Meer bladen leveren meer fun, vinden de makers van de nieuwe allochtone magazines. Ze lachen de lezer tegemoet.

Voorbij zijn de tijden waarin allochtone bladen krantjes waren die door vrijwilligers uit de welzijnssector werden volgeschreven. De laatste jaren en zeker dit voorjaar zet de trend van de professionalisering onverminderd door. De krantjes waarin vooral problemen werden besproken zijn nu glossy's met verhalen over 'Hoe maak ik me mooi?' ,,Want de allochtoon is ook maar een mens dat een blad koopt om er leesplezier aan te beleven'', zegt Jorge Cuartas, onderzoeker bij een 'etnomarketingbureau'.

De maandelijkse glossy Sen zal als het aan hoofdredacteur Senay üzdemir ligt niet onderdoen voor glossy's als Marie Claire en Linda. Maar hoe succesvol deze nieuwe bladen uiteindelijk zullen worden, moet de toekomst uitwijzen. Wel staat als een paal boven water dat ze doelgroepen bedienen die de huidige bladenmarkt links laat liggen. ,,De landelijke media berichten alleen maar negatief over allochtonen'', meent uitgever Abdelrazak Chraou van het maandblad Mzine.

Mzine (de lezer kan met de letter M vrij associëren: van Marokkaan tot Maghreb), zag twee jaar geleden het levenslicht en is een van de eerste bladen die zich op één specifieke doelgroep richt (Marokkaans-Nederlandse jongeren). Het verschijnt iedere maand in een oplage van 10000 exemplaren. In het maartnummer geen bekende Marokkaan op de cover, maar een oudere man die op de puinhopen van zijn huis staat, na de aarbeving in Noord-Marokko. Eerder prijkten cabaretier Najib Amhali, 'Idols'-zangeres Hind en de Marokkaanse koning Mohamed VI met vrouw en pasgeboren zoon op de omslag.

Iedere maand schrijft David Pinto -eveneens geboren in Marokko- er een column voor. Imam Abdulwahid van Bommel schrijft over de rol van de islam in het dagelijks leven: 'Het geloof is geen parttime bezigheid'. Verder deze maand een artikel over de successen en de nederlagen van het Marokkaanse voetbalelftal. Meer historisch van aard is het profiel van Abdelkrim Al Kathabi, die in de jaren dertig tegen de Spaanse bezetting van Noord-Marokko streed.

Hoewel de schrijfstijl niet erg hoogstaand is (omslachtige formuleringen), verschilt de onderwerpkeuze duidelijk van andere bladen, waarin Marokkaanse jongeren zulke verhalen niet of nauwelijks terugzien. Ook voor Senay üzdemir was het gebrek aan herkenning reden om het maandblad Sen voor de 'nieuwe' Nederlandse vrouw te maken. Het glossy-magazine richt zich op de 'mediterrane' vrouw van 20 tot 35 jaar, met name de Turkse en Marokkaanse.

Hoofdredacteur üzdemir is vanuit een 'maatschappelijke verantwoordelijkheid' met het maandblad begonnen. Ze merkte dat haar website Senay.nl veel werd bezocht door Turkse en Marokkaanse jonge vrouwen die hun problemen aan haar voorlegden. Ook in haar glossy behandelt ze in de rubriek 'vraag het Senay' issues waar bladen als Yes en Elle niet over reppen. Zo schrijft een Marokkaans meisje van 22 jaar dat ze graag op kamers wil wonen. Maar ze weet niet hoe ze dat aan haar ouders moet verkopen. ,,Bij mediterrane vrouwen spelen andere issues en zij hebben dus nieuwe verhalen. Op kamers gaan is in de Nederlandse cultuur de gewoonste zaak van de wereld. In mediterrane culturen wordt daar anders tegen aan gekeken, met name door de oudere generatie.''

Uit een onderzoek van MiraMedia (een stichting die ijvert voor meer kleur in de media) uit 2001 naar het mediagebruik van allochtonen, blijkt dat allochtonen zich niet alleen door Nederlandse, maar ook door 'eigen' media laten informeren. Doordat ze ook anderstalige nieuwsbronnen raadplegen zijn ze kritisch over de Nederlandse media. Zo leest tachtig procent van de Turken een krant in de eigen taal. Marokkanen lezen nauwelijks Arabische kranten en zijn meer gericht op Nederlandse media.

Websitedesigner Abdelilah el Amraoui lanceert binnenkort het nieuwe blad Ilaycoum -'voor kritische Marokkaanse jongeren'. Volgens El Amraoui is zijn doelgroep de landelijke media 'beu'. ,,In het NOS-Journaal zie je altijd Marokkaanse jongeren hangend op een plein. De ouderen zie je rondlopen op de markt. Jongeren zien amper de mensen terug tegen wie ze opkijken: mensen als de AZ-speler Boukhari en cabaretier Najib Amhali, en natuurlijk de leadzanger van de rapgroep Outlandish.''

In het eerste nummer van Ilaycoum staat een interview met juist die rapgroep. Het nieuwe tijdschrift beleeft deze maand met 20000 exemplaren haar debuut. In de kiosk zal Ilaycoum niet liggen, want dat distributiekanaal is te duur. Het blad hoopt via Marokkaanse winkels en op scholen de lezers aan zich binden. Ilaycoum wil een tijdschrift zijn waarin de Marokkaanse gemeenschap 'kritisch en vol moed in de spiegel kijkt'. In het eerste nummer doet Ilaycoum -Arabisch voor 'voor jullie'- alvast een poging. Zo brengt het blad een interview met Theo van Gogh. Oprichter el Amraoui vindt dat zijn blad taboedoorbrekend moet zijn. ,,We brengen geen encyclopedieverhalen, maar artikelen over loverboys en maagdenvlies-hersteloperaties.'' Volgens onderzoeker Cuartas hebben de nieuwe bladen meer kans van slagen, juist omdat ze zich op één doelgroep richten. Meerdere doelgroepen bedienen, leidt tot een mislukking, wijst de geschiedenis uit. Roof, het eerste magazine dat zich op Marokkanen, Turken, Surinamers én Antillianen richtte, was geen lang leven beschoren. Volgens Cuartas was de timing van het lifestyle blad verkeerd. ,,Toen Roof in 1996 op de bladenmarkt kwam, was het zijn tijd ver vooruit. Maar een Turk en een Surinamer hebben te weinig met elkaar gemeen. Diversity-marketing is het moeilijkste wat er is. De etnotoer, dus je richten op één doelgroep, is gemakkelijker.''

Positieve uitzondering op de regel is Black Beauty, een glossy met veel foto's, weinig tekst, gericht op de zwarte vrouw. ,,Het blad is luchtig, en behandelt geen maatschappelijke issues maar vragen als 'Hoe maak ik mezelf leuker?' En als je Afrikaanse roots hebt met bijpassende huid en haar, vind je die informatie nergens anders. Maar ook bij bladen als Black Beauty en Black Hair letten de makers er scherp op dat ze niet alleen foto's met Surinaamse modellen afdrukken.''

Ook het blad Kef, voor Turkse jongeren, heeft zich voorgenomen haar vingers niet aan politieke en religieuze issues te branden. ,,Onder Turken ligt links en rechts erg gevoelig. En wat geloof betreft: onder Turken heb je verschillende stromingen, van orthodox tot heel liberaal. We willen dat iedereen zich herkent in ons blad. Wij willen met ons blad uitstralen dat we allemaal gewoon Turks zijn, of je nu moslim, jood of christen bent'', aldus uitgever Baris Efe. Volgens de berekeningen van Efe telt de doelgroep 175000 potentiële lezers.

Met de komst van nieuwe titels rijst de vraag: hoe succesvol worden deze bladen? Mzine is twee jaar na de lancering nog steeds niet winstgevend. Het maandblad telt 1400 betalende abonnees. In de losse verkoop worden gemiddeld 700 exemplaren verkocht. Uit lezersonderzoek blijkt dat een kwart van alle Marokkaanse Nederlanders Mzine leest. ,,Ons blad zal niet alle Marokkanen in Nederland aanspreken'', bekent Chraou. Hij is dan ook niet beducht voor concurrentie van nieuwkomer Ilaycoum. Chraou: ,,Hoe meer bladen, hoe meer fun. Onze lezers lezen naast Mzine ook bladen als Yes, Metro en Spits. Marokkaanse jongeren zijn ook maar gewoon jongeren die van sport, mode en uitgaan houden.''

Volgens Cuartas is de markt nog lang niet verzadigd. ,,Op den duur zullen de goede bladen overleven.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden