Meer dan een messiaanse wegbereider

De auteur is gereformeerd predikant te Dronten en oud-voorzitter van het Confessioneel Gereformeerd Beraad.

R. VAN DEN BERG

Ik denk bijvoorbeeld aan het boek van de Kamper hoogleraar C. J. den Heyer 'Een joodse Jezus - de Christus der kerken' waarvoor Trouw op 3 mei aandacht vroeg. Kunnen we in deze tijd nog met de oude christelijke kerk van Hem belijden: vere Deus, vere homo, 'waarachtig God en waarachtig mens'? Is Jezus alleen maar een wegbereider op de messiaanse weg, een messiaanse figuur, zij het een messiaanse figuur bij uitstek, zoals prof. C. J. den Heyer zijn theologische studenten leert?

We worden vandaag geconfronteerd met allerlei alternatieve christologieen. Daarbij valt het op dat men niet meer de geloofsuitspraken van de oude christelijke kerk wil aanvaarden.

In de bekende geloofsbelijdenis van Nicea (definitief vastgesteld in Constantinopel in 381) beleed de kerk:

Wij geloven in een Heer Jezus Christus, de enig geboren Zoon van God, geboren uit de Vader voor alle tijden, God uit God, Licht uit Licht, waarachtig God uit waarachtig God, niet geschapen, een van wezen met de Vader, en door wie alles is geworden....

En op het bekende concilie van Chalcedon in 451 heeft de kerk getracht een antwoord te geven op de vraag hoe een persoon zowel God als mens kan zijn. Natuurlijk heeft de oude kerk dat niet anders kunnen doen dan met het begrippenmateriaal waarover men toen beschikte. Vandaag zouden we wellicht andere woorden gebruiken. Maar het ging de kerk om het grote geheim van het christelijk geloof: God Zelf heeft in Jezus van Nazaret onder ons gewoond. Het Woord is vlees geworden en God mens. Daarover lezen we telkens in de Schrift (bijvvoorbeeld Johannes 1, Colossenzen 1, Hebreeen 1). Over dit grote mysterie raakt de kerk nooit uitgezongen.

Verarming

Als dit lied het zwijgen wordt opgelegd, verstomt vanzelfsprekend ook de lofzang op de Drieenige God. Als men het grote mysterie van de menswording Gods niet meer belijdt, zal men zelfs de vraag moeten stellen, of wij nog wel door God zelf verlost worden. De geloofsbelijdenis van Nicea was voor de oude christelijke kerk een levenszaak. Als wij vandaag deze belijdenis loslaten, betekent dit een zeer grote verarming.

De geloofsbelijdenis van het concilie van Nicea (325) richtte zich tegen de opvattingen van Arius. Arius beweerde dat Christus slechts een schepsel was en daarom vreemd en ongelijk aan het wezen van de Vader. Men kon hem wel God noemen, maar in wezen was hij dat niet. Hij is geschapen. Weliswaar neemt hij als eerste schepsel een unieke plaats in in Gods wereld, maar hij was niet meer dan een mens.

Neo-Arianisme

In de nieuwe christologieen is sprake van allerlei vormen van neo-Arianisme. Het is net of de geest van Arius over de theologen vaardig is geworden. Alle goddelijkheid wordt van Christus afgestroopt. Alle nadruk wordt gelegd op het mens-zijn van Jezus. Nu kan men daar inderdaad nooit genoeg de nadruk op leggen. Als dit maar niet gebeurt ten koste van de belijdenis van zijn hoge komaf. En dat gebeurt heel vaak door hedendaagse theologen.

Voor prof. H. Berkhof is hij de volmaakte verbondspartner, de zoon van God krachtens een eigen nieuwe scheppingsdaad van God. Mevrouw dr. E. Flesseman-van Leer wil de formule God en mens uit de christologie verwijderen en haar vervangen door te spreken van "God in de mens" , de mens Jezus is de mens van Gods verbond. Voor dr. Simon Schoon is Jezus de waarachtige jood die helemaal volgens de tora heeft geleefd, "transparant naar God en mensen" , maar zeker niet "God-in-het-vlees" en volgens prof. H. Kuitert, die ook de belijdenis van Nicea met grote beslistheid verwerpt was Jezus slechts een mens "die tot aan de rand toe vol was van God" . Vele theologen met hen willen vandaag niet meer de belijdenis van Nicea voor hun rekening nemen. Dat zou incarnatietheologie zijn, theologie van de menswording Gods

Nu zullen we ons moeten afvragen wat daar achter zit. Daarover hoeven we niet in het onzekere te blijven. Men wil namelijk achter het christologische dogma terug naar de zogeheten 'historische Jezus', naar Jezus zoals Hij onder ons geleefd heeft en zoals de mensen hem gezien hebben. Men wil nog verder teruggaan. Men wil ook achter het getuigenis van de apostelen om te weten komen wie Jezus eigenlijk was. Daarbij maakt men graag gebruik van de zogeheten 'historisch kritische methode'.

De eerste vraag die natuurlijk daarbij bij ons boven komt, is of dit apostolisch getuigenis dan wel betrouwbaar is. Moeten we soms een onderscheid maken of zelfs een scheiding aanbrengen tussen Jezus zoals Hij geleefd en gepredikt heeft en de Christus die verkondigd wordt door apostelen zoals Johannes en Paulus?

Getuigenis

Een frappant voorbeeld van deze wijze van theologiseren vinden we in een recent onderzoek van de al eerder genoemde prof. Den Heyer. Hij legt telkens grote nadruk op de creativiteit van de jonge gemeente. Johannes en Paulus zouden op een creatieve manier hun theologische visie op Jezus ontwikkeld hebben. Geen wonder dat Den Heyer moeite heeft met het getuigenis van deze apostelen. Wat blijft er in zijn visie nog over van het geloof in de Christus der Schriften?

Als men er namelijk al bij voorbaat van uitgaat dat historisch kritisch onderzoek betekent dat alleen datgene waar en geldig is, wat in continuiteit is met het Oude Testament en het interstamentaire jodendom, zal men nooit tot het geloof komen dat Jezus meer was dan een vrome jood met een bijzondere boodschap. Immers alles wat daar bovenuit gaat is in deze gedachtengang slechts "dogmatische constructie en speculatie" . Ik denk dat het bij deze nieuwe christologie gaat om een verjoodsing van het Evangelie. Maar het grote mysterie van Jezus Christus, waarachtig God en waarachtig mens, verdwijnt in deze visie achter de horizon. Het gaat ten diepste om de vraag of wij het getuigenis van de apostelen nog serieus nemen en of wij vandaag nog op grond van het zelfgetuigenis van de Schrift willen geloven in de leiding van de Heilige Geest die Jezus zijn apostelen beloofd had.

Grote indruk

Bij het lezen van de bijbel treft het ons dat we 'hoge christologie' (in Jezus Christus hebben we met God zelf te maken) al in de vroegste geschriften van het Nieuwe Testament tegenkomen. Binnen een tijdslimiet van 20 jaar na de dood en opstanding van Christus schreef Paulus de brief aan de Thessalonicenzen en die aan de Galaten. Zou de apostel Paulus 'zo maar even' deze christologie bedacht hebben? Een dergelijke snelle ontwikkeling kan alleen verklaard worden uit de grote indruk die Jezus op zijn volgelingen gemaakt moet hebben. Ze moeten diep onder de indruk geweest zijn, niet alleen van wat hij zei en deed, maar ook van wie hij was.

Alles wat de apostelen verkondigd hebben over Jezus Christus moet wel ten diepste zijn oorsprong hebben in Jezus zeLf, in zijn zelfverstaan en zelfbewustzijn en in alles wat hij deed en over zichzelf verkondigde.

Als men zijn uitgangspunt neemt in de publikaties van joodse geleerden is het duidelijk dat vantevoren al vaststaat dat Jezus niet meer dan een mens kan zijn. Dat is het foute apriori van de nieuwe christologieen. Nergens zien we dit duidelijker dan bij de interpretatie van de titel 'Zoon van God'. Alle hedendaagse theologen die een alternatieve christologie voorstaan menen, dat we deze titel tegen de achtergrond van het Oude Testament moeten zien, waar hij een aanduiding is van de trouwe verbondspartner. Hij mag beslist niet de 'Zoon van God' in exclusieve zin genoemd worden.

Deze interpretatie gaat echter helemaal in tegen wat de evangelien berichten. Daar staat dat de joden trachtten Jezus te doden, omdat hij niet alleen de sabbat schond, maar omdat hij God zijn eigen Vader noemde en zich dus met God gelijkstelde. In de Synoptische evangelien staat dat hij bij het verhoor voor de hogepriester juist wegens godslastering veroordeeld wordt. In het Nieuwe Testament krijgt de term 'Zoon van God' dan ook een meerwaarde.

Het is heel verrijkend om te luisteren naar wat joodse geleerden vandaag aan christenen hebben te zeggen. Maar als hun interpretatie normatief wordt voor het christelijk verstaan van de Schriften, wordt het evangelie gemuilkorfd en verliezen wij het uitzicht op het grote mysterie van Jezus Christus in wie Gods oeverloze liefde zo duidelijk vlees en bloed is geworden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden