Maduro als olifant in de linkse porseleinkast van Zuid-Amerika

Parlementsverkiezingen in Venezuela, 6 december 2015. Het portret van de dan al overleden Hugo Chávez beslaat een hele wand bij een van de steumbureaus.Beeld AP

Terwijl het socialistische regime in Venezuela in rap tempo afglijdt naar een dictatuur, weigert links Latijns-Amerika afstand te nemen van Maduro.

Conservatief Mexico maakt zich zorgen. Volgend jaar zijn er presidentsverkiezingen en als de meest recente opiniepeilingen een indicatie zijn, zou het land voor het eerst in pakweg tachtig jaar weer een linkse president kunnen krijgen. Oud-burgemeester van Mexico-Stad Andrés Manuel López Obrador staat daarin fier bovenaan. Hij probeert het voor de derde keer, na eerder nipt te hebben verloren in 2006 en 2012, en voert een succesvolle pre-campagne dankzij zijn agressieve, populistische retoriek en een platform waarin sociale programma's en corruptiebestrijding centraal staan.

Als de campagne over enkele maanden goed en wel begint, hebben de tegenstanders van de linkse stokebrand een stevige joker in handen: Venezuela. López Obradors partij, de Beweging voor Nationale Vernieuwing (Morena) zit vol linkse activisten die openlijk sympathiseren met het socialistische bewind van de Venezolaanse president Nicolás Maduro, en dat valt bij veel Mexicanen slecht.

"Hij wil van Mexico een tweede Venezuela maken", is een door conservatieve politici hier veelgebruikte zin, verwijzend naar het 'linkse gevaar' van López Obrador en Morena. Het lijkt te werken; ondanks dat hij op steun van ongeveer een derde van het electoraat kan rekenen, wordt hij door het gros van de Mexicanen gewantrouwd. 'Venezuela' is daarbij een vaak gehoord argument.

López Obrador zelf moet zich bewust zijn van het electorale gevaar als sympathisant van Maduro te worden afgeschilderd maar hij lijkt zich er, wellicht tegen beter weten in, weinig van aan te trekken. Wanneer zijn partijgenoten op sociale media Maduro opzichtig prijzen, laat hij ze hun gang gaan. In het openbaar spreekt hij zich zelden uit over de situatie in Venezuela, en weigert hij het regime in Caracas te veroordelen.

Steun en solidariteit

En daarin staat de linkse Mexicaanse presidentskandidaat niet alleen. In de hele regio kan het bewind van Maduro, ondanks de catastrofale economische crisis en de golf van politiek geweld die de afgelopen maanden aan meer dan 120 mensen het leven heeft gekost, nog steeds op flink wat steun van linkse partijen rekenen. Ook veel intellectuelen en academici aan de linkerkant van het spectrum blijven zich achter Maduro en consorten scharen, of steunden hem in het verleden openlijk en houden zich nu opvallend stil over de crisis in Venezuela.

Zo verklaarde de Braziliaanse Arbeiderspartij (PT) van de vorig jaar afgezette oud-president Dilma Roussef en haar voorganger Lula da Silva op 16 juli haar 'steun en solidariteit' te verlenen aan het regime van Maduro, dat volgens de PT het slachtoffer is van een 'gewelddadig offensief van rechts in haar nieuwe fase van neoliberaal kapitalisme'. Ook socialistische en communistische partijen in Colombia en Chili steunen Maduro openlijk. En in juni deed Yeickol Polevnsky, secretaris-generaal van Morena, het geweld in Venezuela af door de vergelijking met Mexico te trekken: "Hier vallen meer doden."

Critici storen zich aan die houding en eisen dat links Latijns-Amerika zich uitspreekt tegen het regime in Caracas. Daartoe behoren conservatieve opiniemakers, maar ook progressieven die vol afschuw toezien hoe het ooit zo veelbelovende socialistische project van Maduro's voorganger Hugo Chávez degenereert tot een chaos vol schaarste en geweld.

"Hoeveel bewijs is er nodig om zij die niet overtuigd willen worden te overtuigen?", overpeinsde de Argentijns-Venezolaanse schrijfster Mori Ponsowy bijna wanhopig in mei, in de Argentijnse krant La Nación. "Misschien zijn er mensen vatbaar om van mening te veranderen tegenover zulk krachtig bewijs en anderen wier psyche hen daarvan weerhoudt."

Crisis

Voor de critici is het onbegrijpelijk dat er nog steeds steun bestaat voor een regime dat in hun ogen onverdedigbaar is geworden. Venezuela is na jaren van economisch wanbeleid in een schier uitzichtloze crisis beland. Nergens in de wereld is de economie de laatste jaren zo hard gekrompen als in Venezuela. Basale voedselproducten en medicijnen zijn schaars, terwijl hyperinflatie ervoor heeft gezorgd dat het basisinkomen van de meeste Venezolanen lager is dan in communistisch Cuba.

Intussen trekt de regering van Maduro de macht naar zich toe, culminerend in de wereldwijd zwaar bekritiseerde en als frauduleus bestempelde verkiezing voor een grondwetgevende vergadering van 30 juli. Daarmee maakte Maduro feitelijk een einde aan de Venezolaanse democratie. Het door de oppositie beheerste parlement werd opgedoekt, waardoor de regerende Verenigde Socialistische Partij van Venezuela alle macht in het land in handen neemt. 'La constituyente', zoals de vergadering in de volksmond heet, was daarmee het voorlopige hoogtepunt van maanden van gewelddadige onrust in het land.

"De linkse steun voor Maduro is ontzettend hypocriet", zegt Christopher Sabatini, hoofdredacteur van opiniewebsite Global Americans. "Maduro is in zijn handelen niet socialistisch, maar autoritair. Die hypocrisie onder intellectuelen en politici in Latijns-Amerika zorgt ervoor dat er te weinig regionale druk is op Venezuela. Hij kan daardoor doorgaan met zijn autoritaire project."

Dat er nog steeds steun bestaat voor Maduro heeft vooral te maken met de rol die diens voorganger Hugo Chávez speelde in het linkse bewustzijn van de regio. Chávez, een voormalige militaire couppleger, werd in 1998 tot president gekozen en begon in de daaropvolgende jaren een politiek project dat hij 'Bolivariaanse Revolutie' (verwijzend naar onafhankelijkheidsheld Simón Bolívar) en 'Socialisme in de 21ste Eeuw' noemde.

Tekst gaat verder onder de afbeelding

President Nicolas Maduro.Beeld REUTERS

Chávez kwam als geroepen. Een decennium na de val van de Berlijnse Muur was links in Latijns-Amerika op zoek naar inspirerende politieke projecten, terwijl het bejaarde regime van Fidel Castro in Cuba wegkwijnde en de Derde Weg in Europa klassieke socialisten de wind uit de zeilen haalde. Chávez bood een antwoord: zijn Bolivariaanse Revolutie gebruikte de enorme olierijkdom van Venezuela, dat de grootste bewezen oliereserves ter wereld heeft, om sociale projecten te financieren. Aanvankelijk had hij ook groot succes: de armoede werd gehalveerd, extreme armoede en analfabetisme verdwenen en in het in de decennia daarvoor door zelfverrijking van een corrupte elite geteisterde land kreeg vrijwel de gehele bevolking toegang tot gratis gezondheidszorg.

Nadat rechtse, oppositionele krachten in 2002 met Amerikaanse steun een mislukte staatsgreep pleegden en minder dan een jaar later middels een staking van oliemaatschappij poogden het land lam te leggen, kon Chávez op veel internationale steun rekenen, met name van linkerkant. Gestuwd door zijn enorme charisma radicaliseerde hij zijn Bolivariaanse Revolutie.Hij poogde middels petrodollars en steun van het bevriende communistische regime in Cuba - dat duizenden artsen en adviseurs stuurde in ruil voor goedkope olie - de invloed van Venezuela in de regio te versterken. Dankzij een linkse wind in Latijns-Amerika kon hij rekenen op steun vanuit Brazilië, Chili, Ecuador, Uruguay, Bolivia en Nicaragua. Chávez richtte enkele regionale organisaties op als tegenwicht tegen de Amerikaanse invloed in de regio, die hij steevast als kwaadaardig imperium afschilderde.

Messias

Chávez kreeg daarmee voor links in Latijns-Amerika de status van messias die Fidel Castro een halve eeuw daarvoor ook had, als een strijder voor sociale gerechtigheid en een symbool van regionale soevereiniteit ten opzichte van de VS met hun politiek van interventies in 'achtertuin' Latijns-Amerika. En Nicolás Maduro geldt, als zelfbenoemde erfgenaam van Chávez, ondanks zijn afbraak van de Venezolaanse democratie voor links in de regio nog steeds een symbool van verzet tegen het Amerikaanse imperialisme.

"Links in Latijns-Amerika bevindt zich wat betreft Venezuela in een lastige positie", zegt Asa Cusack van het in Londen gevestigde Latin America and Caribbean Centre. "Voor velen is het blijven steunen van de regering van Maduro juist een geloofwaardigheidskwestie. Ze hebben zich twintig jaar ideologisch aan het socialistische bewind Venezuela verbonden en als ze, ondanks de recente gebeurtenissen, plotseling Maduro bekritiseren kunnen ze zelf ten het mikpunt van kritiek worden."

Cusack zelf kent die ideeënstrijd als geen ander; hij was vanaf 2002, het moment dat Chávez de staatsgreep en de daaropvolgende oliestaking overleefde en diens 'Socialisme in de 21ste Eeuw' radicaliseerde, een fervent aanhanger van het regime in Caracas. Aan die ideologische liefdesrelatie kwam dit jaar echter een abrupt einde.

Recent schreef hij in de Britse krant The Guardian dat hij, na de golf van geweld van de laatste maanden en de grondwettelijke assemblee, het bewind van Maduro niet langer kan steunen: "Ik, net als andere progressieven, was zo geïnspireerd door de Bolivariaanse Revolutie dat ik de misstanden van het Chavisme negeerde. Maar gewillige blindheid is niet langer een optie."

Cusack zegt evenwel te begrijpen dat er nog steeds veel steun is voor Maduro. Niet alleen heeft dat volgens hem te maken met de nalatenschap van Chávez, maar ook omdat de Venezolaanse oppositie in de ogen van veel Latijns-Amerikanen ongeloofwaardig is. "Veel leden van de oppositie, zoals Leopoldo López, steunden in 2002 de staatsgreep en dat wordt niet vergeten", zegt hij. "Daarnaast heeft de oppositie echter geen helder idee van wat er ná Maduro zou moeten komen. Haar doel is een einde te maken aan het Chavisme, maar ze biedt geen echt alternatief."

Regionale top keert zich tegen grondwetgevende vergadering

De nieuwe Venezolaanse grondwetgevende vergadering mag in eigen land dan stevig de touwtjes in handen hebben, op regionale steun kan ze nauwelijks rekenen. Vorige week keerden zeventien landen in Noord- en Zuid-Amerika, waaronder Mexico, Canada en Argentinië, zich tegen de vergadering tijdens een bijeenkomst in de Peruaanse hoofdstad Lima. In een gezamenlijke verklaring riepen de zeventien landen de Venezolaanse regering en oppositie op met elkaar in gesprek te gaan, ondanks het feit dat iedere vorm van overleg tussen beide partijen de laatste jaren niets heeft opgeleverd.

Lees ook: Om af te rekenen met kritiek is er in Venezuela nu een superparlement

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden