Marcel Otten bezweert met taal de werkelijkheid

'A Clockwork Orange' in de adaptatie van Marcel Otten, naar Anthony Burgess, wordt door Het Nationale Toneel gespeeld t/m 9 mei.

Marcel Otten (45) brengt zijn passie voor z'n moerstaal bepaald niet onopgemerkt in praktijk. Sinds hij het vertalen, met name van toneelwerk, tot beroep koos en de eerste door hem onder handen genomen stukken werden gespeeld, wordt zijn vindingrijke en beeldende taalgebruik alom geroemd. “Nooit geweten dat er zoveel synoniemen bestaan voor penis en vagina”, schreef een criticus met een verbaasd respect. Opvallend vaak wordt de zeggingskracht van een voorstelling rechtstreeks in verband gebracht met de spirit van Ottens vertaling. Critici moeten zich merkbaar inhouden om hun recensies niet te larderen met van vitale woordspeelsheid bruisende citaten. Marcel Otten vertaalt niet, Marcel Otten hertaalt.

“Ik kan nog altijd verbaasd staan over wat je met taal kunt”, zegt Otten, “je kunt ermee manipuleren en je er zoveel overwicht door verschaffen, dat het een machtsmiddel wordt. In 'A Clockwork Orange' heb ik heel veel verbaal geweld gebruikt.” 'A Clockwork Orange', een voorstelling naar de gelijknamige roman van de Britse schrijver Anthony Burgess (1917-1993), is gisteravond in première gegaan bij Het Nationale Toneel. In het colofon staat: vertaling Marcel Otten. “Ik heb het niet vertaald. Ik heb Burgess' toneelversie gezien in Londen en ook die bij de Volksbühne in Berlijn. Vreselijk. Ik heb maar een halve pagina gebruikt, verder voortgeborduurd op mijn intuïtie en de film, en dat weer getransponeerd naar het hier en nu. Ik heb hele stukken zelf geschreven, personages in elkaar gevoegd, zelf dingen verzonnen. Het stuk heeft nu een zéér gewelddadig einde, waarin hij zelfs zijn moeder vermoordt.”

De verfilming in 1971 door Stanley Kubrick is wel de meest controversiële film van de jaren zeventig genoemd. Burgess zelf distantieerde zich ervan, omdat Kubricks slot haaks stond op zijn happy ending. Na een hersenspoeling wordt hoofdpersoon Alex, leider van een onversneden terreur uitoefenende gang, een keurige burger die zijn verleden als een jeugdzonde beziet. Kubrick suggereert juist, met een ingemene grijns in het laatste shot, dat hij zijn vroegere gewelddadigheid hervat. Otten: “Die Kubrick was een cultfilm geworden, het was de eerste explosie van seks en geweld. Wat toen schokte, daar kun je nu niet meer mee aankomen, maar dat geweld kun je een extra dimensie geven door verbaal geweld. Mijn intentie was, hoe perfectioneer je de opzet. Alex en zijn gang hadden een eigen idioom gekregen. Goed idee, maar ik ga een stapje verder. Burgess maakte het zich te gemakkelijk. Bijvoorbeeld van bird, of chick, zo'n meid die te versieren is, maakte hij ptsitsa, naar het Russisch voor vogel. Dat is niks, daar heb je geen associaties bij. Het moet juist heel denigrerend zijn. Bij mij werd dat befkanarie.”

“Alex is een heel kiene jongen. Telkens als hij in situaties komt, waar hij moet oppassen, praat hij bij Burgess in hetzelfde taaltje verder. Moet niet. Dan moet hij juist netjes algemeen-beschaafd spreken. Bij theater moet het idioom meteen opgepikt worden. Je kunt er nu eenmaal niet terugbladeren. Waar ik zo'n taaltje vandaan haal? Uit de grote bekende duim. Je maakt lijstjes, pakt er verschillende slang-woordenboeken bij, Amerikaans, Engels, Russisch, maar ook Latijn, Vlaams. Het wordt een mengelmoes van allerlei talen. Ritme, alliteratie, rijm of klankassociaties zijn van die trucjes die je hebt om zo'n taaltje te fabriceren. Bij een zinnetje als 'Ekskuzereweer mijn hol' realiseerde ik me later dat in 'excuseer' het woord 'zeer', pijn, zit; dat het daarom klopte. Ook iemands fysiek gebruik ik. Zo heet het personage van de corpulente Huib Broos 'dikke duwboot, 130 kilo schoon aan de haak'. Ik weet niet waar ik het allemaal vandaan haal. Of neem: 'Ik gaf hem een horrorshow gave plombogrijns, beloofde met hulp van Grote Klaas en alle reclasso's dat alles biek zou komen en liet hem het gat van het trapportaal zien.' Het is allemaal onzin wat er staat en toch volkomen helder in de voorstelling.”

“Het gaat er niet om de realiteit weer te geven maar, zoals bij 'Vastgoed BV', naar het stuk van David Mamet over de makelaardij, om een taal die ze mogelijkerwijze zouden kúnnen spreken. Dat is echt een voorstelling voor makelaars geweest. Ze vonden het prachtig. In allerlei makelaarsblaadjes hebben citaten gestaan. Men wilde het zelfs integraal in het vakblad publiceren, wat helaas niet is doorgegaan vanwege de rechten. Daar word ik langzamerhand ook strontziek van, van die rechtenkwestie, van het eeuwig vertaler zijn. 'Vastgoed BV' bijvoorbeeld is oorspronkelijk een tragedie en ik heb er slapstick, een komedie van gemaakt. Toch staat er: vertaling Marcel Otten, anders kregen ze de rechten niet. Nog niet één zo'n vertaling is onder mijn naam in de boekhandel gekomen, zelfs niet als publicatie buiten de gangbare kanalen om: door Marcel Otten, naar. . . Ik vind dat zakelijk leiders beter moeten onderhandelen. Een Steven Berkoff weet ook best wat ik met zijn stukken doe, dat ik het niet maltraiteer. Hij is allang blij met het succes. Burgess was het niet met de film eens en zou het met mijn versie evenmin zijn. Op zo'n manier doet men mij èn Burgess tekort.”

Marcel Otten heeft economie, Engels, Frans, Nederlands, filosofie, Oudijslands en theaterwetenschap gestudeerd. “Toen ons daar werd gevraagd wat wij wilden worden, zei ik: je kan in Nederland maar één van de acht dramaturgen worden en die ene word ik.” Het homerisch gelach ten spijt werd hij dramaturg bij toneelgroep Theater. Toen de artistieke leiding er vertrok, stond ook zijn baan vervolgens op de tocht: “Dan vraag je je af: waar ben ik goed in? Toneel vertalen is, wist ik, het enige dat geld oplevert. Je moet gewoon de beste zijn. En die ambitie had ik wel.” In de afgelopen zeven, acht jaar heeft hij zo'n zestig toneelvertalingen gemaakt. Dat geeft hem de kans ook te investeren in eigen projecten. Hij is bezig met een literaire vertaling van de Oudijslandse Saga's: “Ik ben waarschijnlijk de laatste der Mohikanen - en de eerste - die dat kan. Het is de basis van de literatuur. Bijna niemand weet, dat Wagner zijn 'Ring' daarop gebaseerd heeft.”

Van de door hem vertaalde 'Edda' komt binnenkort een derde druk uit. Een tweede verzamelbundel met essays, proza, poëzie en toneel van de Duitse schrijver Heiner Müller heeft hij zojuist voltooid: “De 5-voetige jamben van Müller zijn in geen enkele taal zo vertaald, behalve door mij. Zo'n vorm vind ik voorwaarde, omdat hij daar kennelijk iets mee wil uitdrukken. Een Franse collega sputterde, dat het Frans daar geen referentiekader voor bood. Toe nou, zei ik, met een Racine en een Corneille nota bene. Ik ga altijd eerst naar de universiteit: wat is erover geschreven, wat voor dialecten komen er bij te pas, wat was de respons destijds, wat voor tongen heeft het losgemaakt, wat beoogde de schrijver ermee. Soms lijkt iets gemakkelijk, maar een Mamet bijvoorbeeld schrijft onaffe zinnetjes en dan moet je als vertaler verzinnen wat een personage mogelijk gezegd zou kunnen hebben. Dat is erg lastig. Ik ben heel secuur geworden, een Pietje Precies. Naar veel Heiner Müllers ga ik al niet als de titel slecht vertaald is. 'Russische Openbaring' las ik laatst voor 'Russische Eröffnung'. Dat Eröffnung een schaakterm is - opening - moet een vertaler weten.”

Otten werkt heel snel: “Soms geneer ik me er weleens voor. Dan ligt een stuk kant en klaar op tafel, maar wacht ik nog even met inleveren, omdat het zo ongeloofwaardig lijkt. Over 'A Clockwork Orange' deed ik het langst, drieëneenhalve maand. Ik vond het werken eraan verschrikkelijk, zat tegen die film aan te hikken. Bloed, zweet en tranen, en natuurlijk heel veel drank. Je geest wordt dan losser, je zwamt er wat op los. Leuke vondsten levert dat soms op. Het leukst was toen ik het resultaat las: goh, het swingt als een trein. Het is een muziekstuk geworden - elk hoofdstuk heeft ondertitels als 'allegro con brio' -, dat heb ik nooit eerder gehad. In de 'Edda' staat het ergens zo mooi: De dichters zijn de tovenaars van de taal. Ze kunnen de werkelijkheid bezweren.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden