Mateloos in leven en werk

Tomas Weterings 1972-2016

Zijn agenda stond altijd vol grote, rode letters. Ze waarschuwden hem voor aflopende termijnen en dan stond hij tot laat te faxen, soms tot tegen middernacht. Zijn vrienden belden dan ongeduldig vanuit het café. Maar hij moest door. Er stonden mensenlevens op het spel.

Als hij uiteindelijk in het café verscheen, dan was hij er helemaal. Vrolijk en spraakzaam, vrijgevig met rondjes, gul met complimenten voor zijn vrienden. Tomas Weterings verzamelde vrienden.

Dat was al zo in zijn jongensjaren op de Veluwe. Daar in de bijbelgordel tussen Apeldoorn en Zwolle behoorden zijn ouders tot de import die vrij was van godsdienst. Tomas speelde met andere importkinderen. Soms kwam het tot veldslagen met de 'boeren' of met de Molukkers van het woonoord in de buurt. Tomas deed niet aan vechten, hij kon praten als de beste en redde zich zo uit netelige situaties.

Hij kwam uit een 'talig' gezin. Zijn vader Lex, een psycholoog die in Zwolle werkte, en zijn moeder Elly, een juriste die les gaf aan een hbo-instelling, betrokken Tomas en zijn iets oudere zus Monica al jong bij hun gesprekken en discussies. Woordspelingen en taalgrapjes scherpten zijn tong.

Daar maakte hij handig gebruik van. Als hij weer eens te laat op de middelbare school verscheen, had hij een prachtig verhaal klaar. Hij was door een vogel precies in zijn oog gepoept en dat had de dokter moeten uitspoelen, of hij had een fietstrapper (op straat gevonden) in zijn hand als bewijsmateriaal van pech onderweg. Hij praatte zo lang en overtuigend dat hij ermee wegkwam.

Toen hij zeventien was, liet zijn moeder juridische meerkeuzevragen voor haar studenten, door Tomas beoordelen. Als hij aan de taal kon zien wat het juiste antwoord was, dan formuleerde ze de vraag opnieuw.

Toch ging het aanvankelijk op school niet zo best. Hij wilde beslist naar het gymnasium in Zwolle, net als zijn zus. Maar daar voerde hij eigenlijk geen klap uit. Toen hij een tweede keer zou blijven zitten, stuurden zijn ouders hem naar het vwo aan de christelijke scholengemeenschap in Heerde. Dat ging hem goed af, al maakte hij nog steeds geen huiswerk.

Tomas had het druk met zijn vrienden en met uitgaan. Café 't Stationnetje in Heerde was zijn pleisterplaats. Hij zag er goed uit, in zijn leren jasje en cowboylaarzen, een pakje zware shag bij de hand. Meisjes zwijmelden bij hem. Hij reed rustig vijf kilometer de verkeerde kant op om een meisje veilig naar huis te brengen, om dan afscheid te nemen met slechts een knuffel. Tomas was een charmeur, geen versierder. Op zijn fietstochten naar huis is hij ook weleens aangeschoten in het bos gaan slapen.

Toch was hij ook een sportman. Hij speelde fanatiek badminton en zijn moeder reed hem 's zaterdags het hele land door om aan wedstrijden mee te doen. Onbekommerd begon hij met een nieuwe sport. "Natuurlijk kan ik hockeyen."

Toen hij ging studeren, moest dat in Amsterdam zijn. Daar was hij al vaak gaan stappen met vrienden. De rechtenstudie was een warm bad voor hem. Nog steeds hoefde hij niet te blokken. Als hij een dag voor een tentamen de leerstof goed doorlas, zat alles in zijn hoofd.

Meteen meldde hij zich als vrijwilliger bij de rechtswinkel, een lokaal met vijf telefoons, waar studenten eenvoudige juridische vragen beantwoordden en zo nodig mensen doorverwezen naar professionele hulp. Toen de gemeente wilde stoppen met subsidiëring, kozen de studenten Tomas als voorzitter. Als tweedejaars studentje hield hij een vlammend betoog voor gemeenteraadsleden dat de rechtsstaat een farce was voor mensen zonder geld. De wethouder zwichtte, op voorwaarde dat Tomas en zijn maten voor haar juridische artikelen zouden schrijven over terrasvergunningen en sluitingstijden van cafés. Dat deed Tomas maar al te graag.

Na zijn studie ging hij in 2000 werken voor Bureau Rechtshulp Amsterdam, waar hij zich specialiseerde in vreemdelingenrecht, een lastig werkterrein. Tomas ontdekte al gauw dat Nederland heel moeilijk doet met buitenlanders (geen vluchtelingen, want dat is asielrecht). Wie toevallig verliefd wordt op een buitenlander en hier wil trouwen, krijgt het moeilijk. Kinderen met een buitenlandse ouder kunnen in een uitzichtloze juridische warboel terechtkomen. De hoogste instantie, de Raad van State, is de strengste van Europa, merkte Tomas.

Hij liep ook tegen arbeidsrecht aan en daarin wijdde zijn collega Monique Schellekens hem in. Toen zij in 2002 vertrok om advocaat te worden, zoenden ze elkaar voor het eerst op haar afscheidsfeestje. Een jaar later trok zij bij hem in.

Net als eerder bij de rechtswinkel werd de rechtshulp financieel afgeknepen. Weer kwam Tomas in het geweer, ook met het argument dat de overheid duurder uit zal zijn als mensen alleen nog maar bij advocaten terecht kunnen.

In 2004 werd Tomas zelf advocaat, bij Hemony Advocaten, een kantoor dat vooral werkt voor mensen zonder geld. Hij wilde niets anders dan sociale advocatuur, ook al verdien je daar betrekkelijk weinig mee. Hij gaf weinig om geld. "Ik hou van lekker eten en drinken, wil een rondje kunnen geven in het café, mijn tweedehands Ford rijden en dat lukt goed met mijn inkomen. Meer hoeft niet", zei hij in 2014 tegen het Advocatenblad. Als een cliënt de steeds hogere eigen bijdrage niet kon betalen, schoot hij dat voor. Soms betaalde hij ook het griffiegeld.

Het kantoor gaf hem de vrijheid om diep in vreemdelingenzaken te duiken. Hij kon giftig worden over commerciële kantoren die er wat gesubsidieerde cliënten bij doen, mooi oefenmateriaal voor een beginneling. Zonder gespecialiseerde kennis kiezen zij te vaak voor gebaande paden, ook al loopt de cliënt daarmee tegen de muur. Tomas zocht naar nieuwe wegen, bestudeerde eindeloos eerdere uitspraken om er een gaatje in te vinden. Zijn analyse was scherp, zijn argumentatie creatief. In het Europees recht vond hij aanknopingspunten om onder de Nederlandse strengheid en soms hardvochtigheid uit te komen. Hij vocht door tot aan het Europese Hof in Luxemburg. Tomas wilde winnen, voor zijn cliënten, maar ook voor zichzelf. Dat was al zo met badmintonnen. Hij sloot ook graag weddenschappen af. Het liefst met een kratje bier als inzet.

De zaken die hij deed, konden hem aangrijpen, vooral als kinderen de dupe dreigden te worden. Dat trof hem nog sterker nadat Monique hem in maart 2009 een zoon had geschonken, Max. Er was ook voldoening als hij mensen gelukkig kon maken met een geslaagde gezinshereniging.

De laatste jaren voelde Tomas zich vaak moe. Zijn mateloze stijl van leven en werken vergde veel van hem. Hij draaide wat bij, vooral om er voor Max te zijn. Maar hij bleef moe en kreeg pijn aan voeten en handen. Hij stopte met badminton en kwam weinig meer op kantoor, al bleef hij wel werken. Medisch onderzoek bracht geen problemen aan het licht, zijn lijf werkte goed.

Maar hij wilde geen honderd zaken tegelijk meer doen, hij wilde minder spanning en meer tijd doorbrengen met zoon Max. Het was beter om zijn kennis over te dragen op anderen. Hij zette een bijscholingscursus op voor advocaten. Die cursus zou goedkoper zijn dan die van commerciële aanbieders van bijscholing. Hij had al goede catering gevonden, dat was belangrijk. Zo zou hij ook zijn geld kunnen verdienen. Als advocaat zou hij zich dan richten op de moeilijkste gevallen. Die daagden hem uit.

Met Monique ging hij op zoek naar een vakantiehuisje. Op de camping in Bakkum, bijgenaamd Amsterdam aan Zee, vonden ze na een jaar zoeken en bieden een stacaravan zonder elektra of stromend water.

Een collega die zich zorgen maakte over Tomas, boekte voor hem een week ontgiften in Turkije, al nam hij wel een pakje shag mee. Daar viel hij zeven kilo af. Voor het eerst ging hij weer naar de sportschool. Na twee uur op de loopband, viel hij er duizelig vanaf. Een glaasje water hielp niet tegen een hartstilstand.

In het ziekenhuis hielden ze hem een paar dagen in coma. Toen opende hij zijn ogen, maar hij reageerde niet meer. Zijn 44ste verjaardag ging ongemerkt voorbij.

Tomas Pieter Alexis Weterings werd geboren op 10 juli 1972 in Zevenaar. Hij stierf op 28 juli 2016 in Amsterdam.

Als een cliënt de steeds hogere eigen bijdrage niet kon betalen, schoot hij dat voor. Soms betaalde hij ook het griffiegeld.

Meisjes zwijmelden bij de tiener Tomas. In 2004 werd hij advocaat.

Hij kon argumenteren als de beste. Als sociaal advocaat muntte hij uit in moeilijke zaken, met altijd een goed glas na afloop.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden