Mensen zijn net slakken die hun thuis de hele tijd meeslepen

Beeld Thinkstock

Al die huizen met van die kinderachtige bordjes ‘Home’ in de vensterbank: schrijver en filosoof Pieter Hoexum ergert zich er wild aan. Tot hij ontdekt dat we allemaal Klein Duimpjes zijn die de weg naar huis niet kwijt willen raken.

Bij mij in de buurt, een nieuwbouwwijk die maar niet oud wil worden, zie ik steeds vaker bordjes met ‘Home’ voor het raam staan. Het is waarschijnlijk al tijden aan de gang, zonder dat ik het opmerkte, maar toen ik er eenmaal een had gezien, zag ik ze werkelijk overal. Eerst wekten die bordjes irritatie. Ik kon ze niet anders zien dan als opvolger van die rare op-en-neer-trapjes met kaarsen en van die twee gefiguurzaagde ganzen met strikjes om de nek. Bovendien word je er argwanend van: want waarom zou je er een bordje bij hangen als alles thuis inderdaad dikke mik is? Wordt de situatie binnen niet mooier voorgesteld dan ze is, is hier niet letterlijk sprake van window dressing?

Voor voorbijgangers slaat het Home-bordje nergens op, want het is hun thuis juist niet en voor degenen die er wonen is het helemaal onzinnig. Nee, dacht ik, die bordjes zijn er alleen maar om anderen de ogen uit te steken: “Wij hebben een heel fijn huis, lekker puh.”

'Bestemming bereikt'

Nadat de eerste, nogal redeloze opwinding was weggeëbd, werd ik milder en begon meer begrip voor die bordjes te krijgen. Mij wordt de anonimiteit van onze buurt, die ik meestal als weldadig ervaar, ook weleens te veel. En die bestrijd ik ook op een kinderachtige manier, minstens zo kinderachtig als die Home-bordjes. Als ik in de auto terugrijd naar huis laat ik altijd het navigatiesysteem de route tot het einde voorzeggen, ook al is dat het laatste stuk totaal onnodig, dan weet ik immers zelf de weg wel. Maar de verleiding en behoefte zijn te groot. De vrouwelijke, moederlijke stem voelt vertrouwd als ik haar de bekende frases hoor opzeggen, tot ik uiteindelijk de auto onze straat in stuur en met ons huis in zicht haar de de verlossende woorden hoor zeggen: “Bestemming bereikt”.

Je hebt het navigatiesysteem weliswaar zelf ingesteld en dat ding doet alleen maar wat jij het opdraagt, maar toch: die woorden zijn balsem voor de ziel. Het is heerlijk je bestemming te bereiken - überhaupt een bestemming te hebben. De troost van de tomtom.

Van buitenaf gezien is een huis vooral een dak boven je hoofd: veiligheid en beschutting. Voor de bewoners, voor degenen die thuis zijn, is het een honk, een anker. Zonder zouden ze zich verloren voelen. Een huis biedt onderdak en beschutting tegen de elementen, een thuis biedt houvast en zekerheid. “Geef me een vast punt”, zou Archimedes gezegd hebben, “en ik verplaats de aarde.” Behalve de ontdekker van de opwaartse kracht (‘Eureka!’) was Archimedes namelijk ook de ontdekker van de hefboom: met een kleine kracht en een grote beweging kun je een grote kracht uitoefenen, weliswaar over een kleine beweging, maar toch... Als je de boom maar lang genoeg maakt, kun je in principe alles optillen - als je ten minste een steunpunt hebt waarop de hefboom kan rusten. Een thuis is als het ware zo’n steunpunt.

Thuis is het begin- en eindpunt van alle verkenningen, en het middelpunt. Thuis fungeert als ‘poolster’, als oriëntatiepunt: als je je afvraagt waar je bent, dan bedoel je: waar bevind ik me ten opzichte van mijn thuis? Dat je een thuis hebt, wil niet zeggen dat je altijd thuis blijft, integendeel: je kunt eropuit gaan en vervolgens thuiskomen. Zonder thuis zweef je doelloos rond, mét een thuis ben je werkelijk onderweg, heb je een bestemming. Geef me een thuis en ik kan de wereld over reizen.

Geneesmiddel

Het onbestemde gevoel van thuisloosheid, het gevoel ‘bestemmingsloos’ rond te dobberen is erger dan heimwee. Het is als een onbestelbare brief. En tegen dat gevoel, die ‘kwaal’, zijn de home-bordjes een soort alternatief geneesmiddel, een huismiddeltje. Het werkt niet, maar helpt wel.

Thuis is een placebo, een geneesmiddel zonder werkzame bestanddelen, maar dat door de suggestie dat het werkt, wel degelijk helpt. De wetenschap dat je op je bestemming bent aangekomen, dat je thuis bent gekomen, is niet genoeg. Je wilt dat bevestigd krijgen, het moet benoemd worden. Desnoods door een bordje of een navigatiesysteem.

Toen mijn jongste dochter een paar dagen op schoolkamp moest, vreesden we dat ze last zou krijgen van heimwee - ze is wat dat betreft erfelijk belast. Maar de juf kende haar pappenheimers. Ze kon ons makkelijk gerust stellen, ze had daar elk jaar mee te maken en nam altijd een potje heimweepillen mee. Uiteindelijk bleek dochter die helemaal niet nodig te hebben, wat ik eigenlijk wel jammer vond, want ik was benieuwd naar die dingen. Ik stelde me een grote pot voor met een etiket waarop in grote letters ‘Heimweepillen’ stond. Het gaat niet om de pillen, het gaat om het etiket.

Eigenlijk is het jammer dat die Homebordjes zo lelijk en tuttig zijn, want hoe langer ik erover nadenk, hoe beter ik het idee van die bordjes vind. Zo laten ze fraai de paradox van thuis zien. Thuis is een vast punt - dat tegelijkertijd heel mobiel is. Een huis is onroerend goed, maar thuis niet. Je kunt gewoon verhuizen en dan dat bordje meenemen en weer ophangen.

Je zou zelfs kunnen zeggen dat mensen net slakken zijn die hun thuis de hele tijd meeslepen. Als een soort Klein Duimpjes laten we steeds overal kiezelstenen vallen, zodat we altijd weer de weg naar thuis terug kunnen vinden: als we even opstaan van onze zitplaats in de trein om naar de wc te gaan, keren we terug naar ‘onze plek’. Op vakantie in het buitenland zei mijn jongste dochter tijdens een uitje opeens dat ze terug naar huis wilde, en toen bleek ze ons vakantiehuisje te bedoelen. Overal hangen we onzichtbare bordjes ‘Home’ op

Ik blijf erbij dat de Home-bordjes beter onzichtbaar en denkbeeldig kunnen blijven, aangezien het decoreren van je huis meestal geen oplossing is (kijk maar naar die make-over-tv-programma’s). Een huis hoeft niet gepimpt te worden om als thuis, en dus als archemedisch punt te fungeren, het kan een doodgewoon rijtjeshuis in een nieuwbouwwijk zijn. Toch kan ik geen bordje Home meer voorbijlopen zonder even een gevoel van herkenning en zelfs geestverwantschap te ervaren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden