Interview

Meneer islam bestaat niet

Ludovic-Mohamed Zahed Beeld Hollandse Hoogte

Imam Ludovic-Mohamed Zahed (38) is moslim, homo, seropositief en gescheiden. Volgende week is hij te gast op de Amsterdamse Gay Pride. Terreur en homohaat horen niet bij de islam, weet hij zeker.

De zon geselt de oude haven in Marseille. Ludovic-Mohamed Zahed, in T-shirt, spijkerbroek en zonnebril met fijn blauw montuur, is zichtbaar in zijn element. Ontspannen vertelt hij over Kiyaan, een Zuid-Afrikaan met wie hij drie jaar geleden tijdens een eerdere ontmoeting in de Parijse voorstad Sevran nog getrouwd was. "Het kon niet goed gaan", zegt hij op een terras. "Hij twijfelde aan zijn geloof, zei dat hij geen moslim meer was. Homoseksueel wilde hij ook niet zijn, hij heeft zich nooit kunnen bevrijden van de homofobie waarmee hij opgroeide."

Zelfhaat, denkt Zahed, dreef ook Omar Mateen, de man die in Orlando vorige maand 49 bezoekers van een homoclub doodschoot. De worsteling van moslimhomo's houdt hem al jaren bezig. Hij schreef er een paar jaar geleden een boek over waarop hij binnenkort promoveert. Dat zoveel moslims in de kast blijven is niet omdat ze niet durven, zegt hij. "Het is omdat ze niet willen, ze menen dat het ze niets oplevert."

Ludovic-Mohamed Zahed
Ludovic-Mohamed Zahed (Algiers 1977) is een openlijk homoseksuele imam en doctor in de pyscho-sociologie. Hij richtte de eerste ‘inclusieve’ moskee in Europa op die toegankelijk is voor seksuele minderheden. Hij is ook de eerste Franse homoseksueel die (in Zuid-Afrika) met een man trouwde. Zahed werkt op dit moment als consultant op het gebied van homoseksualiteit en religie.

Verschillende interpretaties
Zahed geniet enige bekendheid als homo-imam. Een paar jaar geleden trok hij internationaal de aandacht met de opening van de eerste moskee in Europa die open staat voor LHBT'ers, lesbische, homoseksuele, biseksuele en transgender personen. Deze 'inclusieve gebedsruimte' is geen gebouw met een bordje op deur. De bijeenkomsten vinden plaats op wisselende locaties die uit veiligheidsoverwegingen niet bekend worden gemaakt.

"Meneer islam bestaat niet", zegt Zahed verschillende keren met veel nadruk. "Het geloof is wat wij er zelf van maken. Wij kunnen allemaal imam zijn en onze eigen weg bepalen." Hij wil voorgaan in die strijd, een taak van ontzagwekkende omvang: alle negen islamitische wetsscholen veroordelen homoseksualiteit. Maar je moet ergens beginnen: Zahed ontwaart een opening in de Koran, uiteindelijk de belangrijkste bron in de islam. "De Koran wijst homoseksualiteit nergens af. De verzen over seks tussen mannen gaan altijd over Sodom en Gomorra. Maar God verwoestte deze steden niet omdat de inwoners homoseksuelen waren, maar omdat er rituele verkrachtingen plaatsvonden van jonge mannen en vrouwen. De gruweldaad waar de Koran over spreekt, verwijst dus naar seksueel geweld en niet naar homoseksualiteit."

Met heilige teksten kan je alle kanten op, geeft hij toe. Andere schriftgeleerden concluderen dat je homo's van flatgebouwen moet gooien, met het hoofd naar beneden. "Maar er zijn veel meer koranverzen die oproepen tot vrede en acceptatie van de ander. Alleen worden die ten gunste van enkele gewelddadige hadith (traditieverzamelingen) terzijde geschoven." De Koran is het woord van een unieke God die houdt van ons allen en die niemand kan claimen, gelooft Zahed. "Het is een immanente God, hij huist in ons allemaal. Hij is, zoals de Koran het uitdrukt, 'ons meer na dan onze halsslagader'."

Aanslagen
Waar staat de islam precies voor? Het is een vraag die in Frankrijk na alle aanslagen sinds januari 2015 brandend actueel is. "Die aanslagen, dat is niet de islam", zegt hij fel. "Terroristen zijn leugenaars die uit zijn op geld en macht. Het jihadisme is een nieuw fascisme dat de islam als façade heeft. Dit nieuwe fascisme bloeit op de bodem van sociale en economische crises. En fascisten keren zich tegen minderheden. Dat mechanisme is altijd hetzelfde, of het nu in nazi-Duitsland is of in Islamitische Staat."

Aan zijn kalme zelfverzekerdheid ging een lange worsteling vooraf. Ludovic - een naam die hij aannam toen hij de Franse nationaliteit kreeg - groeide op tussen Algerije en Frankrijk. Het gezin Zahed was zeker niet arm of onontwikkeld - vader Lyes deed in import en export van levensmiddelen, moeder Farida is schoonheidsspecialiste. "Maar mijn oudere broer sloeg me geregeld in elkaar om me te leren wat een man was. Hij brak mijn neus, omdat hij zich schaamde voor zijn verwijfde broertje. Toen ik acht was dacht ik: ik zit er tussen in, ik ben een beetje jongen en een beetje meisje. Mijn vader vond het vreselijk, noemde mij een jankerd en een gonzesse, een grietje. Hij strafte mij wel, heeft me ook wel eens vastgebonden, maar sloeg niet."

De familie woonde in Parijs, in het volkse zeventiende arrondissement waar immigranten en autochtone Parijzenaars moeizaam samen leefden. Op het schoolplein werd hij uitgescholden voor sale Arabe, vuile Arabier. Nog herinnert hij zich de houdgreep waarin zijn klasgenoten hem namen, 'hun knieën op mijn borst', omdat ze hem duidelijk wilden maken dat hij niet welkom was.

Nieuwe familie
Een groot deel van het jaar verbleven ze in Algiers, vanwege de zaken van vader. Soms wel vijf maanden per jaar, de lange zomervakanties inbegrepen. Zahed sloot er op zijn twaalfde vriendschap met de negen jaar oudere Djibril, een salafist. Hij werd opgenomen in de moskee van La Colonne, een buurt in het oude koloniale deel van de stad. "Het voelde als een nieuwe familie."

Een paar jaar na het uitbreken van de opstand in 1991 van gewapende islamistische groepen tegen het autoritaire bewind in Algerije besloten ze in Algiers te blijven. Zahed was dolblij: hij kon meer tijd met Djibril doorbrengen. Hij ging naar een Frans lyceum, maar spoedde zich na schooltijd naar zijn moskee. Hij leerde de Koran uit zijn hoofd, hulde zich naar Saoedisch voorbeeld in een kamisse, een wit gewaad. Een nieuwe bron van zorg voor zijn ouders, die bang waren dat hij zou eindigen als terrorist.

Bij Djibril was hij niet weg te slaan. Ze sliepen vaak samen, hand in hand, voorhoofd tegen voorhoofd, beiden ervan overtuigd dat dit een gewone vriendschap was. "Uiteindelijk werden we uit elkaar gehaald door onze broeders. Ze zeiden: hou hier mee op, anders gaat het mis, dat weten jullie best. Ik ging er zelf ook vanuit dat homo's niet deugden. Maar ik was boos, beledigd, voelde me enorm verraden."

Vanaf dat gesprek zat hij niet meer naast Djibril op het tapijt in de moskee. "Hij zou trouwen en dat moest ik, zei hij, ook doen." Toen zag hij maar twee mogelijkheden: "Of ik ben inderdaad pervers óf de islam deugt niet. Mijn religie viel geheel samen met de totalitaire islam, ik was nog niet in staat om een alternatief te zien."

Verdringing
Een grote aanslag in het centrum van Algiers maakte definitief een eind aan zijn salafistische periode. Toen zijn vader voorstelde terug te gaan naar Frankrijk, reageerde hij opgelucht. Ze vestigden zich in Marseille, omdat zijn moeder de zon niet kan missen en omdat daar meer Arabieren wonen dan in Parijs. Zahed ging studeren, keerde zich af van de islam. "Natuurlijk koos ik voor psychologie. Ik wilde weten hoe verdringing werkt, hoe ik in staat was mijn seksualiteit zo lang zo goed te onderdrukken."

Vier maanden later ontdekte hij dat hij seropositief is. Besmet door zijn eerste echte vriend, een studiegenoot, die hem nooit verteld had over zijn andere contacten. Zijn coming out had Zahed toen net achter de rug. "Ik had iedereen bij elkaar geroepen. In de auto had ik een tas met kleren achtergelaten voor het geval ik niet thuis zou kunnen blijven slapen. Mijn vader reageerde onverwacht goed, ook al had hij altijd aangekondigd dat hij al mijn botten zou breken als mijn voorkeur voor jongens zich zou bevestigen. Mijn moeder barstte in tranen uit. Zij vond mijn ziekte minder erg dan het feit dat ik homo was. Ziekte kan je behandelen, meende ze. Zij heeft nog lang elke dag gebeden dat ik zou veranderen. Dat kon, geloofde zij, als ik een geschikt meisje zou tegenkomen."

Na zijn studie vond Zahed werk bij een keten van wellness-centra, als personeelschef. Hij verdiende goed, ging in Parijs wonen en ontdekte daar het nachtleven. Maar de onrust stak de kop op. Jarenlang ging hij gebukt onder wroeging over het feit dat hij zich had laten besmetten. Daarbij werd hij nu gemeden als drager van het hiv-virus. En hij miste een leven zonder spiritualiteit. Hij stortte zich op boeddhistische meditatie en ging met zijn jongere zus, aan wie hij altijd alles vertelde, naar Tibet. Om daar en passant te ontdekken dat ook de aanhangers van deze godsdienst met hun aura van kalmte en geweldloosheid iets tegen homo's hebben.

Vervolgens sloot hij zich aan bij de vereniging Enfants du Sida en reisde hij de hele wereld over om met hiv besmette kinderen te helpen. Hij herontdekte de islam, vond eindelijk rust. "Mijn poging God te vergeten was voor mij alsof ik me probeerde te ontdoen van een arm."

Bekvechten
Zahed staat op. Hij wil even naar de hammam waar zijn moeder werkt om zijn telefoon op te laden. Op het terras voor 'Hammam Eden' zit een man met gedistingeerd grijs haar en een oranje Ralph Lauren-overhemd. Het is Zaheds vader Ilyes (68), die op zijn vrouw wacht. Als Ludovic naar binnen is, zegt hij dat hij zich veel zorgen maakt over de veiligheid van zijn zoon. "Die baardmannen staan hem naar het leven. Hij is heel erg moedig, maar ik ben bang voor hem." Het maakt hem kwaad. "Mijn zoon is wat hij is, alleen God kan over hem oordelen."

Vroeger al, in Algiers, stond Ilyes doodsangsten uit. "Hij stond altijd heel vroeg op voor het eerste gebed met die lui die hem hadden gehersenspoeld. Vanaf het balkon zag ik hoe hij in zijn kamisse de straat overstak en langs tanks van het leger liep. Het was burgeroorlog! Ze hadden hem zo dood kunnen schieten, geen haan had er naar gekraaid."

Als Ludovic aanschuift, duurt het niet lang of vader en zoon bekvechten als vanouds over het regime in Algerije. President Bouteflika, aan de macht sinds 1999, is voor Ilyes een held, de man die het land redde uit de klauwen van de islamisten. "We moeten hem dankbaar zijn!" roept Ilyes uit. "Ach wat", veert zijn zoon op. "Het regime was een deel van het probleem, er was totaal geen vrijheid." "O ja?", reageert vader. "En door nu wordt jij nu bedreigd? Door de mannen van Bouteflika? Ik dacht het niet!"

"Ik heb veel respect voor mijn vader en zijn opvattingen", zegt Ludovic even later. "Maar hij wil weer zaken doen in Algerije, hij heeft ook een financieel belang om dit soort dingen te zeggen. Dat hoort bij het drama van Algerije: al die mensen met hun belangen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden