Naschrift

Mebrie Melake (1990-2018) liet zien wat positieve kracht met mensen doet

Mebrie Melake tijdens het Afrikaans schoffelen.Beeld RV

Zijn hoge mate van integratie werd bij Eritreeër Mebrahatu Melake gekscherend afgemeten aan de zeldzame keren dat hij kwaad werd. Zijn onbegrip gold de belasting. "Tjonge jonge jonge", verzuchtte hij bij het zien van een aanslag. Om daar raadselachtig aan toe te voegen: "Ik ben een zoon van de belasting."

Dat 'tjonge jonge jonge' had hij overgenomen van zijn taalcoach, die deze uitdrukking nogal eens bezigde. Zijn leergierigheid was als een zich volzuigende spons. In 2015 kwam hij bij het Zaltbommelse pop-upnaaiatelier Elliz in Company binnenlopen met het verzoek of hij Nederlands mocht komen oefenen. Al snel had hij het naaiwerk onder de knie en produceerde hij honderden vlaggetjes. Vanaf een geel plakbriefje op de naaimachine dreunde hij daarbij als een mantra nieuwe woorden op. Met die vrolijke energie om dingen te leren, zorgde hij voor veel plezier bij zijn collega's.

Mebrie - in de omgang ook Mapri, Mabre of Melak genoemd - was meer dan iemand om (mee) te lachen. Voor de nauwkeurige observator kleefde er iets zwaars aan hem, al was hij gesloten over het verleden. Tijdens de schaarse momenten dat er een schaduw over zijn gezicht gleed, praatte hij wel over het gemis van zijn moeder, die hij nooit meer zou zien en met wie slechts spaarzaam telefonisch contact mogelijk was. Of over zijn slechte nachtrust. Om zijn onrust te verdrijven, ging hij 's morgens in alle vroegte hardlopen, over de dijk heen en terug van Zaltbommel naar Rossum, een kilometer of twintig.

Voor de buitenwereld was hij de rasoptimist met humor die hoopvol naar de toekomst keek. Met een absolute wil om als Nederlander in zijn nieuwe land iets van het leven te maken. In het naaiatelier, een sociale ontmoetings- en werkplaats om mensen dichter bij elkaar en bij de arbeidsmarkt te brengen, sprak hij eigenaar Elze Frie als 'mama' aan. Samen met haar achter de laptop werd zijn magere algemene ontwikkeling op alle gebieden bijgespijkerd. Ja, ook seksuele voorlichting. De middentwintiger met zijn beladen levenservaring wist, aanvankelijk tot zijn kwaadheid, van niets.

Gulle lach

Hij paste zich snel aan. Met het Sint-Maartensfeest kon hij met zijn achtergrond in de Eritrees-Orthodoxe kerk onmogelijk met Nederlandse vrienden mee de afgeladen kerk in. Toen een van die vrienden zei niet te geloven, maar toch te gaan, zakte van verbijstering zijn broek af. Even later schikte hij zich naar de mores van zijn nieuwe land.

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

Bij zijn aanmelding bij voetbalclub Nivo Sparta, wimpelde hij de suggestie af om een Eritrese vriend mee te nemen. Om te integreren, wist Mebrie, moest hij zich Nederlander onder de Nederlanders voelen.Beeld RV

Altijd lag er een gulle lach op zijn gezicht. Alleen al door ergens binnen te komen nam het 'charmekanon' mensen voor zich in. Mebrie was ijdel en leergierig, koppig en ongeduldig en voor alles in. Hij stond klaar voor anderen zonder dat hij er iets voor terug verwachtte. Hij leerde Bommelaars in de gemeenschappelijke Torentuin 'Afrikaans schoffelen', witte een zes meter hoog donkerpaars plafond voor de nieuwe atelierruimte en hielp met verhuizingen.

Zo sloeg de vriend van iedereen een brug die wederzijds energie opwekte en hem voor velen als een voorbeeld voor andere vluchtelingen maakte. Frie: "Hij heeft ons zonder dat hij zich dat zelf bewust was laten zien wat positieve kracht met mensen doet."

Bij zijn aanmelding bij voetbalclub Nivo Sparta, wimpelde hij de suggestie af om een Eritrese vriend mee te nemen. Om te integreren, wist Mebrie, moest hij zich Nederlander onder de Nederlanders voelen.

Dat hij daarin was geslaagd, blijkt uit de energie die zijn team zelfs uit zijn dood haalde. "Het leven is oneerlijk", staat op Facebook. "Voor de tegenstander ook, want wij voetballen vanaf nu altijd met twaalf man!" Toen voor de afscheidsdienst zijn kist door het aangeslagen achtste elftal werd binnengedragen, hadden zich ruim 300 mensen verzameld in een gelijke mix van (voormalige) Eritreeërs en autochtone Nederlanders.

Mebrie had de aandacht op zich gevestigd. Met zijn recente promotie en vaste aanstelling als expeditiemedewerker richtte hij zich op zijn belangrijkste levensdoel: als pleegvader de zorg op zich nemen over zijn in Eritrea wonende neefje en nichtje, kinderen van zijn overleden zus en zwager. Hoe lang had hij ze niet gezien, hoe scherp stonden ze op zijn netvlies. Hij raakte er niet over uitgesproken.

De eerste grote stap was gezet. Op zijn verjaardag was bij de IND de asielaanvraagprocedure voor zijn in Ethiopië verblijvende vriendin en toekomstige vrouw Yorsalem in gang gezet. Twee etmalen voor zijn eerste autorit met fatale afloop.

Hardste werker

Mebrie werd in 1990 geboren in Liban, een hechte gemeenschap van circa zestig boerenfamilies. Hemelsbreed is de afstand tot hoofdstad Asmara slechts 35 kilometer. Kronkelige zandwegen en paden maken het dorp moeilijk bereikbaar en de bergen hullen mobiele telefoons in eenzaamheid. Het leven speelt zich buiten af, iedereen kent elkaar. Hoe groot was de overgang naar Nederland, de kou in combinatie met het binnenleven. Nabij de voordeur van Mebries woning hing zijn wollen muts binnen handbereik aan de spiegel.

Uit Liban stammen zijn sociale vaardigheden. In tijden van nood helpen de zelfvoorzienende bewoners elkaar als vanzelfsprekend uit de brand. Het werkzame leven begint er op jonge leeftijd. Vanaf zijn tiende hielp Mebrie zijn vader, een boer die geiten hoedt.

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

Beeld RV

Zijn oudere broer kwam in 2000 als soldaat om in de oorlog met Ethiopië. Het was de eerste klap voor vader en moeder Melake. Jaren later overlijden hun dochter en haar man, en krijgen zij de zorg over hun twee kleinkinderen. Dat is hun schamele troost nadat hun andere dochter en twee zonen zijn uitgewaaierd over Europa, en het gezin is ontmanteld.

Volgens zijn in Noorwegen wonende broer Tesfamariam was Mebrie de hardste werker van de familie, iemand die veel en vooral meteen wilde aanpakken. "Ik ben net als Mebrie, alleen was hij altijd vrolijk."

Mebrie werkte na school in garages of hij zocht, net als zijn dorpsgenoten, goud in de mijnen op acht uur lopen van Liban. Vaak ondankbaar werk, tien dagen geen goud vinden, betekent tien dagen niets verdienen. Daarbij is er het verontrustende vooruitzicht van onvrijheid en de dreiging om voor onbepaalde tijd in het leger te moeten dienen. Zoals zijn vijftien jaar oudere dorpsgenoot Russom Eraya, die achttien jaar militair was voor hij vluchtte. Hij zou Mebrie in Nederland terugzien.

Eenzame vlucht

Dat overkwam een andere dorpsgenoot, Abduselam Taha Omar, een fase eerder in 2014. Tijdens een donkere nacht werd hij in Libië in een vluchtelingenboot geladen om bij het ontluikende licht van de vroege ochtend Mebrie in zijn nabijheid te ontwaren. Jaren hadden ze elkaar niet gezien, in Nederland zouden zij hun vriendschap voortzetten.

Mebrie was in 2010 aan zijn lange, eenzame vlucht begonnen. Net zoals alle anderen repte hij daarover van tevoren met niemand, zelfs niet met familie. Veel ouders worden door hun verdwenen kinderen overvallen als zij vanaf de Libische kust worden gebeld met het verzoek om duizenden dollars voor de achterliggende reis door de woestijn en de nog te maken overtocht over zee. Het is de vraag of dat voor Mebrie ook gold. Gezien de duur van zijn reis, vier jaar, en zijn ondernemerschap is het waarschijnlijker dat hij onderweg zelf het benodigde geld verdiende.

Hij koos voor de moeilijkste, gevaarlijkste route, die via Soedan, Zuid-Soedan en Libië. Na een voettocht van minstens twee weken door bergachtig gebied, sloop Mebrie in het donker over de gevaarlijke grensovergang met Soedan. Hij verbleef drie jaar in het Zuid-Soedanese Djoeba, waar hij werkte als kapper en bij een oom in de winkel. Na de wekenlange, gevaarlijke tocht in een overvolle laadbak door de hete, heuvelachtige woestijn, verbleef hij een jaar werkend in Libië, alvorens een van de beruchte vluchtelingenboten richting Catania te nemen.

Met een internationale trein kwam Mebrie in 2014 in Nederland terecht, waar hij in vijf opvangcentra verbleef alvorens Zaltbommel zijn woonplaats werd. Daar woonde hij in een smetteloos appartement in de oude binnenstad, klaar voor zijn voorgenomen huwelijk en pleegouderschap. Met een slaapkamervullend tweepersoonsboxspringbed, een vaste baan, een op zijn 28ste verjaardag (3 april) gestarte procedure om zijn toekomstige vrouw naar Nederland te halen en weer een dag later zijn behaalde rijbewijs.

Verbijsterd

Op donderdagavond 5 april haalt Mebrie in Zeist de auto op die hij bij elkaar had gespaard, onder meer met het afwasbaantje in een restaurant dat hij er 's avonds naast zijn werk bij deed. In Zaltbommel pikt de trotse autobezitter zijn vriend Gerry Gilay Kedane thuis bij vrouw en kinderen op voor een ritje in de omgeving.

Het is donker als Mebrie een kilometer of vijftien verderop bij Brakel op de dijk de afslag richting voetbalcomplex en veerpont neemt. Leden van de club zien verbijsterd hoe de auto niet links het parkeerterrein oprijdt, maar de korte S bocht volgt, rechts links omlaag naar de onbeveiligde veerstoep, de Waal in.

Mebrahatu Melake werd op 3 april 1990 geboren in Liban, Eritrea, en overleed op 5 april 2018 in Brakel.

Vluchtend door de woestijn en op een afgeladen boot trotseerde hij levensgevaar. Met een hoofd vol vervulde en nog onvervulde dromen vond hij in de Waal zijn onvermoede noodlot.

In de rubriek 'Naschrift' beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende en minder bekende mensen. Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl Of per post naar Trouw/Naschrift, postbus 859, 1000 AW Amsterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden