Met de rug naar Joop en Gerrit

Scheveningen De VVV Den Haag 06-34035051 (bij het Centraal Station i.v.m. de Vermeer-tentoonstelling razend druk; neem anders die aan de Gevers Deynootweg) geeft een informatieve Scheveningse stadswandeling uit (¿3,50). Vanaf Station Hollands Spoor rijden tramlijn 1 en 9 naar de Pier. Tramlijn 7 tussen Centraal Station en haven is een klein (Haags) uitje op zich. Het Museum Scheveningen (in de voormalige ULO - een en al nostalgie) is geopend di t/m zo 10-17, het Zeemuseum bij de jachthaven ma-zo 10-17, zo 13-17. Het schitterende Museum Beelden aan Zee in het Paviljoen von Wied is geopend di-zo 11-17).

MARLEEN VAN SWIGCHEM

Toen Gerrit van der Valk in 1991 de op instorten staande Pier overnam, schaarde hij zich in een reeks namen die zich als een rij aartsvaders laat opdreunen: Van der Valk kocht de Pier van belegger Nationale Nederlanden (die het circustheater verkocht aan Joop van den Ende), Nationale Nederlanden kocht het van bouwer Bredero (die zich onsterfeljk maakte door het Kurhaus te willen slopen). Bredero nam het over van onroerend-goedmagnaat Zwolsman, die in 1962 het merendeel van de aandelen van de Exploitatie-Maatschappij Scheveningen verworven had. De E.S.M., waar mr. Adama Zijlstra de dienst uitmaakte, was een vervolg op de Maatschappij Zeebad, die het Kurhaus op haar naam zette. Dat was in 1886, een jaar na het overlijden van hotelexploitant, reder, nettenhandelaar en gemeenteraadslid Adr.E. Maas. Eigenlijk kwam daarvóór nog een stam-moeder: de weduwe Maas, Adriaans moeder, die het Stedelijk Badhuis voor de gemeente Den Haag exploiteerde. En dáárvoor dus kwam Jacob Pronk met zijn bad-concessie. In 1818 zijn we dan.

Als het aan Den Haag lag bestond heel Scheveningen louter uit Kurhaus, Pier en aanverwanten zoals Palace Promenade, Megabioskoop en Circustheater. De all season-exploitatie, waar weduwe Maas al van droomde, wordt steeds meer geperfectioneerd. Leve de Van der Valken en de Van den Endes! Zelfs de havens moeten meedoen, binnenkort.

Fijnbesnaarde wandelaars kunnen voorlopig een zucht van verlichting slaken. De wandeling kan vrijwel geheel met de rug naar Joop en Gerrit afgewerkt worden, te beginnen met het enorme gat dat - de hemel mag weten hoe - ooit iets bruisends moet worden (het plein kreeg in het plan-stadium al de beruchte Prix de P.). Uitgebluste pensions en strandpaleizen zorgen voor een weemoedigheid die niet weg te saneren is; het huizenblok van architect Kropholler, rond de Lourdeskerk (waarvan de toren een cadeautje is van Zwolsman), draagt daar het zijne toe bij. En intussen loeren achter elk zijstraatje de hoge flatgebouwen...

De Haringkade langs het in 1860 tot vlak onder de duinen gevorderde kanaal (voor het vervoer van vis èn badgasten) maakte een soort wespetaille tussen badplaats en vissersdorp. (In die jaren was een zeehaven - die de havens van Amsterdam en Antwerpen naar de kroon moest steken! - nog in het stadium van veelbesproken plannen, waartegen vooral de vissers, maar ook de arts van het Badhuis zich verzetten.) Uit hetzelfde toeristische ontsluitingsplan als het kanaal stamde de Badhuisstraat, de verbindende schakel met het dorp. Op de kop van de Keizerstraat, de hoofdstraat in het verlengde van de Scheveningseweg, staat de Oude Kerk, die de illusie van een zelfstandig dorp compleet maakt.

Vanuit hier moet er eigenlijk wel een stukje zee in de wandeling opgenomen worden. Weer terug achter het duin, en vlak achter de kerk, liggen de dicht op elkaar gepakte vissershuisjes in de Zeilstraat-buurt. Er is een doorgang naar de Keizerstraat, die met wat moeite, zigzaggend langs de achtererfjes, te vinden is.

Hoe dan ook terug naar het begin van de hoofdstraat. Vanaf de hoogte van het kerkhofje is er zijdelings zicht op het inwendige van de (in droevige staat verkerende) Technische School van architect Duiker. Even later, voorbij de huizenblokken van de roemruchte wijk 'De Magneet', zou dan eindelijk de haven op moeten duiken. Dat doet hij inderdaad. Nog nèt, tussen de in aanbouw zijnde nieuwe mega-toestanden door met namen als Harbour Residence. Een en ander laat zich min of meer negeren voor wie de weg langs de kaden neemt. Daar liggen de Hr.Ms. Mercuur en een rij trawlers met fotogeniek opgeknoopte netten, vooral ook langs de kade van de visafslag ('betreden op eigen risico' - in het weekeinde is het er rustig). Tot slot is er het havenhoofd, om de Scheveningse business gade te slaan - vanaf deze afstand ziet het spul bij de Pier er bepaald miniatuurachtig uit.

Hier scheiden zich de wegen. Of men trooste zich met een maaltje vis bij de haven (halverwege de kade kunt u doorsteken naar de tram); of men neme de boulevard, met als toetjes: vuurtoren, Seinpostduin, Paviljoen von Wied en wat dies meer zij. En let wel, als het toch over eten gaat: de prijs van een broodje haring, in het café bij het havenhoofd nog drie gulden, is bij de Pier opgelopen tot bijna een tientje - maar dan is het ook 'haring op toast'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden