Maier slechts beste afvaller

Anderhalf jaar geleden leek amputatie van zijn rechterbeen noodzakelijk, maar gisteren was Hermann Maier terug in de World Cup skiën. Twee weken training bleken zelfs voor deze man van extremen onvoldoende voor een klassering.

AMSTERDAM - Een wonder is het natuurlijk niet, net zo min als een kwestie van geluk. Maar toch, Hermann Maier klikt de ski's weer onder en een vloedgolf van superlatieven komt los. Alsof de Oostenrijker de mensheid zou zijn ontstegen.

Dat doet hij hooguit letterlijk, met het helikopterbrevet dat hij vorig jaar haalde. Hoezeer hij een wezen van vlees en bloed is, heeft hij de afgelopen anderhalf jaar ervaren, revaliderend van een motorongeval. Daarom was hij de eerste die zijn comeback op voorhand relativeerde: ,,Als ik me kwalificeer voor de tweede run, is mijn dag goed''.

De Herminator keerde dus onbevredigd huiswaarts, net als zijn schreeuwende volgers. Gewend als zij zijn dat bij de tweevoudig olympisch kampioen alles extreem is. Daarom leek het hen logisch dat hij na anderhalf jaar afwezigheid en een bijna-beenamputatie met zes Super G-trainingen terug zou zijn aan de top. Alsof het niet wonderlijk genoeg was dat hij meedeed.

Maier verwierf zijn onsterfelijkheid in Nagano, waar hij op de olympische afdaling een afgrijselijke val maakte. Hij lanceerde zichzelf voor een drievoudige salto en bleef vijftig meter verder voor dood liggen. De behandelend arts achtte verdere deelneming onmogelijk, Maier won drie dagen later goud op de Super G.

Zijn volgende zware val had wel ernstige gevolgen. De skiër, die ook buiten de piste de grenzen van de snelheid opzoekt, kwam op 25 augustus 2001 met zijn motor ten val. Zijn Nederlandse fysiotherapeut Vincent Vermeulen trof in het ziekenhuis van Salzburg een wrak aan. Tijdens de Spelen van Salt Lake City, waar zijn cliënt ontbrak, beschreef hij voor Het Parool de ravage.

,,Wat ik aantrof was schokkend, een hoopje ellende. Zijn lever functioneerde niet, een nier werkte niet meer en zijn rechterbeen lag totaal in puin. De bloedwaarden waren gezakt tot een onrustbarend peil. Ter hoogte van het scheenbeen was een gat geslagen van zes bij dertien centimeter. De huid zat vol metaalsplinters van de motor. Er leek geen redden meer aan. Het been moest eraf.''

Uiteindelijk bracht een gecompliceerde zeven uur durende operatie, waarbij een bovenarmspier werd getransplanteerd, redding. Vanaf het moment van ontwaken richtte Manier zich op een comeback. Nog op de intensive care werkte hij met een hand-ergometer aan zijn conditie.

Mentaal is Maier altijd op de ski's blijven staan. Even dacht hij zelfs aan een olympische start, een half jaar na zijn ongeluk. Het was niet eens het versplinterde rechterbeen dat hem daar weghield, maar zijn andere steunpunt. Een beschadigde zenuw vertraagde links het spierherstel.

Afgelopen zomer trainde hij weer in de sneeuw van Chili. Twee dagen nadat hij op een Super G een persoonlijk record had geskied, moest hij met hevige voetpijn naar huis. Bij zijn terugkeer, na drie weken rustpauze, bleek die nog altijd ondraaglijk.

Maier leek in een depressie te vervallen omdat zijn droom voorbij leek. Tot de dertigjarige man rond Kerstmis zijn privé-trainer Andi Evers belde met de mededeling: ,,Ik ben niet ziek, ik probeer het weer. Twee weken later stond hij, inclusief de twaalf kilo verloren spiermassa, op de Kuonisbergli in Adelboden, waar hij in 1998, 1999 en 2001 drie van zijn 41 World Cup-zeges boekte.

Dat Maier gisteren uitgerekend bij die zwaarste klassieker aan de start stond, was geen toeval. ,,Bij mij was en is alles nu eenmaal extreem.'' Zoals uiteindelijk ook zijn eerste en tevens laatste run was. Waar hij zich vroeger ontpopte als de onbetwiste triomfator, werd hij dit keer als nummer 31 bijgeschreven als beste afvaller.

De onverschrokken skiër van weleer gleed onwennig van de moeilijke, verijsde piste. Was hij donderdag en vrijdag in trainingen nog gelijkwaardig geweest aan zijn Oostenrijkse ploeggenoten; in de wedstrijd miste hij ritme en timing.

Zijn oude concurrenten onthaalden Maier desondanks met applaus aan de finish. De bewondering is groot, het realisme ook. De gisteren uitgevallen klassementsleider Bode Miller: ,,Ik ben onder de indruk, er is veel moed nodig om terug te komen na zo'n ongeluk. Maar je kunt niet even de World Cup binnenstappen en winnen. Dat zal nog wel even duren.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden