Interview

Mensenhandel vindt plaats onder de neus van miljoenen Nederlanders

Corinne Dettmeijer Beeld Inge Van Mill
Corinne DettmeijerBeeld Inge Van Mill

Burgers moeten meer verantwoordelijkheid nemen om mensenhandel tegen te gaan, vindt voormalig Rapporteur Mensenhandel Corinne Dettmeijer. Maandag aanvaardt zij de Cleveringaleerstoel aan de Universiteit Leiden.

Mensenhandel vindt plaats pal onder de neus van miljoenen Nederlanders. De individuele burger moet zich daar bewust van willen zijn en heeft een verantwoordelijkheid in het tegengaan van dit misdrijf, vindt Corinne Dettmeijer. De voormalig Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld aanvaardt maandag de Cleveringaleerstoel aan de Universiteit Leiden.

In de geest van hoogleraar Rudolph Cleveringa, die in 1940 protesteerde tegen het ontslag van zijn Joodse collega’s, roept Dettmeijer Nederlanders op niet weg te kijken als het gaat om mensenhandel. Een vorig jaar gemaakte schatting van de Nationaal rapporteur en de Verenigde Naties gaat ervan uit dat er in Nederland jaarlijks 6250 mensen slachtoffer van worden. 1300 daarvan zijn meisjes tussen de twaalf en zeventien jaar. “Laat dat maar eens binnenkomen”, zegt Dettmeijer. “Word er verontwaardigd over. Je moet die verhalen in je eigen wereldbeeld inpassen.”

Hoe moet dat?

“Ik begin mijn oratie met voorbeelden van kinderen die in Nederland slachtoffer zijn van mensenhandel. Bij een van die kinderen kwam elke week een thuiszorgmedewerker. Daar was een meisje van een jaar of zeven dat jaar in jaar uit stond te poetsen en niet naar school ging. Ze bleek door haar Marokkaanse oom aan een familielid te zijn meegegeven als hulp in de huishouding. Als je zoiets ziet, moet je dat gek vinden. En als je iets gek vindt, moet je iets doen. Als je ernaar zoekt, kun je informatie vinden. Als rapporteur heb ik de verantwoordelijkheid op andere plekken neergelegd: bij de overheid, maatschappelijke instanties, professionals. Nu leg ik die bij de burger. En je kunt de verantwoordelijkheid van de burger natuurlijk op meerdere manieren zien.”

Wat bedoelt u daarmee?

“Het is net als met klimaatverandering. Om dat tegen te gaan kun je minder vlees eten, minder vliegen, altijd het licht uitdoen. Maar het belangrijkste is dat jij je erover opwindt.”

Waarom doen we dat niet?

“Omdat we denken dat het ver weg is. En omdat we niet goed begrijpen wat het inhoudt. We begrijpen niet dat loverboys gewoon mensenhandelaren zijn, en niks anders. In de hulpverlening wordt nog steeds gesproken over ‘meisjes met loverboyproblematiek’. Dat is alsof we het zouden hebben over ‘vrouwen met verkrachtingsproblematiek’, of ‘ouderen met berovingsproblematiek’. Dat is flauwekul. Mensenhandel is een ernstig strafbaar feit dat je wordt aangedaan. Zo moeten we er ook over praten.”

U praat in uw oratie ook over de rol van de consument. Wat kan die doen?

“Mensen zijn wel bezig met de vraag wat hun koopgedrag betekent voor het klimaat, of ze willen weten of er sprake is van kinderarbeid. Wat mij betreft zou daar de vraag bij moeten komen: ‘wie heeft dit geplukt?’ Je moet als burger willen weten of de goederen die jij koopt zijn vervaardigd door mensen uit te buiten.”

Wat is het gevaar als de klant dat niet vraagt?

“In de champignonteelt is onlangs een grote mensenhandelzaak geweest (2016 in Limburg, red.), ook aspergestekers zijn kwetsbaar. De land- en tuinbouw is echt een risicosector voor mensenhandel, daar is een wereld te winnen. Champignons zijn veel te goedkoop, dus vraag in de supermarkt waar je bakje groenten vandaan komt. Of Thaise garnalen, in die sector komt ook veel uitbuiting voor. Dat is ver weg, maar die garnalen worden hier wel verkocht. Het is te simpel gedacht om te zeggen: die hele garnalenvisserij moet anders en ik ga het regelen. Maar je kunt wel vragen: hoe zit dit, waar komt dit vandaan? Dat heeft een vliegwieleffect. Een individu kan wel degelijk het verschil maken.”

Lees ook:

De richtlijn voor mensenhandel werkt verwarrend

Als slachtoffers van mensenhandel al zelf kunnen kiezen bij wie zij zich met hun verhaal melden, dan kunnen ze het beste voor de politie gaan. Bij de Koninklijke Marechaussee en de inspecteurs van het ministerie van sociale zaken zijn ze slechter af.

Veel meer slachtoffers van mensenhandel dan gedacht

Het aantal slachtoffers van mensenhandel in Nederland is veel hoger dan tot nu toe bekend is. Elk jaar gaat het om naar schatting 6250 mensen, vijf keer meer dan het aantal gemelde slachtoffers. De grootste groep slachtoffers bestaat uit Nederlandse vrouwen, waarvan bijna de helft onder de achttien is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden