Menigeen haalde opgelucht adem toen kettingroker Cees van der Knaap zijn biezen pakte

Zo brutaal als de Engelse prins Edward VIII is de gewezen staatssecretaris van defensie Cees van der Knaap in zijn rokersleven nooit geweest. Voor zover we weten, want een verstokte roker is bereid ver te gaan.

Tijdens de Grieks-orthodoxe kerkdienst in Westminster Abbey ter gelegenheid van het huwelijk van zijn broer met een Deens-Griekse prinses stak Edward een sigaret op aan een door een priester omhoog gehouden kaars. Cees Fasseur beschrijft het incident, uit 1934, in het tweede deel van zijn Wilhelmina-biografie. Hij vermeldt er nog bij dat de prins de sigaret gedachteloos tevoorschijn haalde.

Dat lag anders bij Van der Knaap, toen deze enige jaren terug in het restaurant van de Tweede Kamer een sigaret opstak. Hoewel in het Kamerrestaurant, net als in de rest van het gebouw, een rookverbod gold, dacht Van der Knaap wel te kunnen zondigen toen hij er op een namiddag in 2003 met een bevriend Kamerlid neerstreek. Terwijl de politici ontspannen de eerste rookwolken uitbliezen, kwam de oberkelner op hen af. ’Ik moet u vriendelijk verzoeken uw sigaret uit te maken. U weet dat hier een rookverbod geldt’. Ach, protesteerde de bewindsman, één sigaretje is toch niet zo erg. ’Het mag niet volgens de wet’, antwoordde de ober resoluut, er minzaam aan toevoegend: ’Ik heb die wet niet gemaakt. Die heeft ú gemaakt’. Hierop verschoten beide politici van kleur en drukten schielijk hun sigaret uit.

Tegen een goede ober leg je het altijd af

Een Kamerlid dat na een periode als staatssecretaris terugkeerde in het parlement, bestelde in het restaurant op iets te hoge toon een maaltijd. Hij at op rekening, zei hij tegen de ober, die met uitgestreken gezicht vroeg: ’Mag ik dan uw naam?’ De politicus reageerde geïrriteerd. De man moest zijn naam kennen, want hij liep hier al jaren rond. ’Kent u míjn naam?’, vroeg daarop de ober. Dat bleek niet het geval. ’Nou’, zei de ober, ’ik loop hier ook al jaren rond’. Prettig om in zo’n land te wonen, schreef de politieke journalist Henry Faas, van wie het verhaal afkomstig is, in zijn boek ’Termieten en muskieten’.

Het valt nog in het niet bij de ervaring van VVD-Kamerlid Klaas van Dijk, die al bij zijn installatie in 1963 de aandacht trok door met zijn linkerhand de eed af te leggen. Sommigen veronderstelden dat hij niet wist hoe het hoorde, totdat ze erachter kwamen dat Van Dijk zijn rechterarm miste. Deze Drentse liberaal maakte in het Kamerrestaurant eens misbaar over de kwaliteit van het eten, waarop de caissière, een pronte Haagse dame, hem toeriep: ’Nou nog één opmerking en uw andere arm gaat er ook af’.

Van der Knaap maakte deel uit van het kabinet-Balkenende I, dat als eerste het besluit nam tijdens het beraad in de Trêveszaal helemaal niet meer te roken. Dat gebeurde op initiatief van een ex-roker, maar uiteindelijk schaarde iedereen, ook kettingroker Gerrit Zalm, zich erachter. De Tweede Kamer heeft nog even geëxperimenteerd met tweepersoonsrookhokjes in de wandelgangen, maar dat was echt de laatste stuiptrekking van de rookcultuur die lang het politieke leven beheerste. Nu nemen politici die niet van de sigaret kunnen afblijven hun toevlucht tot een balkon van het Kamergebouw. Op politieke hoogtijdagen is het op deze balkons behoorlijk druk.

In een vliegend rookhok naar Irak en Uruzgan

De bemanning en het cabinepersoneel van de Gulfstream, de luxe straaljet van defensie, halen opgelucht adem nu Van der Knaap als staatssecretaris zijn biezen heeft gepakt. Tot hun ergernis gebruikte deze het toestel op de vluchten naar Irak en Afghanistan als een vliegend rookhok. Als het ergens landde en de deur zwaaide open, maakte zich uit het vliegtuig een dikke rookwalm los, het signaal voor de comités van ontvangst dat de geliefde staatssecretaris aan boord was. Zodra Van der Knaap het toestel had verlaten, ging het cabinepersoneel met spuitbussen rond om de schrale lucht te verdrijven.

Het vertrek van Van der Knaap bezegelt, in dichterlijke zin, het einde van de rookcultuur in de politiek. Niemand verbeeldde die cultuur sterker dan Churchill, die ooit tegen de Arabische koning Al Saoed zei: ’Mijn levensregel schrijft mij als een absoluut heilige rite voor het roken van sigaren en het drinken van alcohol, voor, na en zonodig tijdens alle maaltijden en in de perioden daartussen’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden