Madrid eist in Brussel de binnenste ring op

De Spaanse premier Rajoy (midden) tussen andere regeringsleiders op de top voor zuidelijke EU-landen in Madrid. Beeld REUTERS

Het gat dat Groot-Brittannië achterlaat wil Spanje opvullen. De regering-Rajoy blaakt van het zelfvertrouwen.

Spanje ruikt zijn kans schoon nu Groot-Brittannië de Europese Unie verlaat. Madrid was weliswaar een van de meest uitgesproken tegenstanders van de Brexit maar nu die onvermijdelijk is, neemt ze graag de plek van Londen in. De ambitie om bij de grote vier van Europa te horen, droeg de regering van premier Rajoy in elk geval de laatste weken zoveel mogelijk uit. 

Bijvoorbeeld tijdens de rel rondom Gibraltar. Madrid overtuigde Brussel eerder deze maand ervan om in de Brexit-spelregels expliciet op te nemen dat Spanje vetorecht heeft als de relatie met Gibraltar aan de orde komt. De nieuwe minister van buitenlandse zaken Alfonso Dastis greep in deze kwestie vooral de gelegenheid aan om zijn tanden te laten zien. 

"Spanje is EU-lid dus als het over Gibraltar gaat moet de Europese Unie Spanje's kant kiezen", zei hij zelfbewust in een interview met de krant El Pais.

En ook premier Rajoy blaakte van zelfvertrouwen toen hij in maart aanschoof bij een minitop in Versailles met de grote drie: Duitsland, Frankrijk en Italië. Bovendien organiseerde hij zijn eigen top in Madrid met zes Zuid-Europese landen om een gezamenlijke houding ten aanzien van de Brexit te bepalen.

Het was lang geleden dat Spanje zoveel initiatief toonde. Het land was het laatste decennium opvallend afwezig in Brussel. Dat had vooral te maken met de financiële crisis van 2008 die in Spanje keihard aankwam. Toenmalig premier Zapatero had zijn handen vol aan de torenhoge werkloosheid, bezuinigingen en grote corruptieschandalen in zijn eigen land. 

Tekst loopt door onder afbeelding. 

Jose Luis Rodriguez Zapatero Beeld EPA

Het Brusselse podium

Bovendien lukte het maar niet om topposities in Brussel in de wacht te slepen. Na Solana die tot 2009 verschillende hoge EU-functies bekleedde, maakte geen Spanjaard meer echt indruk in Brussel. Schitteren op het Brusselse podium was bovendien extra lastig geworden omdat de concurrentie was toegenomen door relatief nieuwe lidstaten als Polen.

Ook Zapatero's opvolger Rajoy liet het in Brussel afweten. Hij had zijn handen vol aan de politieke chaos die boven op de economische malaise kwam. Bij verkiezingen in 2015 en 2016 werd het tweepartijstelsel in het land doorbroken door de opkomst van nieuwe partijen die de vorming van een coalitie lastig maakte. Een jaar zat Spanje zonder regering. Een jaar waarin het binnen de Europese Unie noodgedwongen geen rol van betekenis kon spelen.

Nu er een nieuw kabinet is gevormd, durft Madrid een plek in de binnenste ring van Brussel op te eisen. Om die wens kracht bij te zetten, reisde een paar ministers direct na installatie naar Brussel af om eensgezind hun Europese aspiraties te tonen. "We moeten assertiever en actiever optreden binnen de EU", zei minister van buitenlandse zaken Dastis onlangs, tot voor kort de Spaanse vertegenwoordiger bij de EU.

Tekst loopt door onder afbeelding. 

Alfonso Dastis, Spaanse minister van buitenlandse zaken. Beeld REUTERS

Pro-Europees

Daarbij laten onderzoeken keer op keer zien dat de Spanjaarden - die met een bevolkingsaantal van 48 miljoen misschien sowieso wel een vierde plek op het Europese hoofdpodium horen te hebben - opvallend pro-Europees zijn. Ook nadat ze harde bezuinigingen kregen opgelegd vanuit Brussel bleven ze de Europese Unie een warm hart toedragen.

Of dat nog altijd te maken heeft met het dictatoriale verleden - EU-lidmaatschap werd na dictator Franco als een grote bevrijding gezien, is de vraag. En hoewel de Spanjaarden de Europese club wel een stuk kritischer benaderen dan bij de toetreding in 1986, krijgen Eurofobe partijen vooralsnog geen voet aan de grond. Liever meer dan minder Europa, is nog altijd de dominante gedachte in Spanje.

Ondertussen gebeurt in omliggende landen het tegenovergestelde. Daar neemt het geloof in de EU af en doen anti-Europese partijen als de Nederlandse PVV of het Franse Front National het goed. Ook een land als Polen is door zijn extreem-rechtse regering naar de periferie van Brussel gedrukt. Morgen kan Spanje op de EU-top bewijzen of het klaar is om in het gat te springen dat Groot-Brittannië achterlaat.

Wat te doen met Britse zetels?

Wat doen we met de 73 Britse zetels in het Europees Parlement als de Brexit een feit is? Het lijkt een detailkwestie - er zijn wel grotere brexit-kopzorgen - maar Brussel denkt er al diep over na, met de Europese verkiezingen van 2019 in zicht.

Italië heeft gisteren aan de 26 andere niet-Britse lidstaten voorgesteld de 73 zetels over te dragen aan pan-Europese parlementariërs. Die komen uit een kieslijst met kandidaten die niet aan een land zijn gekoppeld en in de hele EU verkiesbaar zijn. Zo’n pan-Europese lijst is een oud idee. De Brexit is aanleiding het opnieuw op te dienen.

Waarom worden die Britse zetels niet gewoon opgeheven? Dan gaat dit reuzeparlement van 751 naar 678 zetels. De EU wordt immers ook kleiner. Het zou bovendien een smak geld schelen aan parlementaire salarissen en andere onkosten.

Zo makkelijk zal dat niet gaan, want dan dreigt de al bestaande ongelijkheid tussen lidstaten groter te worden. Bij de huidige zetelverdeling hebben kleine landen relatief meer invloed dan grote. Die ongelijkheid zal verder toenemen als de Britse zetels gelijkelijk worden verdeeld onder de andere landen.

Kortom: dit brexit-vlekje moet ook nog even worden weggewerkt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden