Melkert was nog nooit zo nederig en meegaand

DEN HAAG - In de 3,5 jaar dat hij hem nu meemaakt, had fractievoorzitter Marijnissen van de Socialistische partij minister Melkert van sociale zaken nog nooit zo meegaand gezien. En hij was niet de enige. De bijna nederige houding die Melkert gisteren aannam in het Kamerdebat over de tegenvallende salarisstrookjes deze maand, stond in schril contrast met zijn gewoonlijk meer hautaine optreden.

Twee weken geleden, toen de onrust over de salarisstrookjes de kop op begon te steken, deed Melkert dat nog in Kamer op zijn meer vertrouwde manier af. Paniek om niks, wacht nou eerst maar eens rustig af, was zijn boodschap. Maar sindsdien zijn de salarisstrookjes binnengekomen en werden de protesten luider en luider. Ook maandag, toen Melkert een brief aan de Kamer stuurde, waarin hij nogmaals wilde uitstralen dat er weinig tot niets aan de hand is, hield hij die houding nog vol. Maar die dag begon het in ieder geval bij veel Kamerleden te dagen dat er wel degelijk een probleem is.

Hoe arrogant soms ook, Melkert heeft meer dan voldoende politieke voeling, om te weten dat gelijk hebben in de politiek van aanzienlijk minder belang is dan gelijk krijgen. En dus boog hij gisteren even zo vrolijk mee met de sinds maandag in de Haagse politiek heersende wind. Voor degenen die hem nauwgezet volgen een vrij uniek verschijnsel, maar daarom nog niet onbegrijpelijk.

Tamtam

Op prinsjesdag kondigde het kabinet met veel tamtam aan dat, na alle jaren van saneren en offers brengen, de tijd eindelijk aangebroken was om iedereen te laten meedelen in de groeiende welvaart. De koopkracht van nagenoeg alle inkomens - uitkeringen, lonen en pensioenen - zou in 1998 stijgen. Soms een klein beetje, in andere gevallen, zoals de AOW, fors.

Daarmee werden verwachtingen gewekt, die deze maand voor sommige inkomensgroepen tot des te grotere teleurstellingen leidden. De Kamer en het ministerie van sociale zaken werden de afgelopen dagen overstelpt met woedende brieven en telefoontjes van mensen die soms honderd gulden netto minder kregen overgemaakt dan in december.

Melkert trachtte de afgelopen dagen uit te leggen dat dat lagere inkomen in januari op zich nog niets hoefde te betekenen voor de rest van het jaar. Pensioenfondsen komen pas later in het jaar met de aanpassing van de uitkering aan de loonstijging of de inflatie, maatregelen die het kabinet heeft genomen voor lastenverlichting worden pas later van kracht en bovendien, koopkrachtcijfers geven maar een gemiddelde aan, was de louter op Haagse logica gebaseerde verklaring van de minister.

Hij moest gisteren echter erkennen dat er een groot verschil is tussen de in Den Haag in allerlei modellen berekende werkelijkheid en die welke door de invididuele burger ervaren wordt. Alle mooie verhalen over de economie laten zich voor de gewone inkomenstrekker niet rijmen met een loonstrookje waarop ineens een lager bedrag staat.

Het inkomensbeleid zit zo ingewikkeld in elkaar dat het normaliter al niet te volgen is voor een gewone sterveling, maar dit jaar komt daar een extra complicatie bij. Sinds 1 januari is de wet Pemba (Premieheffing en Marktwerking bij arbeidsongeschiktheid) van kracht. Volgens die wet betalen de werkgevers voortaan de WAO-premie en werd de AAW-premie helemaal afgeschaft. Om dat te compenseren werd de overhevelingstoeslag, die werknemers sinds een aantal jaren krijgen als compensatie voor het feit dat ze zelf een aantal premies voor volksverzekeringen gingen betalen, verlaagd. Bovendien werd een aantal andere maatregelen genomen, zoals compensatie via de ziekenfondspremie.

Tot zover is er ook niets aan de hand. Bij een 'normale' werknemer vertoont het salarisstrookje ook geen, door kabinetsbeleid veroorzaakt, lager bedrag. Maar er zijn inkomensgroepen, zoals ouderen met een aanvullend pensioen, mensen in de Vut, WAO'ers en ambtenaren voor wie die maatregelen niet toereikend zijn. Omdat ze geen overhevelingstoeslag hebben of omdat zij, zoals ambtenaren, een heel andere ziektekostenverzekering hebben.

Melkert ging ervan uit dat uiteindelijk alles voor die groepen later in het jaar wel op zijn pootjes terecht zal komen. Pensioenen worden bijvoorbeeld ergens in het jaar aangepast, de ambtenaren zullen in een nieuwe CAO een loonsverhoging krijgen, enzovoort.

Op dat uitgangspunt kreeg hij gisteren forse kritiek. Door de Pemba-operatie en het koopkrachtbeleid zo in elkaar te schuiven, heeft de minister de zaak enorm vertroebeld, meende CDA-woordvoerder Terpstra. Het betekent volgens hem dat een gepensioneerde met een wat groter aanvullend pensioen (boven 30 000 gulden), als de compensatie voor de Pemba-operatie (in dit geval de hogere ouderenaftrek in de belastingen) geïsoleerd wordt bekeken, er zo'n 2,5 procent op achteruitgaat. Vervolgens heeft het kabinet de indexatie van het pensioen nodig om dit jaar op koopkrachtbehoud uit te komen. Terwijl die indexatie voor heel andere zaken bedoeld is: om de inflatie te compenseren of om het pensioen met de lonen mee te laten stijgen.

Uiteindelijk, aldus Terpstra, is het kabinet zonder dat expliciet te maken, bezig de inkomens van ouderen te nivelleren. Het netto-verschil tussen alleen een AOW-uitkering en een AOW-uitkering met een aanvullend pensioen wordt zo kleiner.

Ambtenaren

Eenzelfde verhaal geldt voor de ambtenaren. Melkert erkende dat voor mensen met een Vut-uitkering de overhevelingstoeslag wellicht te laag is vastgesteld. Is die Vut'er ook nog eens ex-ambtenaar, dan profiteert hij niet van de compensatie die via de ziekenfondspremie wordt gegeven. Zo iemand wordt dus 'dubbel gepakt', aldus Terpstra. In dit geval willen de ambtenarenbonden volgens hem terecht dat de Pemba-gevolgen eerst worden gecompenseerd voor er over een nieuwe CAO wordt gesproken. Daarmee moet voorkomen worden dat een deel van de loonstijging voor de Pemba-reparatie wordt gebruikt.

De steeds maar groter wordende meevaller over 1997 (nu al rond de vier miljard gulden) stelt de tegenvallende loonstrookjes in een nog schriller daglicht, zo moest ook Melkert gisteren na afloop van het debat toegeven. Het geld om wat meer aan compensatie te doen, is er.

Bovendien kreeg hij van zijn partijgenoot, het PvdA-Kamerlid Van Zijl, een prima handreiking om zijn eigen gelijk overeind te houden en toch iets te doen. In de Kamerbreed gesteunde motie vroeg Van Zijl doelbewust om tijdelijke maatregelen. Door die tijdelijkheid blijft immers Melkerts stelling, dat in de loop van het jaar alles vanzelf rechtgetrokken wordt onaangetast en tegelijkertijd kunnen 'de ervaren werkelijkheid van de individuele burger en de berekende werkelijkheid van Den Haag' wat beter op elkaar afgestemd worden.

Ook met het oog op de nu snel naderende verkiezingen is die betere afstemming de coalitie heel wat waard.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden