Marlene Dietrich, de mysterieuze, fascineert tot op heden

Zo er iets het leven bepaalde van de gistermiddag in Parijs overleden filmster Marlene Dietrich (1901), dan is het wel het spel van het alles onthullende licht en het alles verhullende duister. Die steeds in elkaar omslaande krachten hulden haar jeugd, oude dag, ja hele prive-leven in nevelen en werden door haar ontdekker Josef von Sternberg omstreeks 1930 aangewend om haar te transformeren in een mysterieuze en onkenbare filmgestalte, die het publiek tot op de dag van vandaag fascineert.

Door haar eigen mystificaties en die van haar persagenten wist Dietrich het zicht op haar vroegste jaren lang te vertroebelen. Pas een in 1964 bij toeval in Oost-Berlijn ontdekt geboorte-certificaat bracht wat licht in de duisternis. Pas toen bleek dat ze niet in 1904 maar in 1901 geboren werd en dat ze in haar jeugd als Maria Magdelena von Losch door het leven ging. Die achternaam dankte ze aan haar stiefvader.

Welke rol haar echte vader, een officier van de Koninklijke Pruisische Politie, in haar leven speelde, is nooit duidelijk geworden. Zoals het haar vader verging, verging het alle figuren in Dietrichs leven. Het zicht op haar moeder verduisterde ze door haar de hemel in te prijzen. Over haar echtgenoot van wie ze jaren gescheiden leefde, maar die ze toch tot zijn dood trouw bleef, meldde ze niets dan goeds.

Ook over de vele beroemde mannen die in haar leven een rol speelden (onder anderen Josef von Sternberg, Erich Maria Remarque, Jean Gabin en Ernest Hemingway) had Dietrich nooit iets opmerkelijks te melden. Ook niet over zichzelf trouwens. Als we haar moeten geloven, was ze een braaf en gediciplineerd meisje van Pruisische huize, een keurige echtgenote en zorgzame (groot)moeder, die zonder dat ze er iets voor deed of aan kon doen een onvergankelijk filmidool werd.

De carriere van dit nauwelijks geloofwaardige toonbeeld van braafheid begon moeizaam. Als tiener nam ze vioollessen en droomde ze van een loopbaan als soliste. Aan die ambities kwamen door een polsblessure een eind. Vervolgens zette Dietrich haar zinnen op een carriere als actrice. Na een tijd als dansmeisje aan een rondreizende revue verbonden te zijn geweest, speelde ze in de jaren twintig, vrijwel onopgemerkt wat kleine rollen in toneelstukken en films.

Het keerpunt in haar loopbaan kwam eind jaren twintig. De Amerikaanse regisseur Josef von Sternberg was toen in Berlijn om 'Der Blaue Engel' (1930) te maken. Von Sternberg stroopte heel Berlijn af om een actrice te vinden die Lola Lola zou kunnen spelen, de verleidelijk vamp, waaraan de door de Duitse ster Emil Jannings gespeelde leraar Rath ten gronde gaat.

Toen Von Sternberg Dietrich op het toneel zag spelen, wist hij meteen dat zij en alleen zij Lola Lola kon vertolken, een vrouw die door haar zuivere erotiek en sensualiteit iedereen in verwarring en beweging brengt, een vrouw die door haar niet door een zondebesef belaste seksualiteit iedereen intrigireert en fascineert.

Lola Lola bezorgde Dietrich in een klap wereldfaam en behoort nog steeds tot de onvergankelijke hoogtepunten uit de filmgeschiedenis. Wie kent niet het door haar met zwoele stem gezongen lied 'Ich bin von Kopf bis Fuss auf Liebe eingestellt'? In wiens geheugen staat niet de scene gegrift waarin Dietrich zittend op een vat het publiek van onder haar hoge hoed een schalkse blik toewerpt, wanneer ze haar in een zijden kous gehulde rechterbeen frivool de lucht in werpt?

Na het succes van 'Der Blaue Engel' volgde Dietrich Von Sternberg naar Amerika. Ze maakte er tot 1935 nog een aantal films met hem (onder meer 'Shanghai Express', 'Blonde Venus', 'Morroco', 'The devil is a Woman') waarin ze Lola Lola-achtige vrouwen speelden. Ook door die films groeide Dietrich uit tot een van de meest fascinerende sterren van het witte doek.

De Amerikaanse films verschilden ook van 'Der blaue Engel'. In haar doorbraak-film was Dietrich nog een mollige deerne met een blanke toet die een ongecompliceerde erotiek uitstraalde. Naarmate ze langer met Von Sternberg samenwerkte, verdween deze natuurlijke lichamelijkheid steeds meer.

Meer en meer maakte haar ontdekker haar tot een kapstok waar omheen hij met filmische middelen (vooral met licht en donker, maar ook met make-up, kleding en beweging) een haast mystieke visie op de erotiek drapeerde. Zo maakte hij Dietrich tot een kunstmatige vrouw, tot een filmster in optima forma.

Dietrich had kortom veel aan Von Sternberg te danken. Dat blijkt ook uit de vele films die zij zonder hem maakte. In die films is ze vaak middelmatig en mist ze altijd de magie waarmee hij haar wist te omstralen. Maar Dietrich had toch genoeg in haar mars om het publiek ook los van haar ontdekker te boeien.

Ze maakte indruk door het aanbod van de Nazi's om weer in Duitsland te komen werken af te wijzen, door Amerikaans staatsburgeres te worden en door de Amerikaanse troepen te entertainen. Toen haar filmcarriere in de jaren vijftig in het slop raakte, begon ze aan een nieuwe carriere als zangeres en cabaratiere die haar overal ter wereld - en zelfs in Duitsland waar ze nog lang als een verraadster bejegend werd - triomfen bezorgde.

Pas in de jaren zeventig hield Marlene Dietrich het voor gezien. Ze trok zich terug in haar Parijse appartement en weigerde nog in het openbaar te verschijnen. Ook liet ze zich niet meer fotograferen en stond ze nog meer een enkele keer een interview toe.

Dietrich hulde zich weer in de nevelen waarmee ze ook haar jeugd en prive-leven omgaf. Zo gaf ze er tot op het laatst toe blijk van te beseffen dat ze voor het publiek, net zo als voor haar ontdekker geen vrouw van vlees en bloed was, maar een kunst-vrouw, een filmster in optima forma.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden