Meisje van 14, dader en slachtoffer

De Palestijnse Hadeel Awad belaagde in Jeruzalem een man met een schaar, en werd gedood. 'We moeten dit stoppen.'

Een pubermeisje dat haar poppenwagen nog niet wilde afstaan. Op haar bed speelgoedberen op een zachte, intensroze sprei. Nog jonger dan een pubermeisje was Hadeel Awad, veertien jaar oud, die in Jeruzalem dader en slachtoffer werd van het recente geweld.

Nooit ging ze in haar eentje vanuit Kafr Aqab - een stoffige, overvolle en door het stadsbestuur genegeerde wijk aan de andere kant van de Muur - naar het centrum van Jeruzalem. Ook niet met haar oudere nichtje Norhan (16), zoals ze afgelopen week deed. "Ze wist niet eens de weg", vertelt haar zus Haya (35), terwijl ze een onderscheiding laat zien die Hadeel op school kreeg voor excellentie.

"We zagen het op Facebook, konden het niet geloven. We dachten dat ze op school was", zegt Haya, die zich als zovelen afvraagt wat haar zusje bezielde haar dood tegemoet te gaan. Hadeel had haar nieuwe kleren aangetrokken.

Beelden van een bewakingscamera laten zien hoe de twee nichtjes met een schaar rondspringen, iemand belagen. Een oudere man, een Palestijn die ze kennelijk voor een Joodse Israëliër hielden, raakt licht gewond. Hadeel valt op de grond en wordt met een paar kogels gedood. Haar nichtje Norhan ligt een paar meter verderop gewond op de stoep, en wordt dan nogmaals beschoten.

Al twee maanden is Israël in de ban van steekpartijen. De Palestijnse daders zijn vaak jonge jongens, zonder dossier bij de inlichtingendiensten en zonder politieke affiliatie, in een enkel geval ook meisjes. Meestal gebruiken ze een mes, soms een schroevendraaier, een schaar. Feitelijk plegen ze zelfmoordaanslagen - wetend dat ze zonder pardon worden neergeschoten.

Bij het opgelaaide geweld zijn sinds begin oktober ruim twintig Israëliërs gedood. Aan Palestijnse kant vielen zo'n honderd doden. Sommigen bij demonstraties en rellen, anderen als ze een aanslag pleegden, zoals Hadeel.

"We moeten dit stoppen, deze zelfmoordacties van Palestijnse kinderen", schreef de befaamde Arabisch-Israëlische schrijver Sayed Kashua in een aangrijpende oproep aan alle Palestijnse ouders, leraren, politici.

Niet omdat Kashua de strijd tegen de bezetting afkeurt, maar omdat dit zinloze daden zijn van kinderen die niets anders kennen dan hun tweederangsleven in de achterstandswijken van Oost-Jeruzalem. "We moeten hun vertellen dat hun leven belangrijk is. We moeten hun leren dat het leven van anderen heilig is."

In het nachtkastje van Hadeel ligt haar rode 'I love you'-dagboekje. Op de eerste bladzijde een foto van haar broer Mahmoud. "Ik hoop dat je in de hemel komt", heeft ze er in haar nette handschrift bijgeschreven. Hij overleed deze week precies twee jaar geleden, op 24-jarige leeftijd, nadat hij in zijn hoofd was geraakt door een kogel van het Israëlische leger bij een protest bij het checkpoint van Qalandia.

Haya: "Ze was erg aan hem gehecht. Hij verwende haar, zijn kleine zusje." Heeft zijn dood haar naar Jeruzalem gedreven? "Dat weet alleen God", zegt Haya. Misschien weet ook haar nichtje Norhan het. Zij ligt gewond in het ziekenhuis, onder politiebewaking. Haar familie mag haar niet bezoeken.

Het checkpoint bij Qalandia, gelegen op de belangrijkste verkeersader tussen de Westoever en Jeruzalem, is sinds een uur of negen op deze donderdagochtend een complete chaos. Steeds langer worden de rijen auto's en vrachtwagens. Urenlang staan ze al vast.

De familie Awad, een grote clan in Kafr Aqab, voert actie. Ze blokkeren de weg met stapels autobanden, een grote vuilniscontainer en een auto waaruit opzwepende nationale liederen schallen. "We pikken het niet dat onze kinderen in Israëlische vrieskisten liggen. We eisen het lichaam van onze dochter en alle andere Palestijnen terug", klinkt het vanaf een geïmproviseerd podium.

Israël weigert de lichamen van gedode aanslagplegers aan de families te geven. Hadeel is nu een van de ruim dertig lijken die in het forensisch instituut in Tel Aviv liggen. "Een meisje nog, waarom executeerden ze haar? Ze hadden haar kunnen arresteren", zegt haar broer Abed (31). Hij gelooft de video trouwens niet, denkt dat zijn zusje werd opgehitst door iemand. "Maar als ze het voor haar broer deed, ben ik trots op haar".

De huidige praktijk van 'straat-executies' roept bij Israëlische mensenrechtenorganisaties steeds meer kritiek op. Zo schrijft B'tselem in een open brief aan premier Netanyahu dat Israël sinds de jaren vijftig geen doodstraf meer kent. "Uw regering staat het toe, moedigt het aan, dat politiemannen rechters en beulen worden", stelt B'tselem naar aanleiding van het doodschieten van mensen die geen gevaar meer vormen, zoals Hadeel toen ze op de grond lag.

"Israël snapt het Palestijnse volk niet", zegt Abed, die zelf jarenlang in de cel zat voor gewapend verzet, net als veel van zijn broers. "Als je ons harder onderdrukt, laait het vuur juist op." Of zijn veertienjarige zusje zoiets al voelde of dacht?

"Al onze jongeren worden door het geweld beïnvloedt", zegt de oudere zus Haya. "De soldaten in de wijk, de Muur hier vlakbij. Hoe vaak er niet traangas hier in huis is, de ramen stuk geschoten." Maar toch kan ze het niet bevatten. "Ze was nog een kind. Niemand mocht aan haar poppenwagen komen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden