Meer referenda staat gelijk aan meer frustraties

Ger Groot nieuwe foto Beeld Trouw
Ger Groot nieuwe fotoBeeld Trouw

Of daarover nu een raadgevend referendum wordt georganiseerd of niet, de wet op het raadgevend referendum staat op het punt van afschaffing. Ik zal er geen traan om laten.

De wet was een compromis dat van de weeromstuit uitmondde in de slechtst mogelijke regeling. Want ofwel je geeft de bevolking directe zeggenschap in de wetten en besluiten van het parlement en dan maak je het bindend. Ofwel je houdt vast aan het principe van de vertegenwoordigende democratie en dan organiseer je geen referenda. Dat laatste schijnt inmiddels voor 'ondemocratisch' door te gaan. Het volk moet werkelijk wat te zeggen krijgen, zo heette het. Wat het kreeg was een soort opiniepeiling zonder werkelijk gewicht.

In de nasleep van het Oekraïne-referendum hebben we geleerd wat dat betekent. Uiteindelijk werd de uitspraak daarvan door de regering gewiekst omzeild - en verzonk het volk nog dieper in de overtuiging dat het niets te zeggen had. Bij zo'n averechtse uitwerking kun je ofwel de hele zaak terugdraaien of des te resoluter voortgaan op de ingeslagen marsroute. Voor dat laatste schijnt er onder de bevolking een fikse meerderheid te zijn. Mij verbaast dat niet. Wanneer je iemand vraagt of hij meer of minder in de melk te brokkelen wil hebben, moet je stevig in je schoenen staan om een kruisje te zetten bij dat laatste. Wie laat zich die illusie graag ontnemen dat zijn mening de moeite waard is?

Mondig

Niet de mondige burger - en mondig heten wij sinds een halve eeuw allemaal te zijn. Vroeger werd óver ons geregeerd, nu hebben wij inspraak en beslissen mee. Intussen zijn we alleen maar steeds ontevredener geworden over de mate waarin onze stem ertoe doet. Omdat inspraak nu eenmaal niet betekent dat wat ík wil ook gebeurt. De directe democratie wil 'het volk aan de macht' en zegt 'het volk zijn wij' - maar vergeet dat dat volk allerminst één is.

Ze zegt: jouw mening doet ertoe - maar verzwijgt dat die mening te midden van al die miljoenen net zo onbetekenend wordt als in de tijd van de paternalistische politiek. Per saldo krijgt de burger met alle referenda en inspraakprocedures zijn onmacht alleen maar des te pijnlijker onder de neus gewreven. Hoe wijder de kloof tussen zijn democratische pretentie een stem in het kapittel te hebben en de ontnuchterende politieke werkelijkheid, des te groter zijn frustratie.

Daarom zal de burger zich, zodra de grenzen van de overzichtelijke gemeenschap overtreden worden, ook door een bindend referendum niet getroost weten. De getallen zijn er eenvoudigweg te immens voor, de krachten te onoverzichtelijk, de belangen te duister, het spook van de manipulatie te reëel. De échte beslissingsmacht van de burger is minuscuul op het onzichtbare af. Geen politicus zal hem dat rechtstreeks in het gezicht zeggen, want 'zijn stem doet ertoe' en hoe kan hij ánders naar de stembus worden gelokt? Helemaal onwaar is dat niet - maar daarmee is wel alles gezegd.

Aan die ontnuchtering geeft de vertegenwoordigende democratie nog de meest adequate gestalte. Haar principe is niet de participerende burger, maar omgekeerd: de burger die zijn politieke rechten een tijdlang uitbesteedt aan een professional. Aan het eind van diens termijn kijkt hij of zijn vertegenwoordiger en diens partij het een beetje aardig gedaan hebben, en stemt dan opnieuw op hen - of niet. Hij maakt zich geen illusies en is vast weleens boos, maar niemand spiegelt hem meer macht voor dan hij heeft. Tussen hem en de politiek bestaat een diepe kloof - en dat is goed zo.

Ger Groot doceerde filosofie aan de universiteiten van Rotterdam en Nijmegen. Voor Trouw bekijkt hij de actualiteit door een filosofische bril. Lees hier zijn andere columns.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden