Met 550 mannen in één grote zaal

Reportage Milad en Nawras belanden in het Beatrixgebouw, waar het leven eentonig is: nietsdoen, slapen en roken

"Wie is dat?" Onder de Domtoren doorlopend wijst Milad Abou Hassoun (21) naar een standbeeld aan de overkant van het plein. Een heroïsch ogende vrouw met ontbloot bovenlichaam en een toorts in haar handen, beschenen door spotlichtjes. De kerk erachter een donker decor. Milad stapt op het beeld af en bekijkt de sokkel. '1940-1945' staat erop.

Hij begrijpt het al.

"Moesten de mensen hier toen ook vluchten?"

Een maand geleden kwam Milad in Nederland aan, samen met zijn vriend Nawras Altaki en enkele anderen. Trouw reisde met ze mee naar Ter Apel. Hoe vervolgden ze hun weg in Nederland? Milad en Nawras blijken in Utrecht terecht te zijn gekomen. Maar van Nawras vanavond geen spoor. "Zijn tegoed is op, ik kan hem niet bereiken", zegt Milad. Oké, na enig aandringen wil hij wel vertellen waar hij uithangt. Nawras geniet, zo blijkt, van Nederlandse vrijheden. "Hasjiesj", grijnst Milad. "Coffeeshop."

Naast Milad staat zijn oom Bassam (55) en zijn vriend Ramzy Mohana (31). De cameraman en de taekwondodocent komen uit dezelfde stad als Milad, Al-Suweyda. Ze arriveerden twee weken later dan Milad. Ze dragen oranje bandjes om hun polsen: toegangsbewijs voor de noodopvang op de zevende verdieping van het Beatrixtheater naast het station. Zo'n 550 mannen, vooral Syriërs, slapen er in een grote zaal met stapelbedden, her en der hangt een blauw doek voor wat privacy.

Hier wachten ze hun procedure af. Dat kan nog wel eens lang duren, waarschuwt staatssecretaris Dijkhoff in een brief die hij deze week deed uitgaan naar vluchtelingen in nood- en crisisopvang. Milad, Bassam en Ramzy hebben er dinsdag nog niet van gehoord, maar als een verrassing komt de brief niet. Dat ze lang moeten wachten, hadden ze zelf ook wel in de gaten.

"Aan het begin was ik verbaasd dat alles zo lang duurt", zegt Milad. "Ik kwam hierheen omdat ik hoorde dat Nederland juist het snelst is met de procedure en dat iedereen hier graag vluchtelingen helpt. Nederland is number one, zei iedereen."

Het wachten begon al meteen na aankomst. Toen ze een maand geleden het aanmeldcentrum in Ter Apel binnenstapten, koesterden ze nog de hoop direct hun vingerafdrukken af te kunnen staan en hun procedure te beginnen. Het liep anders. De agenten bij de deur, een vrouw en een man, zeiden 'welkom in Nederland', namen hun paspoort aan en wezen vervolgens naar een tafeltje in de hoek met tosti's en melk.

En dat was dat.

Ze sliepen die nacht met tweehonderd in een kamer. Moe waren ze, toch praatten ze over wat hen te wachten stond. De volgende dag werden er van ieder afzonderlijk foto's genomen. Om vijf uur 's middags moesten ze een bus in. Waar ze heengingen, niemand wist het.

Er volgden drie weken van nietsdoen in het Beatrixgebouw - dáárheen dus. Daarna werden Milad en Nawras weer naar Ter Apel gebracht, dit keer voor drie dagen. Ze mochten hun vingerafdrukken afstaan en kregen hun eerste interview - zonder advocaat. "De IND-man was heel vriendelijk", zegt Milad. "Alles ging goed, ik voelde me op mijn gemak."

Waneer ze hun tweede gesprek krijgen, weten ze niet. Advocaten hebben nog geen contact met ze gezocht, al is hen dat toegezegd. Ze horen ondertussen verhalen over groeiende weerstand onder de bevolking. Milad, onzeker: "Zijn de Hollanders wel oké met ons?"

Diepe wallen staan onder zijn ogen. Hij heeft last van zijn maag. Slapen is moeilijk. Er is 's nachts altijd rumoer. De tl-buizen gaan rond middernacht uit, maar mensen blijven smoezen, zijn in de weer met hun mobieltjes, lopen rond.

Vrijwilligers nemen hen 's ochtends soms mee voor een activiteit, voor de rest is het leven eentonig. Op bed liggen. Roken bij de ingang beneden. Door Hoog Catharijne of het centrum slenteren - "zo raar, dat hier de winkels al om zes uur allemaal dicht zijn".

Ze lopen weer verder, weg van het beeld bij de Domtoren. Ondertussen vertelt Ramzy over zijn dochter, Maryam. Vier maanden geleden geboren; hij was al gevlucht. Nederland koos hij omdat hij hoorde dat je hier snel je gezin over kunt laten komen, zegt hij. Dijkhoffs brief heeft hem niet ontmoedigd. "Ik wacht gewoon nog wat langer."

Hij moet het voorlopig doen met de foto's op zijn smartphone. Foto's van een baby met zeeblauwe ogen. De ogen van zijn vrouw. Hij lacht. "Dacht je dat alleen Hollandse meisjes blauwe ogen hebben?"

Trouw volgt de komende tijd een groep Syrische de asielzoekers op hun weg om Nederland te leren kennen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden