Meneer Ibrahim is een wijze man

Omar Sharif speelt meneer Ibrahim, de moslimkruidenier die zich ontfermt over een Joodse jongen in de verfilming van 'Meneer Ibrahim en de bloemen van de Koran'. (Trouw)

De mens is goed en op je medemens – ja, ook op moslims! – kun je vertrouwen. Die aangename boodschap stijgt op uit de boeken van Eric-Emmanuel Schmitt. De bestsellerauteur slaagt er in je argwaan even uit te schakelen.

Richt kitsch zich op het gevoeligste en het beste in de mens? Zijn kitschliefhebbers ideale burgers, aan wie je met een gerust hart de zorg voor bejaarden en kleine kinderen kunt overlaten?

Natuurlijk niet, er bestaat ook geweldkitsch en sekskitsch, maar deze wat merkwaardige vragen kwamen toch onweerstaanbaar bij me op bij het lezen van de tiende druk (sedert 2003) van de korte roman ’Meneer Ibrahim en de bloemen van de Koran’ van de Fransman Eric-Emmanuel Schmitt. Binnen de Franse literatuur van vandaag is Schmitt de hofleverancier van sentimentele, snel weglezende boeken. ’Meneer Ibrahim’ is een novelle uit zijn ’Cyclus van het onzichtbare’, die inmiddels in 32 talen is vertaald.

Het verhaal wordt verteld door het Joodse jongetje Momo, dat leeft bij zijn eenkennige vader, die nog lijdt onder de gevolgen van de Jodenvervolging en door zijn vrouw is verlaten. Momo raakt bevriend met de buurtkruidenier, meneer Ibrahim. Momo steelt wel eens wat in de winkel, wordt dan door Ibrahim liefdevol gecorrigeerd, en wanneer Momo’s vader spoorloos verdwijnt, ontfermt de kruidenier zich over de jongen.

Ze reizen af naar de badplaats Cabourg, waar ze hun intrek nemen in het Grand Hôtel. „Tot mijn grote verbazing”, noteert Momo terloops, „ontdekte ik op een gegeven moment, in de badkamer, dat meneer Ibrahim besneden was.” Een verrassende scène: een prepuberaal jongetje uit een arm milieu dat in een luxehotel logeert met een hem nagenoeg vreemde middelbare man die zijn geslachtsdeel niet verbergt – en toch is het allemaal zuiver en onschuldig, en wordt zelfs het hotelpersoneel nimmer argwanend.

De uitgever had ons op zijn website al gewaarschuwd: „Het is een verhaal dat de grenzen van onze begrippen ver ontstijgt.”

Hij doelde daarmee uiteraard op iets anders dan deze onrealistische hotelscène. De novellencyclus waar dit boekje deel van uitmaakt gaat over ’religie en ontmoeting’. Meneer Ibrahim is een verstandig man, die alles begrijpt. Hij leert Momo de wijsheden van de Koran, maar ook de relativiteit ervan. Samen reizen ze uiteindelijk af naar Ibrahims geboorteplaats, waar de kruidenier verongelukt, vooral, lijkt het, omdat het voor het verhaal nodig is dat Momo voortaan in zijn eentje het leven aan moet kunnen.

Wat maakt dit boekje nu tot kitsch? De simpele onschuld, is mijn eerste antwoord. Het kwaad waarmee Momo kennismaakt – de gevolgen van de Holocaust, verlaten worden, eerst door zijn moeder, dan door zijn vader – is in dit boek vooral een decorstuk, dat dient om de fundamentele goedheid van de mens beter te doen uitkomen, niet een onlosmakelijk onderdeel van het bestaan. In de wereld van Schmitt is het kwaad iets dat je, na een aantal beproevingen te hebben doorstaan, definitief kunt overwinnen, mits je ontvankelijk bent voor de goedheid van de medemens.

Verder spreekt uit de toon van het boek een sterk verlangen naar consensus, naar de geborgenheid van gedeelde emoties. En voorts staat het boek vol oude levenswijsheden – zo oud dat wij ze eigenlijk al lang kenden, maar dankzij het formuleringstalent van de schrijver worden zij in deze novelle als nieuw geserveerd. Die eer moeten we Schmitt laten.

Met deze middelen sust de schrijver onze kritische zin in slaap. Maar behoort ons verstand niet juist tot het mooiste speelgoed dat we bij onze geboorte hebben meegekregen? Verstand is echter ook een lastig bezit, omdat het je ertoe aanzet het leven met enige argwaan te bezien.

Wanneer we ons verstand intensief gebruiken, isoleert het ons daarom nogal eens van de gemeenschap. Net als speelgoed moet je het daarom zo nu en dan wat rust gunnen. Dan is het moment gekomen om even ongecompliceerd te genieten van een stukje kitsch.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden