Men laat het hiernamaals niet licht vallen

'Morbide, al die ogen gericht op een gemarteld iemand aan een kruis'. Het ging over het christendom en enkele niet-christelijke gelovigen verbaasden zich over de centrale plaats die de navolgers van Christus in hun geloof toebedelen aan lijden en dood, bloed en pijn.

De herinnering aan dat interreligieuze gesprek kwam deze week bovenborrelen bij lezing van de kerkbladen. Veel dood in de religieus getinte tijdschriften die rond het begin van de veertigdagen tijd verschijnen, de zes weken durende vastentijd tussen Aswoensdag en Pasen. In Kiezels, tijdschrift voor geloofsopvoeding, vertelt kinderboekenschrijver en -tekenaar Max Velthuijs over zijn boek Kikker en het vogeltje. Het vogeltje gaat dood. “Niets is natuurlijker dan de dood. En daarom is doodgaan niet erg. Als er iemand doodgaat hoef je daar niet je hele leven onder gebukt te gaan,” zegt Velthuijs. “Vroeger, eeuwen geleden, was een dode nooit slecht af. Hij was de levenden een stap voor. In andere culturen vind je dat terug en wordt de dood gevierd als iets fijns, een bevrijding”. Velthuijs vindt dat met name het christelijk geloof de beleving van de dood strenger heeft gemaakt. “Verdriet voert de boventoon, rouw in acht nemen is een plicht. ”

Tijdens het interview komt Velthuijs' zoontje binnenstormen, een video van 'Superbomber I' in de hand. Vader Velthuijs (73) geeft de jongen geld voor Superbomber II en zegt dan dat hij zich over geweld en kinderprogramma's minder zorgen maakt dan vroeger. “Ik vrees dat het in de mens zit. Het heeft te maken met moed en heldendom. Macht, hebzucht, nationalisme, trots, het gevoel beter te zijn, geloof en religie geven steeds weer aanleiding tot oorlog. Het schijnt mensen overal en altijd te raken.”

Toiletpot Dood en geweld alom in de zwarte gemeenschap van Boston, aan de oostkust van de Verenigde Staten. Het Amerikaanse evangelische maandblad Christianity Today laat de zwarte predikant Eugene Rivers aan het woord, in een artikel dat zonder dat het woord Pasen valtmet dood begint en met verzoening eindigt. Rivers werd via een inwijdingsrite boven een toiletpot lid van een jeugdbende, kwam daarna bij een Pinksterkerk terecht, studeerde aan de universiteit van Harvard die hij voortijdig verliet om daarna uiteindelijk een zwarte kerk met een eigen visie te stichten. Tegenover de droom van Martin Luther King plaatst dominee Rivers de hedendaagse nachtmerrie van zwart Amerika. Hij somt op: “iedere dag zijn 1118 zwarte jongeren slachtoffer van geweld, worden 1451 zwarte kinderen gearresteerd, worden 907 zwarte meisjes zwanger. (..) Veertig jaar na het begin van de burgerrechtenbeweging zijn de meeste jonge zwarte Amerikanen zelfs niet meer geschikt voor slavernij.”

Vergeet de droom van Martin Luther King, aldus Rivers. Integratie tussen zwart en blank kan niet. Zelf voelde hij zich bijvoorbeeld volstrekt misplaatst in de met kroonluchters verlichte eetzaal van Harvard. Hij moest teveel aan zijn makkers in de goot denken.

Rivers heeft veel kritiek op de zwarte kerken, die volgens hem tekort schieten op het gebied van praktische hulpverlening. “De Black Panther-beweging had een project voor ondervoede kinderen, de zwarte kerken niet.”

Volgens Rivers heeft de idee van integratie tussen zwart en blank nooit enige kiem van realisme in zich gehad. De culturele verschillen zijn te groot. Bovendien verwarren moderne evangelicalen twee begrippen met elkaar: verzoening en integratie.

“Ik hou veel van mijn calvinistische broeders en zusters, maar bespaar me dat ik hun kerkdienst moet bezoeken, die maar éen uur duurt en waar je een muis kunt horen geeuwen. En asjeblieft, de calvinistische kindertjes hoeven echt niet naar zo'n vier uur durende opgefokte dienst van mij. We hoeven niet samen te zijn om toch met elkaar verzoend te zijn. (..) Het moet toch mogelijk zijn om gescheiden op te trekken en toch gelijk te zijn?”

Geen hiernamaals In 'Predikant en Samenleving' een briefwisseling tussen twee emeritus-predikanten over de dood en wat daarna komt.

In een vorig nummer schreef emeritus Wim Baart dat er volgens hem geen hiernamaals en geen hemel is. Hij kreeg dit inzicht aan het sterfbed van zijn vrouw. De hervormde emeritus M. van der Heiden uit Aalten is hierdoor geschokt: “Ik kan deze 'geloofsopvatting' van een prediker van het evangelie van Jezus Christus niet vatten. Dit plotselinge 'weten' is dus blijkbaar voor die evangelie-prediker meer doorslaggevend, dan wat wij lezen in de bijbel. (. . .) Welke troost is er na het sterven van bij voorbeeld een kankerpatiënt, die enorm geleden heeft, na het heengaan van een geestelijk en (of) lichamelijk gehandicapte medemens? Moet de prediker dan zeggen: “ Nu mensen, dit was het, dit 'unieke' en 'onherhaalbare' kostbare leven? (. . .) Wie dwaalt er nu?”

Wim Baart antwoordt dat hij getroffen is door de zuivere toon van de brief van zijn collega en legt dan uit hoe hij tot het inzicht gekomen is: “Het is niet gering om een geloofsartikel als het 'eeuwige leven' te laten vervallen. Er is een periode in mijn leven geweest waarin ik dit eeuwige leven buitengewoon belangrijk heb geacht. Maar ons geloof wordt nooit een vanzelfsprekend en onveranderlijk bezit van ons. Het wordt voortdurend aangevochten door klemmende vragen die rijzen vanuit de verschillende situaties waarin we ons bevinden. Ons levenlang staan wij voor de noodzaak om antwoord te geven op steeds weer nieuwe vragen. Daardoor verkeert ons geloof in een voortdurend veranderingsproces. Het zou mij liever geweest zijn als het anders was geweest en ik voor de rest van mijn leven had kunnen rusten op de eens verkregen resultaten. Maar zo heb ik de afgelopen zestig jaren niet ervaren.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden