Review

Mannen vielen óók voor Clinton

Wereldleiders adviseren, voor veel intellectuelen is dat misschien wel de aantrekkelijkste baan die ze zich kunnen voorstellen. Zo'n 2400 jaar geleden maakte de filosoof Plato zijn opwachting bij koning Dionysos van Syracuse, in de hoop dat die vorst zijn ideeën over de ideale maatschappij in praktijk zou brengen. In het Florence van de Renaissance gaf Machiavelli, die later een onverdiende reputatie kreeg als cynische machtsdenker, ongevraagde adviezen aan de heersende Medici van Florence.

Maar in de vele eeuwen die ons van Plato scheiden is nog altijd niet duidelijk geworden welk type leider uiteindelijk de meeste kans maakt de geschiedenis in te gaan als een groot regeerder, en welke rol intellectuele capaciteiten daarin spelen. Onder de Amerikaanse presidenten, bijvoorbeeld, waren enkele zeer belezen mannen, zoals Bill Clinton. Maar er waren ook presidenten die zich allerminst lieten voorstaan op academische kwaliteiten, zoals Ronald Reagan.

De kwestie van groot leiderschap staat centraal in de memoires van de Amerikaanse politicoloog en filosoof Benjamin Barber, 'The Truth of Power'. Barber maakte in de jaren negentig deel uit van één van de coterieën in Clintons omgeving. In het gezelschap van mensen als Barber neemt de president met groot intellectueel gemak de vraagstukken van de jaren negentig door. Ze spreken over de relatie tussen overheid en de vrije markt. Over de vraag hoe burgers moeten worden betrokken bij de publieke zaak. Over globalisering.

In de voetsporen van Plato en Machiavelli kan Barber het niet laten te hopen dat hij het beleid van de hoogste gezagdrager van zijn land met politiek-filosofische bespiegelingen kan beïnvloeden. De volkse Clinton is een intellectuele veelvraat, die kennis gulzig opzuigt en synthetiseert. Barber voelt zich door zijn adviseursstatus persoonlijk gestreeld; hoeveel academici kunnen zeggen dat de president hun werk voor het oog van de televisiecamera's een lovende recensie gaf?

Barbers vorige boek, 'Jihad versus MacWorld' (1995), was -en dat doorzag Clinton als geen ander- een belangrijke bijdrage in het debat over globalisering. 'MacWorld' is de wereld waarin consumptiegoederen grenzen slechten en culturen verwoesten. Met 'Jihad' verwijst Barber naar bewegingen, die raciale denkbeelden in stelling brengen in hun strijd tegen de moderniteit. De twee denkwerelden, MacWorld en Jihad, hebben geen enkel raakvlak. Ze zijn in oorlog. Geen wonder dat na de elfde september het boek opnieuw een bestseller werd.

Nadat Barber een paar jaar deel had uitgemaakt van Clintons kring van vertrouwelingen, moest hij erkennen dat hij niets had bereikt. Clinton vertaalde zijn intellectuele inzichten nimmer naar buitenlands beleid. Evenmin gebruikte hij zijn communicatieve gaven om Amerikanen te betrekken bij een nieuwe internationale rechtsorde. Clintons inzichten waren wereldomspannend, zijn feitelijke politiek bleef steken in hetzelfde Amerikaanse provincialisme dat presidenten als Reagan en vader en zoon Bush kenmerkt.

Clinton verzamelde wetenschappers om zich heen om er hersengymnastiek mee te bedrijven. Het was een spelletje mentale golf. Wat hij daarvan leerde, hield hij strikt gescheiden van zijn politieke beslissingen. Clinton stippelde zijn beleid niet met de Barbers van de wereld uit, maar met mensen als Dick Morris, de grootste politieke opportunist van Washington, die elk woord van de president toetste aan de laatste opiniepeilingen. Met hem bedacht Clinton sluwe strategieën om de Republikeinen de pas af te snijden.

Ontbeerde het presidentschap van Clinton dan visie? Zeker niet, vindt Barber. Clinton ondervond grote Republikeinse tegenstand. hij deelde daarom zijn beleid op in kleine maatregelen. Barber verwijt zichzelf dat intellectuelen van de Democratische partij Clinton nooit hebben kunnen brengen tot het formuleren van welluidende principes die samenhang brachten in zijn beleid.

De herinneringen die Barber optekent, leveren een onderhoudend portret van de jaren negentig op. Barber is een begenadigd waarnemer van details. De machteloosheid van goedbedoelde raad werkt ontluisterend. Al Gore, de vice-president, verschijnt regelmatig ten tonele als een scherp denker met slechte timing; zijn punten komen telkens op het verkeerde moment, en te laat. Barber ontkomt niet aan de conclusie dat de politiek een wereld is waar goede ideeën en intenties een luxe zijn.

Over de magische aantrekkingskracht en verleidingskunst van Clinton is veel geschreven. Maar Barber onderscheidt zich in dat auteurskoor door zijn lef: hij is bijna beschamend eerlijk, als hij vertelt over zijn eigen begeerte naar invloed. Hij aarzelt niet de verhoudingen tussen de mannen rondom Clinton 'erotisch' te noemen. De ondertitel van zijn boek, 'affaires', moet letterlijk worden genomen.

Er is geen wezenlijk verschil, onderkent Barber, tussen zíjn verhouding met Bill Clinton en die van Monica Lewinsky. De verleiding van de macht is geladen met erotiek en de fysieke nabijheid van de vorst Clinton vervult Barber met grote opwinding, want in de nabijheid van Clinton kunnen jaren van noeste wetenschappelijke arbeid tot een machtige ontlading ontkomen. Die nabijheid heeft hilarische kanten. Wanneer Barber bij een diner in het Witte Huis naast Clinton mag zitten -het ultieme teken van erkenning- moet/mag hij een bak met borrelnootjes met de president te delen. ,,Telkens als ik mijn hand achteloos probeerde uit te steken om een nootje te pakken, schoot de grote linkerhand van de president uit als een kop van een cobra in de opening van het bakje en blokkeerde hij mij de toegang.'

Het einde van deze affaire laat zich raden. Voor Barber is de flirt met de macht een teleurstellend intellectueel avontuur geworden. Hij is verleid door Clinton, en onbevredigd in de steek gelaten, een Monica Lewinsky met doctorstitel.

Barber zit nu niet meer aan tafel in het Witte Huis, hij doceert als vanouds aan de universiteit. Zijn herinneringen aan zijn verblijf in de hoogste kringen hadden gemakkelijk rancuneus kunnen worden, zoals bijvoorbeeld Plato overkwam. Barber weet voortreffelijk afstand te nemen van zijn ambities van destijds. Een spannend en leerzaam boek is het resultaat. Wie de koning dient, hoort zijn plaats te weten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden