'Marokkaanse gemeenschap te weinig betrokken bij aanpak radicalisering'

Gebedsruimte in de Poldermoskee in Amsterdam Slotervaart. Beeld ANP

Amsterdam heeft opvallend veel inspanning geleverd en geld besteed om radicalisering van moslimjongeren te voorkomen. Veel meer dan andere Europese steden, waar de dreiging van extremisme groter was. Dat stellen Frank Bovenkerk en Floris Vermeulen in hun internationale onderzoek naar het tegengaan van radicalisering, dat ze vandaag presenteren.

Amsterdam ging na de moord op Theo van Gogh (november 2004) zeer intensief van start met radicaliseringsbeleid, schrijven de onderzoekers. "De impact van die moord was enorm. Maar er is wel heel veel geld uitgegeven aan een groepje van tien tot twintig echt geradicaliseerde jongeren. Zeker als je dat afzet tegen het budget van Londen, met vele honderden extremisten. Of Berlijn, waar nu twintig daar geboren en getogen jongeren spoorloos zijn. Die zitten waarschijnlijk in terroristische trainingskampen in Afghanistan of Pakistan."

Cultureel antropoloog en criminoloog Bovenkerk en Vermeulen, universitair docent politicologie van de Universiteit van Amsterdam, vergeleken de aanpak van Amsterdam met Londen, Berlijn, Parijs en Antwerpen. Alle steden worstelen met dezelfde dilemma's. Probeer je normen en waarden te beïnvloeden door een gematigde islamitische stroming te steunen? Of valt die ene extremist niet via de gemeenschap te bereiken en focus je helemaal op het gevaarlijke individu?

Naast Amsterdam geeft alleen Londen geld uit aan preventie. Vermeulen noemt dat 'dapper', maar tekent gelijk een minpunt aan: "Hier ging al dat preventiegeld naar de Marokkanen, in Londen zijn alle pijlen gericht op de Pakistani. Dat werkt heel stigmatiserend. Een hele gemeenschap is zo verdacht, zoals eerder de Molukkers." Amsterdam maakte daarbij de fout de Marokkaanse gemeenschap veel te weinig te betrekken bij de aanpak, stellen Bovenkerk en Vermeulen in hun onderzoek namens Forum, instituut voor multiculturele vraagstukken.

Wie is de vriend, wie vijand? Met wie doe je zaken, met wie niet? Alle steden maken discutabele keuzes. Vermeulen: "In Londen kreeg een orthodoxe organisatie flink wat subsidie. Met dat overheidsgeld was er een bijeenkomst georganiseerd waar werd verteld dat je niet moet gaan stemmen, er werden rare dingen gezegd over man-vrouw-verhoudingen en homoseksualiteit. Ik kan me voorstellen dat overheden daar problemen mee hebben. Aan de andere kant wil je juist deze groepen bereiken. Daar ligt de spanning."

Waar in andere steden gematigde moskeeën steun krijgen, koos Amsterdam, mede door een hevige discussie over scheiding van kerk en staat, voor een andere aanpak. De gemeente schakelde sleutelfiguren in, orthodoxe of zelfs (voormalig) extremistische, zoals Mohammed Cheppih. Wolven in schaapskleren, zeiden critici. "Het is nooit helemaal duidelijk wie zo'n individu vertegenwoordigt en hoeveel invloed ze hebben", noemt Vermeulen een ander minpunt.

Je moet islamitische organisaties betrekken bij je beleid, maar ook monitoren wat er met het geld gebeurt, adviseert Vermeulen. "In Londen werd dat spioneren. Daar lag de deelnemerslijst van een project tafeltennissen in de moskee bij de veiligheidsdienst. Dat leidde tot politie-invallen. Zoiets kan ook de doodsteek zijn, het einde van alle samenwerking. Het stigma is al zo groot. Zo krijg je mensen niet dichterbij je samenleving, maar creëer je extra vijanden."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden