholpen over mezelf te kunnen schrijven. Een dezer dagen zal ik het begin van de biografie van mijn grootvader herlezen. Die hoofdstukken zíjn al persoonlijk, maar ik treed er zelf niet in op. Het zou me niets verbazen als ik dat nu wel ga doen. Omdat ik weet dat ik het kan, over mezelf schrijven. Ik weet hoe het moet en dat ik het durf."

Max van Rooy, Leve het been (snijtijd 90 minuten). Prometheus, Amsterdam; 239 pagina's, €14,95

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden