’Mensen hebben de neiging mij veel te vertellen’

Ze deed verslag op momenten dat miljoenen Nederlanders aan de televisie gekluisterd zaten. Bij verkiezingsuitslagen, de moord op Pim Fortuyn, de arrestatie van Saddam Hoessein en de begrafenis van prins Claus. Afgelopen week maakte Maartje van Weegen (56), jarenlang het boegbeeld van de NOS, haar laatste televisie-uitzending. „Ik heb de dingen graag in de hand. Dus ik dacht: ik vertrek voordat ze me vragen om te gaan.”

’Mijn eindredacteur vroeg me: Wat ga je zeggen, als je laatste uitzending er op zit? Ik zei: Gewoon ’Goeienavond’, wat dacht je daarvan? Maar dat vond hij geen goed idee. Dus heb ik een week lopen dubben over wat ik afgelopen woensdag na het verkiezingsprogramma zou doen.” Het werd: ’Dit was voor mij de laatste uitzending. Ik wens u alle goeds.’

En wat er toen gebeurde, dat Paul Witteman met een enorme bos bloemen op haar af kwam, dat het publiek spontaan opstond en ging applaudisseren, dat had ze helemaal niet aan zien komen. „Ik had ook niet in de gaten dat we nog in de uitzending waren. Pas later, toen ik de leader hoorde, dacht ik: dit heeft iedereen dus kunnen zien.” Het was net een film zegt ze: „Ongelofelijk vond ik het, zo’n overdonderend afscheid in het gebouw van de Eerste Kamer, zo’n bijzondere plek. Ja, dat zal ik voor altijd in mijn hart bewaren.”

Vijfendertig jaar lang sprak Maartje van Weegen de Nederlandse televisiekijkers toe met haar specifieke, wat donkere stemgeluid. Eerst als presentatrice van lichtere KRO-programma’s als ’Studio Vrij’ en ’Cijfers & Letters’. Later, toen ze het NOS-nieuws ging presenteren, als Nederlands eerste anchorwoman.

„Er was geen ontkomen aan”, lacht ze van achter een kop thee aan haar eettafel in de serre. „Op momenten dat iedereen de televisie aanzette, was ik er. Wie een hekel aan mij had, kan opgelucht ademhalen: ik ben eindelijk weg!”

Hoezeer ze in Nederlands geheugen gegrift staat, bleek afgelopen zomer maar weer eens. Maartje van Weegen sliep een weeklang in een ziekenhuis in Schiedam omdat haar schoonmoeder ernstig ziek was. „Op een ochtend liep ik naar het balkon. Daar zat een oude mevrouw. Ze had net haar eerste achterkleinkind gezien, maar wist daar niks meer van. De vrouw zat wat te zingen, ik luisterde van een afstandje. Iemand zei: ’Het is maar goed dat je zo mooi zingt, want Maartje luistert mee.’ Waarop die mevrouw zegt: ’Maartje van Weegen? Waar heb ik jou opgeduikeld? Is de koningin er ook?’ Die baby, dat vatte ze niet, maar ik zat in haar ’oude geheugen’ dus wie ik was, dat wist ze precies.”

U bent een bekende Nederlander geworden.

„Ik word altijd en overal ter wereld herkend door Nederlanders. ’Kijk, daar loopt Maartje van Weegen! Nee, dat is ’r niet. Jawel!’ Nee, dat vind ik niet erg. Ik krijg altijd leuke reacties: ik schijn er ’in het echt’ jonger, dunner en langer uit te zien – dat is niet erg om te horen. Omdat ik op televisie meestal serieuze gesprekken voer, val ik vaak mee: tot grote verbazing van veel mensen kun je ook met me lachen.”

„Wat ik een aparte ervaring vond, was dat tijdens de tour die koningin Beatrix langs de provincies maakte mensen langs de weg op een gegeven moment mijn naam gingen scanderen. Maartje! Maartje! Wat moet je dan doen? Als je zwaait doe je alsof je de koningin zelf bent. Als je niet zwaait ben je arrogant. Ik heb maar vriendelijk gelachen.”

„Ach, bekende Nederlander, dat zegt me heel weinig. Ik ben het gelukkigst als er voor het zoveelste jaar dezelfde vrienden bij ons aan dezelfde tafel zitten.”

Maartje van Weegen is een vakvrouw, zeggen collega’s.

,,Een professional die vierentwintig uur per dag, zeven dagen per week beschikbaar is als het moet, die niks aan het toeval overlaat en nooit onbeslagen ten ijs komt. Ja, ik weet het. En het is ook wel waar.”

De laatste jaren was u vooral ’Maartje van de koningin’.

„Dat begrijp ik wel – dat veel kijkers me koppelen aan het Koninklijk Huis. Er waren nogal wat Oranje-huwelijken en -begrafenissen in de acht jaar dat ik die familie volg.”

Maar ze was al eerder op dreef aan het Hof. In 1987 interviewde ze voor de televisie prinses Juliana en prins Bernhard die toen vijftig jaar getrouwd waren. Het werd een spraakmakend gesprek, omdat met name prinses Juliana heel open en emotioneel praatte over haar afschuw van het protocol waarin ze zich gevangen voelde. Dat interview werd medebepalend voor het beeld dat Nederland van Juliana heeft, van ’een gewone vrouw‘ die zich van tijd tot tijd benard voelde in de gouden kooi die haar functie met zich meebracht.

„De prinses wilde dat het een gesprek zou worden, geen interview”, zegt ze. „Ik had niet één vraag op papier. En toen liet ze zich zien op een manier die we nog nooit hadden gezien. Heel bijzonder.”

Dat zegt ook iets over de interviewster.

„Dank je wel.” En dan relativerend: „Mensen hebben sowieso de neiging mij veel te vertellen. In de trein, in winkels – mensen storten snel hun hart bij mij uit. Tegen mijn zusje en broers trouwens ook.”

„Ik ben geïnteresseerd in mensen. Niet alleen professioneel, niet alleen om ze te interviewen voor een camera. Het is net zo leuk om iemands levensverhaal in het vliegtuig te horen.”

„Ik vind dat je niet alleen voor jezelf op aarde bent, dat je je ook moet inzetten voor anderen, daar tijd en moeite aan moet geven. Nee, dat heeft zeker niet alleen te maken met geloof. Geloof heeft me wel altijd geïntrigeerd: wat betekent het voor mensen, wat ontlenen ze er aan? Maar je kunt het religieuze aspect er ook afhalen en zeggen: ik wil graag weten wat mensen drijft.”

Ze vindt het een beetje jammer, zegt ze – dat beeld van ’Hare Maartje’, waarmee ze de geschiedenis in zal gaan. Want het is zo onvolledig. Maartje van Weegen deed meer voor de vaderlandse journalistiek dan het verslaan van staatsbezoeken en koninklijk rouwen en trouwen. Als eerste in Nederland maakte ze ’interactieve radio’: in het programma ’Ratel’ mochten mensen live in de studio hun klachten over radio en televisie uiten. Met Aad van den Heuvel maakte ze een soort ’Kopspijkers’ avant la lettre. Later introduceerde ze in het ’Halfzes Journaal’ het live-interview. En met ’NOS Laat’, de voorloper van ’Nova’, wist ze een plek te veroveren voor een dagelijks actualiteitenprogramma met gasten aan tafel.

Ze zou zichzelf eerder ’Maartje van de grote evenementen’ noemen. „Ik was er ook met de eerste Golfoorlog, met Bosnië, de aanslagen van 11 september, de uitslagenavonden van de verkiezingen, de moord en de begrafenis van Fortuyn – historische gebeurtenissen.”

Ze lacht en gaat een verse pot thee zetten. „Ik kan het zo vaak zeggen als ik wil, het helpt toch niet”, zegt ze, „Ik blijf ’Maartje van de koningin‘. Of ’Maartje van het nieuws‘. Deze week nog vroeg iemand of ik die avond het ’Journaal’ ging presenteren. Kun je nagaan: dat doe ik dus al sinds 1989 niet meer.”

Maartje van Weegen wil altijd alles goed doen.

„Ja. Maar daarin ben ik toch niet anders dan andere mensen? Ik stond jarenlang bekend als dat meisje dat het zich zo vreselijk aantrok wat andere mensen over haar zeiden, dat mens dat niet kon omgaan met kritiek. Ik ken niemand die handenwrijvend zegt: ha, lekker, fijn: kritiek.”

„Televisiekijkers hebben geen idee hoe paniekerig uitzendingen van grote evenementen vaak verlopen. Er komt een verbinding niet tot stand, een microfoon doet het niet, de verwachte gast arriveert niet op tijd. De eindredacteur zegt wat in mijn oor, de regisseur zegt wat anders en tussendoor interview ik iemand. Het is dan de kunst rustig te blijven. Als dat lukt, en achteraf is er vooral gezeur over de kleur van mijn jasje, dan moet ik wel eens zuchten. Of dat ik bij een koninklijke bruiloft of uitvaart negenennegentig van de honderd mensen die door het beeld schuiven ken, en de honderdste niet. En dat het dáár dan nog dagen over gaat.”

„Sinds december presenteer ik drie ochtenden in de week ’De Klassieken’ op Radio 4, een programma, zoals de titel al zegt, over klassieke muziek. Ik ben daarvoor gevraagd omdat de Avro vindt dat Radio 4 toegankelijker moet worden voor een groter publiek. Ze denken dat ik daarbij kan helpen. Daar is ook weer commentaar op gekomen. Ik zou geen verstand hebben van klassieke muziek, hoe konden ze míj daar nou neerzetten? Dat soort opmerkingen leg ik inmiddels naast me neer. Ik word bij dat programma omringd door mensen die álles van klassieke muziek weten, en die praten me bij, dus dat komt heus wel voor elkaar.”

„Ik heb uren, uren, uren televisie gemaakt en het is bijna vanzelfsprekend geworden dat ik het wel goed doe. Dat is wel eens lastig. Natuurlijk ben ik er trots op dat ik de naam heb dat het wel in orde komt als je mij de studio instuurt. Maar dat gaat niet vanzelf. Ik doe nog steeds mijn best. Op goeie kleren, de kapper, de make-up, de voorbereiding, teksten.''

,,Ik ben me er erg van bewust dat ik voor gek sta als de regisseur verkeerd schakelt of de eindredacteur me onzin influistert. Maar als ik na zo’n hectische uitzending een paar keer hoor: dat loste je mooi op Maartje, goed gedaan weer, dan ben ik heel gelukkig.”

Stemt het afscheid weemoedig?

„Ik ben de afgelopen tijd veel oude foto’s tegengekomen. Ik wilde een persoonlijk afscheidscadeautje maken voor mijn collega’s – en daar had ik die voor nodig. Dan zie ik zo’n plaatje en denk: ach ja, toen leefde mijn vader nog. Of: ja, zo begon het. Maar ik word er niet naar van, het is een prettige melancholie – als dat bestaat.”

„Ik zag me gewoon niet in 2010, op mijn zestigste, wéér de verkiezingen voor de Tweede Kamer presenteren. Ik had het idee dat behalve de troonsoverdracht alle grote evenementen voorlopig wel zo’n beetje geweest zijn in het Koninklijk Huis. Het leek me een mooi moment om te stoppen. Er wordt me wel gevraagd of ik het applaus niet zal missen. Dan zeg ik: nee, want dat ken ik niet. Nou ja, behalve woensdag dan. Maar of er nou een paar honderdduizend mensen naar een televisie-uitzending kijken, of zes miljoen – dat realiseer ik me niet op het moment dat ik het doe. Mijn inzet is dezelfde.”

„Wat ik wel ga missen zijn de collega‘s. Ik ben van clubjes – ik ben een club met mijn vrienden, een club met mijn familie en een club met mijn collega’s. Daar ga ik op misgrijpen. Maar niet op het werk. Het lijkt me fijn om niet meer iedere dag artikelen uit de krant te hoeven knippen voor mijn archief. Lange tijd maakte ik me op vakantie niet alleen zorgen om de gezondheid van Joops moeder en de mijne, maar ook om die van prinses Juliana en prins Claus. Ik ga genieten van de vrijheid dat dat niet meer hoeft.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden