Met buitenstaanders rekent de knut af

We rijden door Europa, vliegen over de wereld, maar uiteindelijk speelt het leven zich af in een cocon; het dorp, de buurt, het kantoor. De kleine leefgemeenschap is onderwerp van de serie Het Dorp, iedere maandag in De Verdieping. Aflevering 13: Ankeveen.

De amateurschilder zet zijn ezel aan de kant van het water, pakt zijn verfspullen uit zijn fietstas, klapt zijn stoeltje uit en begint de eerste contouren van het idyllische bruggetje op het linnen te zetten. Geconcentreerd bekijkt hij het object, krabt zich achter de oren, lijkt na te denken. Nogmaals krabt hij, en nogmaals. Hij gaat wat verzitten, schuifelt met zijn benen, beweegt. De man kijkt wat hulpeloos om zich heen, gaat verder met zijn bezigheden. Ongemakkelijk, lijkt het. Vanachter het raam van het boerenhuis kijkt een vrouw toe. Ze weet wat er gaande is. Zij gaat niet buiten zitten, houdt de ramen gesloten, al is het nog zulk mooi weer.

,,Hij zal ook niet lang blijven'', weet ze. Ze heeft ervaring met de dagjesmensen die Ankeveen en de prachtige natuurgebieden eromheen aandoen. ,,Het zijn de knutten.'' De vrijwel onzichtbare steekmugjes kunnen een ware plaag vormen, voor de bewoners zelf, voor de vele fietsers en wandelaars, en voor de naturisten die op een eilandje in de Ankeveense Plassen hun blote hobby beoefenen. ,,In de maanden mei en juni zetten wij doorgaans ons huis niet te koop'', zegt de vrouw. De bijtgrage moerasmuskiet, de knut, (of knaasje, knijsje, knijtje, knotje, meurs of in het Engels midges of no-see-ums, of zo u wilt de officiële naam Culicoides obcoletus), hoort bij het dagelijks leven van de nazaten van de veenwerkers. Ze kruipen in je oren, in je haar, je neus. En overal veroorzaken ze kriebel. Sommige mensen zijn er extra gevoelig voor, zitten vol rode bultjes na een onverwachte aanval van de beestjes. Binnenblijven en je lichaam bedekken, er zit weinig anders op.

De Ankeveners zijn gewend aan ongemakken. Niet alleen de knutten, ook de ordinaire mug en allerlei andere vliegende insecten zwermen in het moerassige veengebied rond. De bewoners kennen de fenomenen als geen ander, lachen om de buitenstaanders, zoals die stadse filmacteurs die bij opnames op die prachtige plassen moesten vluchten. Ze hadden niet beseft dat bij nadering van de zonsondergang, als de zon in kracht afneemt, de natuur de overhand neemt.

Het ongemak van de insecten is er de laatste tientallen jaren niet minder op geworden. Het werk van Natuurmonumenten, het laten groeien van het gras en onkruid, zou hebben bijgedragen aan de toename. De echte Ankevener heeft een haat-liefde verhouding opgebouwd met de beestjes, is vol leedvermaak om de nieuwkomer die een prachtig huis aan de plassen heeft gekocht, en na een enkel jaar alweer besluit te vertrekken naar veiliger oorden. Niet alleen het stekebeest, maar ook de Ankeveense nachtegaal bezorgde die buitenstaander slapeloze nachten. De veenbewoners zelf kunnen het oorverdovend gekwaak van de kikkers wel waarderen, horen het zelfs niet meer bewust, zo zijn ze er aan gewend. Ze zijn opgegroeid met de sloten en de plassen, als kind werden ze gewaarschuwd voor de gevaren van het duistere water. Als je te dicht bij de kant komt kan Haantje Pik je wel eens in het water sleuren. En wat er dan met je gebeurt... Je wordt verslonden, of nog erger.

Doorgaans staat Ankeveen positief tegenover nieuwe bewoners, verzekert men in het plaatselijke café Het Wapen van Ankeveen. En vervolgens noemt de bezoeker een reeks van uitzonderingen. Arrogantie wordt niet getolereerd. 'Doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg', is het motto. Van de nieuwkomers wordt verwacht dat zij meedoen aan de plaatselijke activiteiten, de feesten. En dat zijn er vele; Ankeveen is dol op feesten. Praten, ja roddelen, daar moet die nieuwkomer ook tegen kunnen. Want er wordt heel wat afgepraat op het Hollandse of Stichtse End of na de dienst van de rooms-katholieke kerk.

De dames van café en spijslokaal De Scheve Schaats kunnen daarvan meepraten. Vanuit het twintig kilometer verderop gelegen wereldse Amsterdam waren ze naar het beeldschone Ankeveen gekomen om daar een nering te beginnen. De zaak loopt nu prima, maar in de begintijd ging het duo over de tong. De potterie werden ze genoemd, zegt een man in het Wapen. Het zijn in zijn ogen gewoon een stel toffe vrouwen, ze hebben er alles aan gedaan om erbij te horen. En dat is gelukt.

De dames willen nu niet meer weg, zijn volledig geaccepteerd in het plaatselijke gemeenschapsleven. Prijzen zelf Ankeveen de hemel in; de natuur is er superieur, de mensen zijn er aardig. Als het echt winter is kun je nergens zo mooi schaatsen, en in de zomer kun je nergens zo fantastisch fietsen en wandelen.

Weinig plaatsen in dit deel van Nederland kunnen bogen op een dergelijke saamhorigheid. Het komt wellicht doordat Ankeveen een katholieke enclave is in een protestants gebied. Rond de kerk ligt de kern met zo'n duizend inwoners. De mensen van de Hereweg, richting 's Graveland vallen eigenlijk een beetje buiten de boot, zijn meer georiënteerd op het protestantse en wat deftiger 's Graveland.

Ankeveen is anders, minder beïnvloed door het Gooi, waar men volgens de Ankevener niet weet wat Hollandse gezelligheid is. Wat het betekent om feest te vieren. Een vrouw zegt: ,,Ik durf het eigenlijk niet hardop te zeggen, maar het is hier net Brabant. Je loopt zo bij elkaar binnen voor een kopje koffie.'' Een ander: ,,Je ziet hier dat mensen hun auto gewoon voor het café zetten, het raam open laten staan en de sleutel in het contact laten zitten. Waar kan dat nog, zo dicht bij Amsterdam?''

De harde kern van veenbewoners kent elkaar goed van de koude winterseizoenen, als de fameuze Ankeveense IJsclub actief is. Vrijwel iedereen helpt dan bij het organiseren van de festiviteiten op de ijsbaan en het uitzetten van de tochten op de plassen. Fanfarekorps De Vriendschapskring, carnavalsvereniging de Schuimlikkers, het Groot Waterkippenkoor, wielrennen, skeeleren enzovoort. Als je meedoet, hoor je erbij.

Er is altijd iets te vieren. Dit jaar was dat de duizendste verjaardag van Ankeveen. Uit de gehele wereld kwamen oud-Ankeveners terug naar hun geboorteplek, want 'het Ankeveense bloed blijft altijd door je aderen stromen'. ,,Het was niet direct omdat we nu precies duizend jaar bestaan'', zegt een inwoner. ,,Die begindatum is niet meer terug te vinden. Nee, we wilden gewoon weer eens goed feestvieren.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden