Man-vrouw, de essentie van de wereldliteratuur volgens paperback-koning James Avati

Subtiel is het niet: je ziet een man, je ziet een vrouw. En tussen die twee broeit het: hij pleegt bijvoorbeeld overspel, zij weet ervan. Of: zij (tikje vulgair) heeft te veel gedronken, hij schaamt zich dood voor haar gedrag. Jaloezie & wanhoop, ontrouw & verraad, geilheid & allang versleten passie, je ziet ze in één oogopslag op de boekomslagen van James Avati.

En dat was precies de bedoeling van deze Amerikaanse paperbackkunstenaar, die illustraties maakte voor meer dan 620 romans van onder anderen Dostojevski en Faulkner, Steinbeck en Salinger.

Een boekomslag moet potentiële kopers grijpen, in drie seconden. Daarom ging James Avati in ieder boek - hij was een gepassioneerd lezer - op zoek naar het universele en altijd actuele thema van de relatie tussen man en vrouw.

Gaan zij straks met elkaar naar bed? Welke emotie wint in het hart van de overspelige vrouw: haar schuldgevoel of haar lust? Dat wil iedereen weten, zei Avati enkele jaren voor zijn dood: ,,En als je het niet wilt weten, dan probeer je het te onderdrukken, en dat lukt waarschijnlijk niet.”

,,Hij wist dat hij melodrama met de botte bijl maakte”, zegt art-director en ontwerper Piet Schreuders, auteur van het zojuist verschenen boek ’The Paperback Art of James Avati’. ,,Maar hij deed dat op een sensitieve manier.” Avati zette de emoties van zijn personages vet aan, hij vergrootte ze uit, maar zijn werk is nooit plat. Hij schilderde namelijk - anders dan zijn epigonen - echte mensen, van vlees en bloed.

De ene vrouw is een beetje mollig, de andere heeft een spitse kin, de haargrens van de held ligt gevaarlijk hoog op zijn voorhoofd, een shagje bungelt in zijn mondhoek. Wie naar Avati’s schilderijen kijkt - ze zijn nu in Gemeentemuseum Helmond geëxposeerd - ziet geen geïdealiseerde, Amerikaanse ’beauty’s’, maar zijn eigen buurmeisje, zijn oom of zichzelf.

Misschien zijn Amerikanen daarom niet meer zo enthousiast over zijn werk, zegt Schreuders: ,,Avati wil de algemeen menselijke natuur laten zien, een existentieel probleem, het menselijk tekort. Het Amerikaanse publiek vindt dat niet prettig, Avati is niet salonfühig”

Maar vroeger, in de jaren vijftig en zestig, vlogen boeken met Avati-omslagen in grote stapels over de Amerikaanse toonbank. De invloed van een illustratie op de verkoop van een boek is natuurlijk moeilijk te meten, maar deze stelling valt best te verdedigen: schrijver J.D. Salinger heeft het succes van ’The Catcher in the Rye’ (1951) óók te danken aan de omslagillustratie van Avati.

Misschien herkenden de lezers - die zo gretig afkwamen op de realistische, dramatische beelden waarin Avati de essentie van een literair werk wist te vangen - ook nog een andere kwaliteit. De kunstenaar maakte zijn boekomslagen met hart en ziel, met een totale toewijding.

Uit Schreuders boek - dat ook een uitgebreide, biografische schets bevat - blijkt hoe groot die toewijding was: met één boekomslag was Avati wekenlang bezig. Eerst las hij het boek, dan moest hij diep nadenken: wat zegt Alberto Moravia over de relatie tussen man en vrouw? Welk beeld raakt de kern?

Daarna ging Avati op zoek naar modellen (mannen en vrouwen), die hij in zorgvuldig uitgedachte scènes liet poseren voor een foto. Speelde het verhaal zich af in een specifieke setting - een café, een vervallen landhuis, op een houten veranda - dan moest hij ook die vinden en vastleggen. Zijn foto’s ontwikkelde hij zelf, het schilderen (de laatste fase) kostte hem misschien nog de minste moeite. ,,Eigenlijk deed ik in m’n eentje een hele productie”, zei Avati in de documentaire ’James Avati: A Life in Paperbacks’ (2000), van Piet Schreuders en Koert Davidse.

Zo veel energie stak hij in een schilderij, dat het eindresultaat - zijn beeld verkleind tot ansichtkaartformaat, de titel en auteursnaam er vet overheen - hem vaak tegenviel. Zijn ontevredenheid daarover groeide in de loop der jaren: art-directors kregen de macht binnen de uitgeverij, covers moesten een ’concept’ zijn, en niet langer een kunstwerk.

De ’Koning van de Paperbacks’, die alle hoogtepunten uit de wereldliteratuur van een omslag heeft voorzien, die zich zo emotioneel betrokken voelde bij de romans die hij las, ging vanaf de jaren zeventig steeds meer pulp illustreren. Zijn werk werd ’onecht’, vond hij zelf, oppervlakkiger, de boeken inspireerden hem niet meer.

Maar ook in zijn ’onechte’ nadagen bleef hij goed naar mensen kijken. Zijn ex-vrouw Jane Hammell beschreef Avati’s blik zo in de documentaire: ,,Je dacht steeds: hij kijkt écht naar me. Maar dan was het: Hoe gaat die kleur over in schaduw? Hoe zit het met de kleurschakeringen op je gezicht?”

Koning van de Paperbacks

Zijn allereerste boekomslag veroorzaakte meteen commotie. James Avati (1912-2005) schilderde voor ’The Other Room’ (1949) een blanke vrouw en een zwarte man. Een intieme relatie tussen zwart en blank, dat kon niet, vonden veel Amerikaanse boekverkopers. Maar de lezers gaven hen ongelijk: binnen een paar weken werden er één miljoen exemplaren verkocht. James Avati - door zijn uitgevers liefdevol ’onze eigen Rembrandt’ genoemd - wijdde bijna zijn hele artistieke carrière aan de covers van paperbacks. Gemiddeld maakte hij 15 schilderijen per jaar, in 40 jaar tijd. Hij was, zegt Avati-connaisseur Piet Schreuders: ,,onmetelijk groot op een vrij klein gebied”. Gemeentemuseum Helmond presenteert de eerste museale overzichtstentoonstelling ooit van James Avati (t/m 15 januari). Open: dinsdag t/m vrij 10-17 uur, weekend 13-17 uur, www.gemeentemuseumhelmond.nl, telefoon (0492) 58 77 16. Boek: Piet Schreuders & Kenneth Fulton, ’The Paperback Art of James Avati’ (2005), 010 Publishers, Rotterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden